Skip to ContentSkip to Navigation
Over onsNieuws en agendaNieuwsberichten

De machinerie van de stad. Stadsbestuur als idee en praktijk, Nederland en Amsterdam 1900-1940

14 mei 2009

Promotie: S. Couperus, 16.15 uur, Academiegebouw, Broerstraat 5, Groningen

Proefschrift: De machinerie van de stad. Stadsbestuur als idee en praktijk, Nederland en Amsterdam 1900-1940

Promotor(s): prof.dr. D.J. Wolffram, prof.dr. K. van Berkel

Faculteit: Letteren

 

Veranderend stadsbestuur aan begin 20e eeuw

De grootstedelijke bestuurspraktijk stond door de snelle modernisering van de stedelijke samenleving vanaf 1900 steeds meer op gespannen voet met de in de grondwet vastgelegde structuur van het lokale bestuur. Deze spanning tussen wet en werkelijkheid ontlokte verschillende nieuwe ideeën over stadsbestuur die ook steeds vaker in de praktijk werden toegepast – soms tot op de dag van vandaag. Dat concludeert promovendus Stefan Couperus. Hij deed onderzoek naar het veranderende stadsbestuur in Nederland tussen 1900 en 1940.

Industrialisering en verstedelijking maakten steden vanaf het einde van de negentiende eeuw tot machinekamers waar nieuwe sociale, economische en ruimtelijke verhoudingen vorm kregen. Wonen, werken, handeldrijven, verplaatsen en recreëren in de stad werden grotendeels mogelijk gemaakt door de stedelijke overheid. Daarmee werd stadsbestuur onderwerp van wetenschappelijke en staatkundige discussies. Couperus onderzocht de aard en context van deze discussies gedurende de eerste decennia van de twintigste eeuw. Om de idee van stadsbestuur te verbinden met de veranderende stedelijke bestuurspraktijk, gebruikte hij de grootste gemeente van Nederland, Amsterdam, als casus.

Gemeenteraad en wethouders kampten in de steden met de sterke positie van nieuwe bestuurders (directeuren van gemeentebedrijven en -diensten). Omgekeerd ervoeren deze bestuurders in de dagelijkse praktijk de knellende banden van het in hun ogen inefficiënte grondwettelijke en politieke bestel. Politici, staatsrechtgeleerden en bestuurders oriënteerden zich op het buitenland in hun zoektocht naar modellen voor bestuurlijke vernieuwing. Binnen de Nederlandse verhoudingen was wijziging van de gemeentewet echter geen optie. De ongedeelde machtspositie van de gemeenteraad bleef gehandhaafd. In de praktijk van de casus-Amsterdam bleek dat in het Interbellum ondanks felle discussies en scherpe tegenstellingen tussen politici en bestuurders en tussen bestuurders onderling, een veelzijdig en efficiënt bestuursapparaat tot ontwikkeling kon komen. Gemeentebedrijven (woningbouw, de tram, etc.) kwamen tot bloei en er werd zelfs geëxperimenteerd met vormen van medezeggenschap en besluitvorming waarbij personeel, experts, wetenschappers en belangengroepen nadrukkelijk betrokken werden. In algemene zin laat Couperus’ proefschrift zien hoe in Nederland werd omgegaan met de spanning tussen wettelijke voorschriften van bestuur en de bestuurspraktijk (leer en leven, wet en wezen).

Stefan Couperus (Drachten, 1978) studeerde geschiedenis en journalistiek aan de Rijksuniversiteit Groningen. Hij verrichtte zijn onderzoek bij het onderzoeksinstituut ICOG, aan de afdeling Geschiedenis van de Faculteit der Letteren. Het onderzoek werd mede gefinancierd door NWO. Couperus werkt nu als onderzoeker aan de Universiteit Utrecht. Van het proefschrift verschijnt een handelseditie bij uitgeverij Aksant.

 

Laatst gewijzigd:15 september 2017 15:38

Meer nieuws

  • 11 december 2018

    Eeuwenoude recepten uit de beerput (video)

    Archeoloog Merit Hondelink onderzoekt wat Nederlandse stedelingen uit de middenklasse aten in de 16e tot en met de 18e eeuw. Ze onderzoekt monsters uit oude beerputten op sporen van voedselbereiding. Maar Hondelink kookt zelf ook vergeten gerechten,...

  • 07 december 2018

    Nieuw themanummer Stem-, Spraak en Taalpathologie

    Stem-, Spraak- en Taalpathologie heeft het themanummer “Research Tutorials door Nederlandstalige onderzoekers in het buitenland, deel II” gepubliceerd.

  • 05 december 2018

    Fotoreportage: De schatten van de UB

    Fotoreportage over bijzondere boeken op de afdeling Bijzondere collecties van de UB.