Skip to ContentSkip to Navigation
UniversiteitsbibliotheekOnderdeel van Rijksuniversiteit Groningen

Universiteitsbibliotheek

UniversiteitsbibliotheekUB Binnenstad gerenoveerd

Tussen zaad, zweet en zeik: een tragedie

De winnaars van de Science Slam 'Research meets Poetry', 2 juni 2017

Tijdens de Open Dag ter gelegenheid van de heropening van de Universiteitsbibliotheek Binnenstad werden de toeschouwers getrakteerd op een uniek samenwerkingproject: een dozijn PhD's werden gekoppeld aan dichters, om in één middag een gedicht te maken over wat hen drijft in hun onderzoek. De afsluitende slam liet een keur aan uitingsvormen zien: er was een rap, er was een lied, en er waren gedichten in allerlei soorten en maten.

De uiteindelijke winnaars (het aanwezige publiek mocht stemmen) waren Ruben Verwaal en Richard Nobbe.

Ruben Verwaal (l) en Richard Nobbe
Ruben Verwaal (l) en Richard Nobbe

Historicus Ruben Verwaal verwoorrde vooraf zijn passie voor zijn onderzoeksonderwerp als volgt:

"Ik ben gepassioneerd over mijn onderzoeksonderwerp, omdat het de enorme geschiedenis van wetenschap van alledaagse dingen laat zien. Veel mensen staan niet stil bij hun lichaamssappen. Maar mijn project Bloed, Zweet en Tranen laat juist zien hoe belangrijk die sappen zijn geweest in de wetenschapsgeschiedenis."

De onderzoeker en dichter Richard Nobbe hadden duidelijk een klik. Met veel verve brachten zij het gedicht

Tussen zaad, zweet en zeik: een tragedie

1. Ben jij niet je vaders zaad?

Mijn pa had meer kracht moeten
zetten op het juiste moment,
maar ma stelde moeilijke vragen
over klokkijken en zijn zaad
zwom langzamer haar lijf binnen;

het zwakke resultaat
staat hier voor u,
zo gaan die dingen als je haast hebt.

2. Ben jij niet je moeders melk?

Mijn moeders melk was moreel mismaakt.
Haar zog voedde mijn zorgen
en baarde mij ziektes,
haar lacteren liet mij slechts
de tragedie onteren,
haar zeuren verdween in mijn mond,
op dat zij weer baren kon,

ik ben en blijf mislukt door moedermelk.

3. Ben jij niet dat wat je lijf verlaat?

Pisprofeten zagen het somber in
daar waar zij geelglazen keken,
ze roerden, likten, proefden,
slikten, roken en schrokken
beraadden beslaagden achter
donkere ramen en besloten
‘’Uw leven is naar de kloten.’’

Zo zat mijn leven weer niet mee,
want wat bleek:
ik had diabetes, type twee.

4. Ben jij niet dat wat door je aders gaat?

De chirurgijn met zijn vlijm
hielp mij aderlaten trok
mijn lijk bleek door zware dagen,
hij spoot mijn bloed met bogen
uit gesneden gaten opdat ik
dit lijf, dit leed, beter kan verdragen.

Maar de messenmeester sneed helaas
een keer mis, dus daarom
ben ik nu slechts dat wat was,
en niet meer dat wat is.

5. Bent jij niet de tranen die om je zijn gelaten?

Ik hoop dat jullie betreuren
dat dit mij heeft moeten gebeuren.
Want onheil schuilt in vocht, zo is dat
besproken, besloten en onderzocht.
Dus laat een hete traan, durf om mij te wenen,
laat je oogvocht huilen worden
tot de laatste snik:
dit verhaal kent slecht een verliezer,
en de verliezer, dat ben ik.

6. Bij dit nederig gesteente,
bewenen wij zijn gebeente.
Laatst gewijzigd:08 juni 2017 12:19
Volg ons opfacebook twitter