Skip to ContentSkip to Navigation
Over onsNieuws en agendaNieuwsberichten

Filosoof dr. Pieter Boele van Hensbroek: 'Vrijheid heeft behoefte aan partizanen'

04 mei 2010

Vrijheid wordt in onze westerse samenleving als het hoogste goed beschouwd. We lijken ook vrijer dan ooit, maar schijn bedriegt, stelt filosoof Pieter Boele van Hensbroek. De druk van het moderne leven, veiligheidsmaatregelen en onze eigen nonchalance ten opzichte van het onderwerp zetten het vrijheidsbegrip onder druk. “Onze vrijheid dreigt ons te ontglippen”, stelt Boele daarom.

Het is een tegenstrijdige tendens, betoogt Boele, die is gespecialiseerd in niet-westers politiek denken. Mensen waarderen in toenemende mate dat ze hun eigen leven vorm kunnen geven, maar tegelijkertijd wordt volgens Boele die persoonlijke vrijheid van alle kanten belaagd.

Hele leven geconditioneerd

Dat onze persoonlijke vrijheid in het gedrang komt, ligt in de eerste plaats aan het huidige, snelle westerse leven, stelt de filosoof: “Niet alleen de werkomgeving raakt in hoge mate gedisciplineerd. Het geldt voor ons hele leven. In organisaties staat rationalisatie centraal, alles dient er volgens nauwomschreven protocollen te verlopen, scholen worden afgerekend op louter cijfermatige prestaties en zelfs de academische wereld lijkt steeds meer op een productiebedrijf. En kijk eens naar de VS, the land of the free. In dat land genieten mensen een hoge mate van vrijheid, maar ze hebben er bijvoorbeeld nauwelijks vakantie. Dat betekent dat hun leven voor een belangrijk deel door hun werksituatie is geconditioneerd.”

Paradijsvogels

Bewijs voor de stelling dat zelfs het hele leven in toenemende mate wordt gereguleerd ziet Boele in het ontbreken van bijzondere types met een sterk afwijkende levensstijl, de paradijsvogels. “Hoeveel van dat soort mensen vind je nu nog? Zowel in het maatschappelijk systeem als in de geest van mensen zit iets ingebakken dat mensen moeilijk maakt om af te wijken van de gemiddelde norm.” Boele verwijst in dit verband naar zijn eigen ervaringen. Hij woonde enige tijd in onder meer Sri Lanka en Zambia: “Ofschoon individualisering in onze samenleving een belangrijk thema is, zijn mensen in die landen eigenlijk veel individualistischer dan wij. Dat komt doordat het systeem er minder dwingend is. Je ziet er ook veel meer figuren die zich aan de rand van de maatschappij bewegen.”

Gareel

“De filosoof John Stuart Mill stelde aan het eind negentiende eeuw al vast dat er twee grote bedreigingen zijn voor onze vrijheid: de dominante overheid en de publieke opinie. Ik stel vast dat deze beide factoren in onze maatschappij mensen in steeds sterkere mate in het gareel houden.” Dat is bijzonder spijtig, vindt Boele, want het is juist de afwijking van de standaard die de drijvende kracht is achter vernieuwing in zowel afzonderlijke organisaties als in de maatschappij als geheel. Zo staat juist de op vooruitgang gerichte doelmatigheid, de gewenste vernieuwing in de weg.

Collectieve vrijheid

Een ander punt is hoeveel waarde wij daadwerkelijk aan vrijheid hechten, betoogt Boele. “Als samenleving zijn we bereid bijna zonder slag of stoot vrijheid op te offeren voor veiligheid, of beter gezegd, voor een gevoel van veiligheid. We nemen massale telefoontaps en absurde controles op vliegvelden voor lief. Het argument dat het opofferen van persoonlijke vrijheid nodig is voor collectieve vrijheid is echter een slecht onderbouwd verhaal.”

Partizanen

Ook als individu geven we zonder moeite persoonlijke vrijheden op, vult hij aan. “Hoeveel bezwaar hebben mensen er daadwerkelijk tegen dat ze bespioneerd worden door camera's, dat hun surfgedrag wordt vastgelegd en dat hun privégegevens in een medische databank worden opgeslagen? Het zijn zaken die door de meerderheid van de mensen zonder discussie worden geaccepteerd.”
Vrijheid ontglipt ons, stelt Boele om deze redenen. “De zorg hierover moet een tandje hoger. De vrijheid heeft verdedigers, partizanen nodig. Zowel bij burgers zelf als bij politici. Waar staan die laatsten voor als het er werkelijk op aan komt; rijkdom, veiligheid, of vrijheid?”

Niet-westerse kijk

Met betrekking tot vrijheid kunnen we nog heel wat leren van niet-westerse landen, vervolgt Boele. Daar heeft men vaak een heel andere kijk op ons begrip van vrijheid. Door op een afstandje te kijken naar wat wij vrijheid noemen komt men in andere landen soms tot andere conclusies. Boele: “Ze drukken ons met de neus op het feit dat onze liberale kapitalistische maatschappijen goed zijn in het garanderen van rechten die ons beschermen tegen de overheid en ook in een aantal vrijheden zoals inspraak en democratie, maar dat we de meer materiële vrijheden zoals arbeid, huisvesting, onderwijs en voeding vaak vergeten.”

Reële keuzemogelijkheden

Boele haalt hier Amartya Sen aan, Indiaas econoom en winnaar van de Nobelprijs voor de economie. “Sen geeft het vrijheidsbegrip een heel concrete inhoud, als de mogelijkheid om keuzes in je leven te realiseren. Daarmee krijgt vrijheid een enorme relevantie, vooral voor mensen die juist weinig mogelijkheden hebben om hun ambities te realiseren, mensen in situaties van onderontwikkeling of onderdrukking. Het begrip vrijheid geeft dan zelfs precies aan waar het om gaat: ontwikkeling is het opheffen van onvrijheden, het scheppen van reële keuzemogelijkheden van mensen.”

Curriculum vitae

Dr. Pieter Boele van Hensbroek is als filosoof verbonden aan de afdeling Praktische filosofie  van de Faculteit Wijsbegeerte van de Rijksuniversiteit Groningen (RUG). Boele van Hensbroek is gespecialiseerd in de Afrikaanse filosofie en het niet-westers politiek denken. Hij werkt tevens voor het Center for Development Studies van de RUG.

Noot voor de pers

Meer informatie: Pieter Boele van Hensbroek

Laatst gewijzigd:15 september 2017 15:10

Meer nieuws