Skip to ContentSkip to Navigation
Over onsNieuws en agendaNieuwsberichten

Dr. René Veenstra: ‘Stop de wildgroei van anti-pestprogramma’s’

05 januari 2011

Op Nederlandse scholen heerst een wildgroei aan programma’s tegen pesten, waarvan niet duidelijk is of ze werken. Dat stelt socioloog René Veenstra van de Rijksuniversiteit Groningen. Het gevaar daarvan is geld te verspillen of, erger, dat de methode averechts werkt. ‘Onderzoek eerst wat werkt’, zegt Veenstra.

foto René Veenstra
Dr. René Veenstra

Een pestprotocol, waarbij in de schoolgang een serie regels aan de muur hangt. Weerbaarheidstrainingen. Of klassen die lief moeten doen tegen het ene plantje en schelden tegen het andere. ‘Je kunt het zo gek niet verzinnen, of scholen hebben het als methode tegen pesten’, zegt Veenstra. ‘Maar het is maar zeer de vraag of al die programma’s werken.’

Averechts

De socioloog pleit ervoor goed te onderzoeken of anti-pestprogramma’s werken. Een programma dat het pesten niet vermindert, is weggegooid geld. ‘Maar een methode kan ook averechts werken’, waarschuwt Veenstra. ‘Bij zo’n weerbaarheidtraining leert ook de pester hoe hij een effectieve schop uitdeelt. En als een slachtoffer van zich afbijt, kan dat in sommige gevallen het pesten juist verergeren.’

Het belang om pesten te verminderen is groot, legt Veenstra uit. Voor de slachtoffers, die tot ver na hun schooltijd de negatieve effecten van pesten kunnen ervaren. ‘Maar ook de pesters blijken later minder goede sociale vaardigheden te hebben’, zegt Veenstra. ‘Pesten heeft zelfs een negatief effect op kinderen die zien dat anderen er slachtoffer van zijn. Ook zij hebben het minder naar hun zin op school.’

Finse methode

Het is tijd voor een bewezen effectieve methode, stelt Veenstra. Hij pleit voor de Finse methode KiVa. ‘In een onderzoek uit Cambridge naar het effect van anti-pestprogramma’s wereldwijd, kwam deze methode als beste uit de bus. Op 75 procent van de scholen in Finland is KiVa inmiddels ingevoerd. Op die scholen is het pesten met 30 tot 40 procent afgenomen.’

In het KiVa-programma krijgen de leerkrachten een training om pesten beter te herkennen. ‘Als er fysiek gepest wordt, is dat wel te zien. Vooral subtielere vormen van pesten, zoals leugens verspreiden over iemand of iemand buitensluiten, zijn soms moeilijk te signaleren.’ En het programma voorziet in structureel overleg tussen de leraren, zodat zij van elkaar kunnen leren. Maar ook de leerlingen moeten aan de slag. Via lessen, onder meer met rollenspellen en een computerspel, krijgen ze inzicht in hoe pesten werkt en leren ze wat je er tegen kunt doen.

Groepsproces

Veenstra werkt al enkele jaren samen met de Finnen. ‘Het sterke van de methode is dat het zich niet richt op de pesters en de slachtoffers, maar op de hele klas. En pesten is nu eenmaal een groepsproces’, zegt Veenstra. Daarom onderzoekt Veenstra’s onderzoeksgroep de werking van pesten door sociale netwerken van klassen te construeren. ‘Als je weet hoe de groep werkt - wie de pester is, wie de helpers zijn en wie de populaire leerlingen - kun je beter optreden tegen pesten.’

Eind vorig jaar kreeg Veenstra een miljoen euro van het ministerie van Onderwijs om de Finse methode te testen. In 2012 start het onderzoek. Gedurende twee jaar worden verschillende methoden vergelijken: 35 scholen gaan door op de oude voet, 35 scholen krijgen het KiVa-programma en 35 scholen gebruiken het KiVa-programma plus de sociale netwerkanalyses van Veenstra. ‘Als onze methode werkt, hebben we een programma dat bewezen effectief is en dat hopelijk de standaard wordt in Nederland’, zegt Veenstra. ‘Om het geld hoef je het niet te laten, het kost een paar euro per kind.’

Curriculum Vitae

Dr. René Veenstra is universitair hoofddocent sociologie aan de Rijksuniversiteit Groningen. Daarnaast is hij gasthoogleraar aan de universiteit van Turku in Finland. Binnen het onderzoeksprogramma TRAILS, waarin jongeren langdurig worden gevolgd, doet hij onderzoek naar sociaal gedrag, vriendschap en pesten. Veenstra studeerde onderwijskunde en algemene pedagogiek in Groningen en promoveerde in 1999 op een onderzoek naar verschillen in prestaties en vorderingen tussen leerlingen in het voortgezet onderwijs.

11 reacties

Linda de Wagt ( January 9, 2011 at 19:48 pm)

Hoe kan het nou gebeuren dat René Veenstra zo de negatieve toon kan zetten over het onderwijs zonder dat er iemand reageert?

Hoezo "Op Nederlandse scholen heerst een wildgroei aan programma’s tegen pesten, waarvan niet duidelijk is of ze werken"? Heeft René Veenstra daar onderzoek naar gedaan, of wellicht andere deskundigen? Wat zijn de cijfers en resultaten? Ik ben erg benieuwd!

Ik kom nu op verschillende discussiegroepen dit artikel tegen, handy zo’n digital flyer! Ik vind het alleen wel erg kort door de bocht wat deze dr. René Veenstra de wereld inslingert! Meneer Veenstra doet andere methodes en scholen echt tekort en daarbij zet hij een heel negatief beeld neer van scholen die er wel toe doen en actief werken met goede methodes!

Ik heb de behoefte om even een beeld te schetsen hoe het werkt in de schoolpraktijk. Voordat een school een methode aanschaft, of dat nou voor rekenen is of voor een goed pedaggogisch klimaat in de school, gaat daar een ruime tijd aan onderzoek, proefdraaien, evalueren en analyse aan vooraf! Wat past bij de leerlingen populatie, leerkrachten, cultuur van de school, zijn onder andere vragen die heel nadrukkelijk gesteld worden voordat er een keuze wordt gemaakt.

Daarnaast schrik ik van het geldbedrag dat dit onderzoek heeft weten los te krijgen bij het minsiterie. Schandelijk in een tijd dat we in het onderwijs op veel manieren worden gekort.

met vriendelijke groeten,
Linda de Wagt, projectdirecteur EEM-VALLE Educatief

René Veenstra (January 11, 2011 at 10:55 am)

Niks dan lof voor scholen die proactief pesten tegengaan. Te veel scholen komen echter pas in actie als de nood hoog is. Over KiVa heb ik meer geschreven en het is heel genuanceerd wat ik denk:

Zie bijvoorbeeld:

Kennislink: Klassikale aanpak van pesten werkt

Didaktief Pesten

Of luister naar Radio 5

Moeder en werkzaam in het onderwijsveld (January 11, 2011 at 11:21 am)

Ik ben blij met deze uitkomsten. Het werkt vaak niet, weet ik uit de praktijk. Jammer dat er blijkbaar weinig vertrouwen is in de wetenschap.

Drie jaar lang heb ik aan de bel getrokken op de basisschool van mijn zoon en er gebeurde er niets. Dit jaar lijkt het pestprobleem als sneeuw voor de zon verdwenen. Hoe dit komt? Een pittige leerkracht die durft op te treden, met gevoel voor de kinderen en een hele scherpe blik. Kortom, het kan dus wel en deze kinderen waarderen de leerkracht ook omdat ze een veilige omgeving creëert.

Mensen die in het onderwijs werken, moeten eens kritisch durven kijken naar hun eigen rol. Leerkrachten zullen daarnaast dialogen moeten aangaan MET alle partijen in één keer. Wees niet bang en zet de mensen MET elkaar aan tafel. Je haalt zo de spanning uit de lucht. Ik zie helaas veel “lange tenen” (ego’s) in het onderwijs en dat staat positieve verandering in de weg. Feitelijk ben je er als school medeverantwoordelijk voor wanneer een kind uit het onderwijssysteem valt en mogelijk een schoolfobie onwikkelt.

Adviezen: leerkrachten hebben een training nodig hoe te communiceren in dit soort situaties met ouders (daar ligt de eindverantwoordelijkheid m.b.t. het kind) en de kinderen. Ontwikkel daarnaast een goed observatievermogen waardoor er meer scherpte komt. Besteed toezicht op schoolpleinen in de lunchpauze niet uit aan ouders maar ga er als leerkracht zelf weer staan, net als vroeger!

Een docent weerbaarheid (January 12, 2011 at 14:53 pm)

Er zijn veel effectmetingen gedaan naar cursussen weerbaarheid op basisscholen. Ik kan het weten als docent weerbaarheid. Die metingen worden gedaan voor én na de cursus en geven vaak aan dat het pesten beduidend verminderd is op scholen. Heeft meneer Veenstra die ook meegenomen in zijn onderzoek? Natuurlijk zou het thema weerbaarheid een vast lesonderdeel moeten worden en is dat beter dan een eenmalige cursus, maar om nou te zeggen dat het helemaal niet werk, gaat absoluut te ver.

Yolande (January 13, 2011 at 16:37 pm)

Kindercoach is zo'n pestprotocol, waarbij in de schoolgang een serie regels aan de muur hangt. Dit geeft duidelijkheid aan de groepen en aan de ouders, meneer Veenstra. Dan weet iedereen hoe de regels zijn op onze school.

‘Je kunt het zo gek niet verzinnen, of scholen hebben het als methode tegen pesten’, zegt Veenstra. ‘Maar het is maar zeer de vraag of al die programma’s werken.’ Heeft Veenstra dit onderzocht? Er wordt nu een miljoen uitgegeven om dit te onderzoeken? Dus de Kanjertraining, Sociale Vaardigheidstrainingen, Oplossingsgericht Onderwijzen…het zou misschien niet kunnen werken? Ik denk dat de scholen zich terdege bewust zijn van wat bij hen werkt en wat niet.

Student (January 18, 2011 at 15:27 pm)

Het probleem is niet dat er een overdosis aan potentiële oplossingen is, zoals meneer Veenstra in zijn artikel schrijft, maar dat de effectiviteit niet duidelijk is. Er zullen inderdaad succesvolle en minder succesvolle programma’s zijn, maar er ontbreekt een éénduidige aanpak welke bewezen effectief is. In Finland is er dus een succesvol programma opgestart en voordat dit nou klakkeloos wordt overgenomen, met inderdaad bijvoorbeeld de cultuurverschillen in acht genomen, komt er een onderzoek naar de effectiviteit in Nederland. Ik geloof dat er een kloof wordt gecreëerd tussen de auteur en de mensen die reageren die er nauwelijks is. Meneer dr. Veenstra beweert niet dat alle programma’s niet werken, maar dat er teveel programma’s zijn die onbekende resultaten heeft of zelfs averechts werken. En dus ook programma’s bestaan die prima werken voor een bepaalde school, maar of dit in andere scholen geïmplementeerd kan worden of dat er wellicht andere oorzaken aan de daling ten grondslag liggen (zoals andere leraren), is onduidelijk. Daarom is het goed, voor iedereen, om duidelijkheid te scheppen of dit programma werkt; op meerdere scholen.

Susan Vergooszen (January 20, 2011 at 15:55 pm)

Stichting Pestvrij werkt met een zeer effectieve en meetbare methodiek die ontwikkelt is binnen het onderwijs!

De meeste scholen doen wel iets om pesten tegen te gaan: werkstukken, gedichten, tekeningen, boeken, films, antipest- protocol, etc. Sommige scholen hebben éénmaal per jaar zelfs een projectweek over pesten. Natuurlijk zijn dit goede initiatieven en deze moeten vooral blijven bestaan. Echter… tijdelijke activiteiten hebben ook een tijdelijk effect.
Scholen die werken met de methodiek Pestvrij voeren preventief en structureel activiteiten uit om het taboe dat op pestgedrag rust te verkleinen en positief gedrag te stimuleren. Omtrent de aanpak van pestgedrag wordt door iedereen binnen de school, alsook door ouders/verzorgers, dezelfde duidelijke regels en afspraken gehanteerd. Daardoor worden de begripsvorming en het veiligheidsgevoel vergroot.

Veelal gaat de aandacht vooral uit naar de pesters en de kinderen die gepest worden. Binnen de Pestvrij-methodiek zijn echter de groepsgenoten het allerbelangrijkst. Zij zien het gebeuren en zij zijn dus ook degene die er iets tegen kunnen doen. Wát zij kunnen doen wordt hen geleerd door gebruik te maken van de Pestvrij-materialen. Met name door het leerlingen-boekje, de film en het spel leren de kinderen wat zij kunnen doen om pesten tegen te gaan.

Bij de ontwikkeling van de Pestvrij-methodiek is rekening gehouden met het takenpakket van de individuele leerkracht: de systematische toepassing van Pestvrij vergt een zo minimaal mogelijke investering in personele uren en leidt tot een zo maximaal mogelijk rendement. Het uitgangspunt is dat de materialen gedurende meerdere schooljaren gebruikt worden. De structurele aanpak dient bij te dragen aan de attitudeverandering van de individuele leerling en leerkracht, van de groepen van leerlingen en het team van de school.

Pim Boswijk (March 8, 2011 at 12:18 pm)

Goed dat er aandacht is voor dit onderwerp, er kan niet genoeg aan gedaan worden, pesten laat vaak diepe sporen achter bij de slachtoffers. Ik wil wel enige nuance aanbrengen. Er zijn wel degelijk goede programma’s tegen pesten, zoals het No Blame (Sta Op bij Leefstijl) programma. Het voorkomen van pestgedrag begint echter bij preventie. Ik werk al 11 jaar voor Leefstijl en er zijn talloze voorbeelden van scholen die nauwelijks aan interventie moeten doen bij pestgedrag op school. Leefstijl bouwt (mits goed uitgevoerd) 24/7 aan een veilig klimaat op school en in de omgeving. Dit vraagt wel training en vooral bewustwording bij het team en de ouders. Maar ook goed lesmateriaal, een leerkracht wil niet uren voorbereiden als je al een hele dag hebt lesgegeven.

Mijn advies is, investeer in vaardigheden van de leerkracht en zorg dat men als team de gelederen sluit. Je kunt heel Scandinavie afstropen voor een goed programma, het is uiteindelijk de Nederlandse leerkracht die de competenties en de vaardigheden moet bezitten om zijn groep veilig te krijgen en te houden.
Leefstijl geeft al vanaf 1990 teamtrainingen en het materiaal is al meerdere malen aangepast aan de veranderende omstandigheden.

Zo is er bv ruim aandacht voor het omgaan met nieuwe media, een geliefd middel van jongeren om elkaar te pesten. Jongeren moeten in de gelegenheid gesteld worden om samen na te denken over bv de soms verstrekkende gevolgen van roddelen via Hyves, twitter etc. Doe dat op een aantrekkelijke manier voor jongeren en houdt rekening met hun groepsdynamiek. Ik heb zelf jaren met het Leefstijlprogramma gewerkt en je moet eens zien hoe graag jongeren bereid zijn om over pestgedrag te praten. Je moet alleen bouwen aan de veiligheid in de school en klas om tot diepere gesprekken en oefeningen te komen. En als er dan toch nog gepest wordt dat zal Kiva wellicht een prima alternatief zijn.

Fré Steen (March 8, 2011 at 13:01 pm)

Ik sluit me graag aan bij dhr. Boswijk. Een goede aanpak vraagt om multi-dimensionele aanpak. Startend bij het team. De visie. Wat voor school wil je zijn. Communicatie hierover met de ouders over deze visie / missie. Een degelijke, structurele en tevens leuke preventieve aanpak. (leefstijl is daar een goed voorbeeld van) Met daaronder een interventie-methode die aanvullend is aan de preventie.

In een goede methode tegen pesten, wordt het woord pesten niet gebruikt. Of Kiva hieraan voldoet, weet ik niet. Of er andere succesvolle methodes zijn? Dat weet ik wel. No Blame / Sta Op zijn daar voorbeelden van.

In het algemeen is het niet altijd zo dat een methode die breed ingevoerd is in het onderwijs, ook de beste is. Ook in Finland zelf zijn er scholen die de werkzaamheid van Kiva in twijfel trekken.

Ik ben zeer benieuwd naar het vervolg.

F. Steen
Master Trainer / Senior Trainer Coach
Lions Quest International

Pie Wetzer (augustus 23, 2011 om 19:49 pm)

Wat mij opvalt is dat de meeste reacties afkomstig zijn van mensen die op de een of ander manier betrokken lijken te zijn bij andere methodes zonder dat mij duidelijk wordt wat daarvan de bewezen effecten zijn. Waarom Veenstra verwijten dat hij deze nog niet onderzocht heeft? Ik begrijp dat hij KiVa wil koppelen aan zijn netwerkanalyses en drie werkwijzen met elkaar gaat vergelijken waaronder ook al bestaande werkwijzen van 35 scholen.

Ik ben leerkracht en intern begeleider op een basisschool en juich het onderzoek van Veenstra toe. En dat het ministerie van Onderwijs juist hier geld voor beschikbaar beschikbaar heeft gesteld is geweldig; het gaat om het welzijn van leerlingen. Dat met KiVa de aandacht op de eerste plaats naar de leerkracht uitgaat vind ik zeer gunstig want wat voor methode scholen ook in huis hebben, de leerkracht is de allereerste verantwoordelijke voor het pedagogisch klimaat; niet de methode.

Leerkrachten zijn niet opgeleid als pedagoog of socioloog, leerkrachten zijn opgeleid om onderwijs te geven. Dat zij in de praktijk te maken krijgen met pesters en slachtoffers is een gegeven maar het ontbreekt inderdaad vaak aan de juiste kennis. Dat is hen niet kwalijk te nemen; maar de leerkracht moet dus wel als eerste geholpen worden. En dan heel graag met hulp waarvan het effect van tevoren bewezen is.

Ik wens alle betrokkenen bij dit onderzoek bijzonder veel suces.

Timo (augustus 28, 2011 om 18:11 pm)

Adviezen: leerkrachten hebben een training nodig hoe te communiceren in dit soort situaties met ouders (daar ligt de eindverantwoordelijkheid m.b.t. het kind) en de kinderen. Ontwikkel daarnaast een goed observatievermogen waardoor er meer scherpte komt. Besteed toezicht op schoolpleinen in de lunchpauze niet uit aan ouders maar ga er als leerkracht zelf weer staan, net als vroeger !!!!

-
ben ik het compleet mee eens!

Laatst gewijzigd:15 september 2017 15:10
printOok beschikbaar in het: English

Meer nieuws

  • 13 december 2017

    Faculty of Economics and Business achieves 3-year EQUIS re-accreditation

    The European accreditation institution EFMD has just announced that the Faculty of Economics and Business (FEB) of the University of Groningen has been awarded the prestigious EQUIS accreditation for an additional 3 years. This re-accreditation was...

  • 28 november 2017

    Samenwerking gemeenten bespaart geen geld

    Anders dan gedacht verlaagt samenwerking tussen gemeenten de uitgaven van gemeenten niet. Ook leidt samenwerking niet tot een meetbare verbetering van de gemeentelijke voorzieningen. Dat schrijven Maarten Allers en Tom de Greef van het Centrum voor...

  • 27 november 2017

    #PanoramaRomantica in het Groninger Museum

    Speciaal voor de aanstaande tentoonstelling De Romantiek in het Noorden en de huidige expositie Ook Romantiek in het Groninger Museum, heeft het Reality Center van de Rijksuniversiteit Groningen een virtueel panorama ontwikkeld: #PanoramaRomantica....