Skip to ContentSkip to Navigation
Over onsFaculteit WijsbegeerteOnderwijsSamenvattingen van scripties

Heij, T.F.

Auteur: Thomas Heij

Afstudeerjaar: 2012
Vakgroep: Geschiedenis van de Filosofie
Titel:
De vlucht van de verveling – de begripsontwikkeling van verveling bij Kierkegaard, Nietzsche en Heidegger

Samenvatting:

Verveling lijkt een triviaal fenomeen. We schenken er het liefst weinig aandacht aan en het is geen centraal begrip in de filosofie. Toch is verveling interessant, omdat het een origineel perspectief biedt op enkele grote thema’s uit de filosofie, bijvoorbeeld religie en moraal, de aard van de mens en de betekenis van het bestaan. Tegelijkertijd wordt iedereen er wel eens mee geconfronteerd en is het een persoonlijk onderwerp. Verveling is een verstoring van onze relatie met de wereld, die we als onaangenaam ervaren, maar het begrip van verveling veranderde door de eeuwen heen.

De belangrijkste voorloper van de moderne verveling was de vroegchristelijke zonde acedia – traagheid die voortkwam uit de twijfel aan God en het geloof. Acedia was een moreel verwerpelijke leegte en kreeg daarom een belangrijke plaats in de christelijke zondeschema’s. Vanaf de 19e eeuw nam de ontwikkeling van het begrip verveling een vlucht, met name bij de ‘vaders van het existentialisme’: Kierkegaard, Nietzsche en Heidegger.

Kierkegaard benadert verveling als een stemming die vooral in de esthetische levenshouding voorkomt. De estheet ervaart ‘demonische verveling’, een verveling met alles, die hij probeert op te lossen door ervaringen interessant te maken. Uiteindelijk is volgens Kierkegaard echter alleen de overgang naar een nieuwe levenshouding, richting een zuiver christelijk geloof de oplossing voor verveling.

Nietzsche werpt het gehele geloof definitief omver en voor hem is deze oplossing dus onmogelijk. De ‘nihilistische verveling’ waarin we volgens Nietzsche vervolgens terechtkomen is voor sterke geesten een voedingsbodem voor creatief en origineel denken en handelen.

Heidegger legt geen expliciet verband tussen religie en verveling. Zijn analyse van verveling is het omvangrijkst en grondigst. Heidegger onderscheidt drie vormen van verveling, waarvan de ‘diepe verveling’ het belangrijkst is. Verveling is volgens Heidegger de ‘grondstemming’ van de filosofie en zeker niet iets triviaals dat geen aandacht verdient.

Laatst gewijzigd:01 november 2013 11:52