Skip to ContentSkip to Navigation
Over onsNieuws en agendaNieuwsberichten

Prof.dr. Doeko Bosscher: ‘Geef Arnhem de kans met het Nationaal Historisch Museum’

26 mei 2009

Door: Doeko Bosscher

Het historisch besef in Nederland moet worden versterkt. Vanuit die gedachte komt er een ‘Nationaal Historisch Museum’. Laten we niet te moeilijk doen over dat begrip ‘nationaal’. Het suggereert meer dan de bedoeling is, een ‘nationalistische’ invalshoek. Oeps, dat had dus beter kunnen worden vermeden - ‘Nederlands’ was beter geweest. Maar de bedoelingen van Wim van der Weiden, de museumveteraan (Museon, Naturalis) die als eerste op papier mocht zetten waar het heen moest, waren zuiver. Anders had hij niet als motto gekozen dat ‘nationalisme ontstaat bij de gratie van het ontbreken van kennis over de eigen cultuur’.

Dat is wijsheid die zich in de Tweede Kamer, waar de allereerste initiatieven werden genomen, minder duidelijk manifesteert. Nederland is een natie en daardoor in zekere zin uniek. En het is goed te weten waar ons land en ‘onze cultuur’ voor staan. Allemaal waar. Maar elke gedachte dat onze relatieve uniekheid ons verheft boven andere naties, kan er beter uit- dan ingeramd worden.

Compleet dagje uit

De keuze viel op Arnhem als locatie. ‘Synergie’ met het Openluchtmuseum, dat daar al vanaf de Eerste Wereldoorlog gevestigd is, was logisch en gewenst. Ook kon aan de doelgroep van het historisch museum (‘leerlingen van het basis- en voortgezet onderwijs, gezinnen met kinderen en nieuwe Nederlanders’) een nog completer dagje uit worden geboden: ’s ochtends het ene museum, ’s middags het andere. En tenslotte: waarom eigenlijk niet in Arnhem? De toewijzing aan Gelderland is meteen een nuttige inburgeringsles voor iedereen die mocht denken dat Nederland achter Utrecht verandert in hei en moeras.

In rep en roer

Nu hebben de heren Byvanck en Schilp, de directie van het museum, in overleg met de gemeente Arnhem besloten dat hun project het best kan worden gerealiseerd naast de John Frostbrug, in het hart van de oude stad. Dan is het sneller klaar, zijn er meer mogelijkheden echt iets nieuws te beginnen en kost het minder geld. Meteen is Den Haag in rep en roer. Als de onmiddellijke nabijheid van het Openluchtmuseum vervalt, vervalt alles, vinden veel Kamerleden. Ineens is er geen reden meer Arnhem als locatie te handhaven. Het kan toch maar beter de ‘logische’ plek worden: de Residentie. Daar wordt immers de Nederlandse geschiedenis gemaakt? In één moeite door beklagen de critici zich over de ‘historische hutspot’ die de directie volgens hen voor ogen blijkt te staan.

Misverstanden

En zo komen er heel veel apen tegelijk uit de mouw. Zoveel misverstanden; een mens raakt de tel kwijt. Ten eerste dat alleen in het westen des lands, en met name in Den Haag, Nederlandse geschiedenis wordt gemaakt. Ten tweede dat het, ondanks alle prima verbindingen in onze delta, nog veel uitmaakt waar het beoogde museum gevestigd is. Ten derde dat de bezoekers massaal twee grote musea op één dag zouden gaan bezoeken, in plaats van na het eerste al aan iets heel anders toe te zijn. Ten vierde dat Arnhem niet in staat zou zijn de stugge volhouders in een paar minuten van A naar B te transporteren. Ten vijfde dat de geschiedenis in zo’n museum niet als hutspot gepresenteerd mag worden, maar alleen volgens de klassieke wetten van de Nederlandse keuken: aardappelen, vlees en groente gescheiden door plasjes vette jus.

Het grootste misverstand is natuurlijk dat (oud-)Kamerleden en bewindslieden geroepen zijn de directie hinderlijk te volgen. Die moet van hen keurig netjes de ‘canon’ uitserveren, en anders neemt Den Haag het wel over. Als Verhagen en Marijnissen het voor het zeggen hadden, feliciteren de nieuwe Nederlanders elkaar na hun museumbezoek met het voorrecht in dit prachtige land te wonen. Met lastige vragen blijven zitten en daarover na willen denken, ho maar. Onze tent is top!

Ruimte voor visie

Wat is een dromedaris? Een door een commissie ontworpen kameel, zegt een oude grap. Hopelijk gaat het met het museum niet die kant uit. Straks moeten we nog een referendum houden over de belangwekkende vraag of het stokje van Van Oldenbarneveldt wel of niet in een vitrine komt te liggen. Laat de mensen die al een hele tijd geleden benoemd zijn om plannen te maken voor een mooi museum hun gang gaan. Geef ze de ruimte om een visie te ontwikkelen. Houd gedegen financieel toezicht, maar haal de nationalistische angel definitief uit dit project. Durf te erkennen dat er meer geschiedenis is dan Randstadgeschiedenis. Ligt operatie ‘Market Garden’ (een indrukwekkende illustratie bij het verhaal van de Tweede Wereldoorlog) niet voor het grijpen, daar bij die Rijnbrug? Kortom, laat geen commissie van Kamerleden een dromedaris ontwerpen. Uiteindelijk is Haagse bluf ook alleen maar wat hij is: bluf.

Curriculum vitae

Prof.dr. Doeko Bosscher (Heiloo, 1949) studeerde Geschiedenis aan de Rijksuniversiteit Groningen. In 1980 promoveerde hij op een proefschrift over de nagedachtenis van Colijn in zijn eigen politieke kring (Om de erfenis van Colijn. De ARP op de grens van twee werelden). Bosscher was decaan van de Faculteit der Letteren (1994-1998) en rector magnificus van de RUG (1998-2002).

Laatst gewijzigd:04 januari 2018 15:35

Meer nieuws