Skip to ContentSkip to Navigation
OnderwijsStudievoorlichtingMeer keuzeactiviteitenScholierenacademieProfielwerkstukAlfasteunpuntFilosofie

Scepticisme in de Oudheid

"Ware kennis bestaat erin te weten dat men niets weet"

Plato
Plato

Het Orakel van Delphi zegt dat er niemand wijzer is dan Socrates, maar Socrates zegt over zichtzelf: “over mezelf weet ik dat ik niets weet”. Hoe valt dit met elkaar te rijmen? In tegenstelling tot de dichters, politici en vakmensen van zijn tijd, die allemaal denken dat ze dingen weten, stelt Socrates dat hij niets weet. Socrates weet tenminste van zichzelf dat hij niets weet. Socrates is dus geen scepticus, maar zijn woorden benadrukken juist het belang van het kritisch onderzoeken van je eigen visie en die van anderen. Omdat we vaak minder weten dan we denken is is kritisch onderzoek van belang!

Een andere beroemde paradox van Plato gaat ook over kennis. Een van de problemen lijkt te zijn dat je niets kan leren dat je niet al weet. In de Meno laat Socrates zien dat, hoe gek het ook lijkt, leren inderdaad een vorm van herinneren is. Meno’s paradox, ook wel the learner’s paradox genoemd, wordt geformuleerd door Meno. Hij vraagt Socrates hoe onderzoek eigenlijk mogelijk is. Hij stelt dat het enerzijds niet mogelijk is om te onderzoeken wat we al weten want in dit geval is er geen reden voor onderzoek, we weten het immers al. Anderzijds kunnen we ook niet onderzoeken wat we nog niet weten, want hoe weten we dan waar we moeten beginnen met onderzoeken? Waar we naar op zoek zijn is immers iets dat we niet kennen.

Voor je PWS kun je dieper ingaan op de sceptische puzzels van Plato. Je zou de argumentatie kunnen proberen te reconstrueren, en vragen hoe sterk deze is, en welke aannames erachter zitten.

Ook zou je kunnen kijken naar hoe Plato’s analyse van scepticisme contrasteert met het huidige scepticisme. Heeft Plato dezelfde notie van scepticisme? Zijn de puzzels van Plato nog steeds relevant?

De Centrale Vragen

Plato
Plato

De presocratische filosofen formuleerden claims zoals “niets is bekend”. Deze uitspraak is problematisch. Want als niets gekend kan worden, hoe kent iemand die deze uitspraak beweert deze uitspraak dan? Het lijkt onmogelijk dat je iets kunt beweren zonder dat je een waarheidsclaim maakt. Een waarheidsclaim is een claim waarin je beweert dat iets waar is. Het probleem is nu: hoe kun je tegelijkertijd zeggen dat niets gekend kan worden en daarnaast ook beweren dat dingen waar zijn. Is dat niet tegenstrijdig met elkaar? Het idee is dat sceptische claims zichzelf weerleggen, inconsistent, of tegenstrijdig zijn.

Uitstellen is een sceptische houding. Zolang we iets niet zeker weten moeten we ons oordeel uitstellen. Maar pleeg je, als je geen enkele overtuiging vormt, niet een “cognitieve zelfmoord”? Het vermogen om overtuigingen te vormen lijkt juist een centrale eigenschap van een denkend mens. Als we dit niet zouden doen, door onze overtuigingen altijd uit te stellen, dan zouden we misschien niet eens kunnen denken of overleven. Zelfs simpele handelingen als naar de koelkast lopen of opstaan lijken handelingen waar een overtuiging aan ten grondslag ligt.

In de huidige filosofie wordt scepticisme voornamelijk gezien als een bedreiging van buitenaf. ‘De scepticus’ is vooral een denkbeeldige tegenpositie of argument waartegen we ons moeten verzetten om zijn sceptische argumenten te ontkrachten. De sceptici in de oudheid daarentegen zien zichzelf echt als sceptici. Het word “skepsis” betekent onderzoek. Het scepticisme van de oudheid kan dus het beste worden gezien als een hardnekkige toewijding aan onderzoek. Ze namen het idee dat alleen een onderzocht leven een waardevol leven kan zijn erg serieus. Ze wilden weten welke overtuigingen onze handelingen leiden en ervoor zorgen dat we niet te veel vertrouwen plaatsen in on-onderzochte ideeën.

Omdat onderzoek vaak tot tegenstrijdige antwoorden leidt, lijkt het een rationele keus om dan ons oordeel uit te stellen. Maar de scepticus blijft wel altijd doorgaan met het onderzoeken. Voor je PWS kun je kijken naar de centrale vragen van de verschillende sceptische scholen in de oudheid. Waarvan verschilden ze van elkaar? En wie heeft er gelijk volgens jou? Daarnaast zou je kunnen kijken naar de relevantie van de sceptische vraagstukken uit de oudheid voor de huidige filosofie, bijvoorbeeld in philosophy of mind.

Meer weten?

Vind je dit een leuk onderwerp? Dan is de studie filosofie misschien iets voor jou! Kom naar de open dag of volg een webklas.

Laatst gewijzigd:25 juli 2018 11:20