Skip to ContentSkip to Navigation
Over onsNieuws en agendaNieuwsberichten

Prof.mr. Jan Brouwer: ‘Verplichting om niet-inwoners te weigeren in coffeeshops is onrechtmatig’

13 december 2012

Nederlandse coffeeshophouders moeten vanaf 1 januari hun klanten vragen om te bewijzen dat zij daadwerkelijk in Nederland wonen. RUG-hoogleraar Jan Brouwer, juridisch specialist in vraagstukken van openbare orde en openbare veiligheid, vindt dat dit ‘ingezetenecriterium’ zo snel mogelijk moet verdwijnen. ‘Het criterium is even onrechtmatig als de inmiddels alweer afgeschafte wietpas. Dat was het instrument waarmee het ingezetenecriterium zou moeten worden gecontroleerd. Het beleid vraagt iets onuitvoerbaars en schendt bovendien het gelijkheidsbeginsel,’ stelt Brouwer.

‘De Nederlandse coffeeshophouder wordt opgezadeld met een verantwoordelijkheid die in redelijkheid niet op zijn schouders thuis hoort,’ aldus Brouwer. ‘In feite is het alsof de exploitant van pretpark de Efteling wordt verplicht om bezoekers uit België aan de poort te weigeren, omdat zij zo vaak verkeerd parkeren in het plaatsje Kaatsheuvel - dat niet in de directe omgeving van het park is gelegen. De overlast in Kaatsheuvel wordt de exploitant aangerekend, maar die heeft daar geen enkele invloed op. Dat kan juridisch niet, het benodigde causale verband tussen het een en het ander ontbreekt.’

Juridisch drijfzand

‘Van een caféhouder kun je niet eisen om een persoon bij de deur te weigeren omdat die klant onderweg naar het café een verkeersovertreding heeft begaan,’ geeft Brouwer nog een voorbeeld. ‘Als klanten er in de nabijheid van het café een zootje van maken, dan is er voldoende verband om maatregelen tegen de caféhouder te nemen. Maar een caféhouder een overtreding van die klant elders in de gemeente aanrekenen, is op juridisch drijfzand gebouwd.’

Overlast en vogelvrij

Het OM trekt samen met burgemeesters op. Die laatsten zijn verantwoordelijk voor de handhaving van openbare orde. Op die manier kan er een effectieve sanctie worden uitgedeeld bij niet-naleving van de gedoogcriteria. De burgemeester kan een coffeeshop sluiten op grond van overlast. Als coffeeshops zoveel overlast veroorzaken, zou je verwachten dat de een na de ander zou worden gesloten, maar dat is niet het geval.

Brouwer: ‘Nederland telt 415 coffeeshops, waarvan er vorig jaar vier op basis van overlast zijn dichtgegaan. Met de directe overlast van coffeeshops valt het dus nogal mee. De coffeeshophouder verantwoordelijk houden voor gedrag waaraan hij part nog deel heeft, maakt hem tot een vogelvrij verklaarde. Dat is niet alleen onrechtmatig, maar ook onverstandig. De coffeeshophouder levert – ook volgens het formele beleid – een nuttige bijdrage aan de volksgezondheid: de scheiding van de markten voor cannabis en die van riskante drugs.’

Gelijkheidsbeginsel

De kern van het Nederlandse gedoogbeleid zat voor coffeeshophouders tot dusver in twee criteria waarmee zij bij de verkoop rekening moesten houden: verkoop geen cannabis aan minderjarigen en verkoop niet meer dan vijf gram per klant per dag. De coffeeshophouder heeft het zelf in de hand om aan die eisen te voldoen, en die zijn volgens Brouwer dan ook redelijk en rechtmatig.

Het onrechtmatige van het ingezetenecriterium schuilt in het feit dat inbreuk wordt gemaakt op het gelijkheidsbeginsel. Dat is toegestaan, maar dan moet er een objectieve en redelijke rechtvaardiging voor die ongelijke behandeling bestaan. Die zoekt het Openbaar Ministerie in het bestrijden van de georganiseerde misdaad. Maar daarvan kan weinig terecht komen, al was het alleen maar omdat de Minister van Veiligheid en Justitie ‘lokaal maatwerk’ toestaat. Brouwer: ‘Dat betekent dat de georganiseerde misdaad in Amsterdam en omgeving niet wordt bestreden en in Maastricht wel. Daarmee ontvalt de rechtvaardiging van de ongelijke behandeling. Ik zie geen juridische legitimatie voor dit beleid.’

Het liberale Nederland

Nederlanders menen dat hun land in heinde en verre beroemd of berucht is vanwege het gedogen van in essentie illegale zaken zoals de verkoop van cannabis. Die reputatie taant zienderogen, nu nota bene in de Amerikaanse deelstaten Colorado en Washington eerder deze maand legalisering van zowel de teelt als verkoop van cannabis heeft plaatsgevonden. Nog eens vijftien andere staten zetten de verkoop en consumptie van cannabis op medische gronden op grote schaal voort. Brouwer: ‘Het Nederlandse gedoogbeleid wordt links en rechts ingehaald.’

Curriculum vitae

Prof.mr. Jan Brouwer is hoogleraar Algemene Rechtswetenschappen in Groningen en hoogleraar-directeur van het Centrum voor Openbare Orde en Veiligheid. Hij publiceert sinds 1996 over drugsoverlast en de bestuurlijk-juridische aanpak van die overlast. Bovenstaand betoog van Brouwer met VU-collega Staats- en Bestuursrecht Jon Schilder verschijnt deze week in het Nederlands Juristenblad (Jaargang 87, aflevering 44, 13 december 2012).

Laatst gewijzigd:15 september 2017 15:10
printOok beschikbaar in het: English

Meer nieuws