Skip to ContentSkip to Navigation
Over onsFaculty of Science and EngineeringOnderwijszakenBèta-bachelor studiekiezersOver studeren

Jurjen Broers

Dagboek van een eerstejaars
Jurjen Broers
Jurjen Broers (18) is eerstejaars Griekse en Latijnse taal en cultuur (GLTC). Hij woont nog in Friesland. Voor deze krant noteerde hij een week lang zijn belevenissen tijdens de introductie en de eerste dagen van de studie. Lees over het wel en wee van een eerstejaars: kennismakingsspelletjes, fietsen met een koffer op het stuur, en tevergeefs wachten op college. Niet alles gaat van een leien dakje, maar ja, ‘dat is het leven van een student’. 

Donderdag 30 augustus, introductie

Om half een moet ik voor de introductie in het ‘Huis met de 13 tempels’ zijn, het gebouw van GLTC in de Oude Boteringestraat. Anderhalf uur nadat ik op de bus ben gestapt, ben ik er. Ik ga naar een collegezaal, waar we lunchen met ouderejaars en enkele docenten. Na de lunch krijgen we de roosters en allerhande informatie, en daarna krijgen volgt een rondleiding door het gebouw. Nadat we dat hebben gehad, gaan we naar de Universiteitsbibliotheek en de Letterenbibliotheek (in het Harmoniecomplex), die qua boeken voor mij interessanter is.
Aansluitend is er nog een Letterenlezing voor de opening van het academisch jaar, maar daar ga ik niet meer naartoe. Het is al over drieën en ik moet mijn bus nog halen, anders ben ik niet voor zessen thuis met die fijne nieuwe dienstregeling. 

Vrijdag 31 augustus, start introductiekamp

De studievereniging Boreas organiseert elk jaar een introductiekamp, zo ook dit jaar. Wie mee wil (de helft van de eerstejaars en nog wat ouderejaars) moet om vier uur ’s middags bij het Huis zijn en dan gaan we op de fiets naar het Grunopark in Harkstede, zo’n acht kilometer van Groningen. De bagage wordt gebracht met een auto.

Ik ga dus met mijn stiefvader naar Groningen met een fiets en een koffertje in de kofferbak. Jammer genoeg zijn er meer mensen op weg naar Groningen en komen we in de file te staan. Ik kom uiteindelijk om tien over vier aan bij het Huis, waar ik te horen krijg dat de bagage-auto al weg is. Wat te doen met mijn koffer? Hij past niet in mijn fietstas of onder de snelbinders, dus moet ik hem maar over het stuur leggen. Niet de handigste manier om door een druk stadscentrum te fietsen, kan ik je vertellen. En tot overmaat van ramp begint het te regenen, waardoor we doorweekt aankomen in het park. Maar het is nog niet afgelopen:we zijn onderweg twee mensen ‘kwijtgeraakt’ en er zijn problemen met de boeking, waardoor we niet in de groepsaccommodatie van het park kunnen. Gelukkig is er nog een andere ruime accommodatie vrij, vlak aan het water en met een terras.

Na het uithangen van de natte kleren gaan we wat spelletjes doen en krijgen we macaroni te eten. De gesprekken komen nu echt op gang en ik merk dat ik leuke studiegenoten heb. Ook de ouderejaars zijn aardig; ze vertellen ons van alles en nog wat over onze docenten, begeleid door hilarische imitaties. Voor vanavond staat er een spannende speurtocht gepland, waar vier spelletjes onderdeel van uitmaken: bierdoppen in een glas gooien, limbodansen onder een bezem door, rondjes rennen met een squashbal op een lepel en snelhinkelen. Als de speurtocht is afgelopen, doen we nog wat meer spelletjes en rond half drie ga ik naar bed.

Zaterdag 1 en zondag 2 september, kamp

Ik werd vanochtend wakker en mijn eerste gedachte was: ‘Yes, mijn OV-kaart is geldig!’ Daar had ik zo lang naar uitgekeken… Vreemd genoeg zijn de mensen niet zo druk aan de ontbijttafel: misschien komt het wel doordat sommigen zijn opgebleven totdat de eerste weer opstond, om acht uur. Om één uur staat er waterskiën op het programma. Er doet maar een handjevol mensen mee, dus ze kunnen wel vrij vaak. Voor de meesten is het ook nog eens de eerste keer, dus ze stuiteren regelmatig over het water. Best wel grappig om te zien. Verder is er nog een patser bezig op de baan om zijn ‘moves’ te laten zien (tenminste, we dachten dat hij een patser was), en we willen erg graag zien hoe die valt. Dat gebeurt ook wel eens, en als hij voor de derde keer gevallen is, komt hij langslopen en blijkt hij wel aardig te zijn en pas sinds april te skiën. We vullen de avond met twee erg leuke spelletjes: Weerwolven en Boonanza. Voor wie ze niet kent: bij Weerwolven wordt een dorp van binnenuit bruut uitgemoord door weerwolven en bij Boonanza moet je bonen verzamelen, planten en oogsten. Allebei erg melig, maar rond drie uur houd ik het voor gezien en ga slapen. ’s Zondags fietsen we terug naar Groningen en gaan met de groep uit eten. Daarna word ik naar huis gebracht en ga direct naar bed, want morgenochtend om negen uur heb ik mijn eerste college.

Maandag 3 september, eerste collegedag

Eindelijk, mijn eerste college. Ik ben nog zo’n beetje uitgeput van het kamp, maar ik doe mijn best om vooral op te letten. Als eerste heb ik van negen tot elf Griekse grammatica. Eerst krijgen we uitleg over wat we precies gaan doen dit jaar en welke boeken we gaan gebruiken. Daarna beginnen we toch maar aan de grammatica. De aardige en vooral begripvolle docente ziet wel in dat we na 12 weken vakantie niet alles meer kunnen weten, dus houdt ze het eerst simpel. We gaan in principe de hele grammatica opnieuw doen.

Om elf uur hebben we het vak oude geschiedenis in het Harmoniecomplex. Tenminste, dat staat op het rooster, maar de zaal is dicht. Dan besluiten we dat we even goed weg kunnen gaan. Wat we niet weten, is dat het college wel degelijk aan de gang is, maar niet waar wij staan. Er is blijkbaar iets misgegaan in de communicatie..... Maar ja, mij hoor je niet klagen als ik eerder vrij ben dan gepland. Ik ga nog langs de boekwinkel om (jawel) boeken te bestellen en loop dan naar het station. Anderhalf uur later ben ik thuis.

Dinsdag 4 september, tweede collegedag

Alweer mijn tweede dag aan de universiteit. Vandaag heb ik één college, namelijk Latijnse grammatica, en dat nog wel van twee tot vier uur. Ik kan dus lekker wat slaap inhalen die ik heb gemist tijdens het introductiekamp. Ik moet helaas al om één uur in Groningen zijn, want ik ga op de foto voor deze krant. Ik had verwacht dat dat zeker een half uur zou duren, maar het is binnen vijf minuten klaar. Ik heb dus nog een uur over voordat ik naar college moet. Dan ga ik maar achter de computer zitten om lekker te chatten op MSN. Maar het is nogal rustig, om niet te zeggen uitgestorven. Maar uiteindelijk is het twee uur en ga ik op weg naar de collegezaal in het Academiegebouw. Met dank aan het ‘academisch kwartiertje’ (de lessen beginnen altijd een kwartier later dan officieel aangegeven) kan ik het lekker rustig aan doen. Bij Latijn wordt ons meteen een proefvertaling voorgeschoteld, omdat de docent wil weten wat we aankunnen. Gelukkig kunnen we kiezen uit drie verhaaltjes met oplopende moeilijkheidsgraad. Maar eigenlijk zijn ze alledrie niet erg ingewikkeld. Na het college ga ik nog bij het secretariaat langs om wat spullen te kopen en ga dan naar de bus, die ik natuurlijk net heb gemist. Ik kan dus fijn een uur gaan staan wachten. Maar morgen ben ik vrij. Tenminste, ik heb geen colleges. Ik heb het druk genoeg met schoolwerk en andere dingen. Dat is het leven van een student.
Laatst gewijzigd:31 januari 2017 23:12