Skip to ContentSkip to Navigation
Over onsFaculteit WijsbegeerteOnderwijsSamenvattingen van scripties

Susovits, V.

Auteur: Victoria Susovits
Afstudeerjaar: 2006
Vakgroep: Geschiedenis van de Filosofie

Scriptie:
Onderscheid en tegenstelling. Zelf-onderscheid als dialectisch moment in Hegels logica en natuurfilosofie

Samenvatting:

Georg Wilhelm Friedrich Hegel (1770-1831) stelt dat de werkelijkheid zich ontwikkelt door middel van een fundamenteel grondbeginsel, namelijk het dialectische principe. Enerzijds begrijpt Hegel dit principe als de basisstructuur van de bepalingen van ons denken, waarin bet denken gekenmerkt wordt door altijd te streven naar minder eenzijdige ideeën. Anderzijds ligt het dialectische principe ten grondslag aan de werkelijkheid buiten ons, zoals in de natuur. In deze scriptie zet ik de structuur van bet dialectische principe uiteen zoals Hegel haar beschrijft in de Enzyklopädie der philosophischen Wissenschafien im Grundrisse (1830). In bet hoofdstuk 'Die Lehre vom Wesen' volg ik Hegels uiteenzettingen over deze structuur door middel van de Reflexionsbestimmungen 'identiteit', 'onderscheid' (onder verdeeld in 'verscheidenheid' en bet 'wezenlijke onderscheid') en 'grond'. De vraag die Hegel zich stelt is hoe iets zich tot zichzelf verhoudt? Hegel stelt bet begrip ‘wezenlijk onderscheid’ (‘Unterschied an sich’) hier centraal. Dit houdt in dat Hegel stelt dat alles in wezen innerlijk van zichzelf onderscheiden is. Ter ondersteuning van deze Enzyklopädie en voor de volledigheid gebruik ik ook delen uit de Wissenschaft der Logik (1812-1816).

 

Dit zal ik behandelen in hoofdstuk twee. Om deze lastige, theoretische onderwerpen en teksten van Hegel in te leiden, behandel ik in hoofdstuk 1 Kants visie op tegenstellingen. Hiervoor heb ik gekozen voor de vroeg-kritische tekst Versuch den Begriff der negativen Grö ß en in die Weltweisheit einzuführen uit 1763. Hierin concentreert Kant zich op verschillende typen tegenstellingen die zich voordoen in de werkelijkheid (deze noemt hij 'reële tegenstellingen'). Hoewel Hegel deze tekst niet noemt, is de kans groot dat hij hierdoor is beïnvloed, gezien Hegels invulling van tegenstellingen hier op bepaalde punten vergelijkingen vertoont. Beide benadrukken ze de relationaliteit van de twee kanten van de tegenstelling. Ik vergelijk uiteindelijk visie van Kant en Hegel over tegenstellingen aan de hand van de begrippen 'an sich Positive' en 'an sich Negative'.

 

In bet hoofdstuk 3 onderzoek ik hoe het dialectische grondbeginsel bij Hegel terugkomt in zijn natuurfilosofie. Hierin beschrijft hij hoe dit principe zich manifesteert en ontwikkelt in de eerste vormen van leven. Ik richt me hier op hoe Hegel bet principe uitwerkt in de plantaardige natuur en bet dierlijke organisme. Hiervoor gebruik ik de tekst Enzyklopädie der philosophischen Wissenschafien (deel II) uit 1830, over het planten- en dierenrijk. De vragen die ik me hier stel zijn: Op welke manier ontwikkelen planten en dieren zich door bet dialectische principe? Ontwikkelen deze organismen zich ook via tegenstellingen, zijn er momenten van zelfonderscheid aanwezig? Hegel probeert bier consequent antwoord op te geven door zoveel mogelijk ontwikkelingen te verklaringen uit bet dialectische principe. Zowel in bet planten- als dierenrijk herkent Hegel bij de ontwikkelingen van verschillende soorten de begrippen 'verscheidenheid' en 'onderscheid'.

 

Laatst gewijzigd:01 november 2013 14:56