Skip to ContentSkip to Navigation
Over onsNieuws en agendaNieuwsberichten

Prof.dr. S.A. Reijneveld: 'Zorg voor jeugd met gedragsproblemen is nog niet genoeg onderbouwd'

09 februari 2010

De zorg voor jeugd met gedragsproblemen kan beter. Zorgverleners en financiers kunnen intensiever samenwerken en er moet meer volgens wetenschappelijke standaarden gewerkt worden, vindt RUG-hoogleraar Sociale geneeskunde Menno Reijneveld. C4Youth, de Academische Werkplaats Zorg voor Jeugd die op 15 februari in Groningen wordt geopend, moet daarvoor mogelijkheden vinden.

Van concentratiestoornissen tot gevallen van ernstige mishandeling – het aantal kinderen en jongeren dat in aanraking komt met zorginstellingen neemt toe. Maar terwijl de uitgaven aan zorg voor jeugd stijgen, blijven de wachtlijsten onverminderd lang. Er wordt niet efficiënt genoeg gewerkt, stelt hoogleraar Sociale geneeskunde Menno Reijneveld. "Het kan zomaar gebeuren dat een kind met gedragsproblemen eerst een tijdje wordt behandeld door een kinderpsychiater, even later in een jeugdzorginstelling, en nog weer later in een jeugdgevangenis belandt. Zonder dat iemand het overzicht bewaart."

Hoge eisen

Dat steeds meer kinderen in aanraking komen met zorginstellingen, komt doordat er steeds hogere eisen aan ze worden gesteld. Opvoeders, scholen en zorgverleners komen eerder in actie wanneer de ontwikkeling van een kind verstoord dreigt te raken. Reijneveld vindt dat allerminst een luxeprobleem. "We nemen de rechten van het kind serieus, met luxe heeft dat niets te maken." Toch is er soms een overmaat aan zorg, meent de hoogleraar. "Dat heeft te maken met de hoge eisen die aan zorgverleners worden gesteld. Kijk naar de publieke reactie na de dood van Savannah: als professional wil je absoluut niet het verwijt krijgen dat je te weinig hebt gedaan. Waar zorgverleners niet zeker zijn van hun aanpak, worden kinderen soms langer of intensiever behandeld dan nodig zou zijn."

Onderzoek effectiviteit

Door de zorg voor jeugd beter wetenschappelijk te onderbouwen, kan de onzekerheid van de professional verminderen en kan de zorg effectiever worden, meent Reijneveld. "Dat het resultaat van, zeg, een dotterbehandeling uit en te na wordt onderzocht, vinden we allemaal volstrekt normaal. De zorg voor jeugd staat wat dit betreft echt op een achterstand. Er moet veel meer onderzoek gedaan worden." De inzichten die er zijn, moeten bovendien sneller doordringen op de werkvloer. Reijneveld: "Het gebeurt nog te vaak dat zorgverleners domweg niet wéten dat er een effectievere behandeling is. Onderzoek en onderwijs staan nog te ver van elkaar af."

Versnipperde financiering

Dat de zorg voor jeugd met gedragsproblemen uit verschillende potjes wordt gefinancierd, komt de efficiëntie ook niet ten goede. Reijneveld: "Als je een hartprobleem hebt, kom je in een duidelijke zorgketen terecht. Van de huisarts tot de specialist en de nazorg, het wordt allemaal bekostigd door je zorgverzekeraar. Die heeft er belang bij dat er efficiënt zorg verleend wordt. De zorg voor jeugd is wat dat betreft te versnipperd. De kinder- en jeugdpsychiatrie is voor rekening van de verzekeraar; de jeugdzorg wordt betaald door de provincie en de jeugdgezondheidszorg door de gemeenten. Alleen als financiers beter gaan samenwerken, kan de zorg efficiënter worden verleend."

Academische werkplaats

De komende jaren wordt in de provincie Groningen uitgebreid onderzocht hoe de zorg voor jeugd met gedragsproblemen kan verbeteren. Het UMCG en de afdeling Orthopedagogiek van de RUG kregen van ZonMW, dat vernieuwende projecten in de zorg stimuleert, anderhalf miljoen euro om een Academische Werkplaats Zorg voor Jeugd in te richten. Ook de gemeente, de provincie, de Hanzehogeschool, en tal van zorginstellingen voor jeugd in het noorden nemen deel aan het project, dat onderzoek, onderwijs, beleid en praktijk dichter bij elkaar moet brengen. Op 15 februari wordt de werkplaats officieel geopend, in aanwezigheid van minister voor Jeugd en Gezin André Rouvoet.

Curriculum vitae

Prof. dr. S.A. (Menno) Reijneveld (1960) is sinds 2004 hoogleraar Sociale Geneeskunde aan de Rijksuniversiteit Groningen. Eerder werkte hij als hoofd bij TNO Kwaliteit van Leven in Leiden en als sociaal-geneeskundige bij GGD Amsterdam. Reijneveld geeft de komende vier jaar samen met RUG-hoogleraar Orthopedagogiek prof. dr. Erik Knorth leiding aan de Academische Werkplaats C4Youth – het Collaborative Centre for Children and Youth with behavioural and emotional problems.

Noot voor de pers

Meer informatie: Menno Reijneveld , meer informatie via mail: C4youth@med.umcg,nl.

Laatst gewijzigd:15 september 2017 15:10
printOok beschikbaar in het: English

Meer nieuws

  • 23 februari 2018

    Miljoenenpremies naar vier Groningse toponderzoekers

    Vier Groningse RUG-wetenschappers krijgen ieder anderhalf miljoen euro om de komende vijf jaar onderzoek te doen en een onderzoeksgroep op te bouwen. Zij ontvangen een Vici-beurs uit de Vernieuwingsimpuls van NWO. Vici is een van de grootste persoonsgebonden...

  • 23 februari 2018

    Kinderen met astma blijken aangepast dna te hebben

    Kinderen met astma blijken epigenetische, chemische veranderingen van hun dna te hebben. Op hun dna zijn nu 14 plekken vastgesteld, die samenhangen met astma. Het bijzondere is dat deze 14 plekken in de eerste 4 jaar van hun leven zijn veranderd. Deze...

  • 21 februari 2018

    Provincie en RUG maken werk van duurzame landbouw

    De Provincie Groningen en de Rijksuniversiteit Groningen (RUG) slaan de handen ineen om de landbouwsector verder te verduurzamen. Hiertoe wordt een Bijzondere Leerstoel Natuurinclusieve Landbouw opgericht aan de RUG. De Provincie​draagt via haar Programma...