Skip to ContentSkip to Navigation
Over onsFaculteit der LetterenOrganisatieBestuur, afdelingen en medewerkersAfdelingenAfdeling KunstgeschiedenisSymposium KunstkritiekOver de serie

Kunstkritiek als exact vak?

Kunsthistorici als critici 1960-2005
Deel 4
Deel 4

Door: Rogier Schumacher
Verschenen: november 2014

Dit boek onderzoekt hoe kunsthistorici hun stempel hebben gedrukt op de Nederlandse kunstkritiek, die lang werd bepaald door selfmade critici. Tegen vooroordelen in, als zouden wetenschap en kritiek onverenigbaar zijn, eisten academici als Carel Blotkamp en Rudi Fuchs vanaf halverwege de jaren zestig van de twintigste eeuw met rake observaties en goed beargumenteerde teksten over de baanbrekende avant-gardekunst van die dagen zelfbewust een plek op in het genre. Jongere kunsthistorisch gevormde critici zoals Bert Jansen en Paul Groot, en later Sven Lütticken en Camiel van Winkel, werkten zeer uiteenlopende richtingen uit, van puntige recensies in dag- en opiniebladen tot academische essayistiek in vaktijdschriften. Aan de hand van beschouwingen over veelbesproken tentoonstellingen waaronder Op Losse Schroeven en Sonsbeek 93 en kunstenaars als Barnett Newman, Andy Warhol, Jeff Koons, Luc Tuymans en Tino Sehgal brengt dit boek in kaart wat de art historical turn voor de Nederlandse kunstkritiek heeft betekend.

Rogier Schumacher is kunsthistoricus. Hij is verbonden aan de Universiteitsbibliotheek Utrecht en publiceert over beeldende kunst, kunsttheorie en kunstkritiek van na de Tweede Wereldoorlog.

Laatst gewijzigd:25 juli 2018 15:56