Skip to ContentSkip to Navigation
About usNews and EventsNews articles

Onderzoek: Angst en depressie bij de ziekte van Ménière.

16 augustus 2012

De Wetenschapswinkel Geneeskunde en Volksgezondheid doet momenteel veel onderzoek naar de ziekte van Ménière. Recentelijk heeft Soraya Nieuwburg voor de Wetenschapswinkel onderzoek gedaan naar angst en depressies bij patiënten met de ziekte van Ménière en naar hun partners.

 

De hoofdvraag van het onderzoek luidde: In welke mate ervaren patiënten met de ziekte van Ménière en hun partners angst en depressie? Na uitgebreid onderzoek kwam Nieuwburg tot de conclusies dat er zowel complentaire als congruente koppels voorkomen. Ook ondekte ze dat patiënten in de koppels waarin beide partners hoog scoren op angst, een ernstigere vorm van draaiduizeligheid ervaren. Patiënten in koppels waarin de ene partner hoog en de andere partner laag scoort op depressie, ervaren de symptomen als het meest ernstig. Patiënten in de koppels die laag scoren op angst en depressie ervaren de symptomen als het minst ernstig. 
 

Het gehele rapport en de samenvatting zijn te downloaden.

Laatst gewijzigd:05 april 2019 12:13

Meer nieuws

  • 27 september 2019

    Nieuwe therapie vermindert invloed stemmen horen bij jeugdigen

    Een nieuw ontwikkelde psychotherapie vermindert bij kinderen van 8-18 jaar de invloed van stemmen horen in hun hoofd. De therapie versterkt hun vaardigheden om met stemmen horen om te gaan. Dit blijkt uit onderzoek van Kim van Slobbe-Maijer, kinder-...

  • 23 september 2019

    Twee onbekende erectiestoornissen verminderen kwaliteit van leven

    Slaapgerelateerde pijnlijke erecties en meer dan vier uur aanhoudende erecties zijn twee onbekende en zeldzame erectiestoornissen, die grote invloed hebben op de kwaliteit van leven en op het seksleven van de mannen die eraan lijden. Een bepaald spierontspannend...

  • 11 september 2019

    Beurtelings roeien kan leiden tot snellere races

    Als roeiers om de beurt een slag maken in plaats van alle slagen synchroon uit te voeren, kan dat mogelijk leiden tot snellere eindtijden bij een race. Dit blijkt uit een proefschrift van bewegingswetenschapper Laura Cuijpers van het UMCG.