Skip to ContentSkip to Navigation
OnderwijsStudievoorlichtingMeer keuzeactiviteitenScholierenacademieProfielwerkstukAlfasteunpuntFilosofie

Deelonderwerp Lichaam, Brein en Geest: Putnam and Searle

Wanneer spreek je echt Chinees?
Wanneer spreek je echt Chinees?

Is het mogelijk om een machine met bewustzijn te bouwen?

Om deze vraag te beantwoorden kan je gaan kijken naar de vraag of een computer kan denken. Hieronder geven we de visies van twee filosofen die deze vraag op een verschillende manier beantwoorden.

Hillary Putnam en John Searle zijn twee twintigste-eeuwse filosofen die zich met de vraag bezighouden of een computer kan denken. Ze verschillen sterk van mening over het antwoord. Putnam is één van de grondleggers van het functionalisme, een filosofische stroming die de werking van de menselijke geest onderzoekt. Hij bedacht dat je het menselijk denken in termen van een computermodel kunt beschrijven. Hierdoor is er technisch gezien geen verschil tussen het denken van een mens en van een computer.

John Searle beweert juist dat een computer niet kan denken, ze doen maar alsof. In zijn beroemde ‘Chinese kamer’ gedachte-experiment geeft Searle een argumentatie voor zijn bewering. Bij zijn experiment zit je in een kamer en converseert aan de hand van een handboekje met een Chinees, die jou boodschappen op een beeldscherm doorgeeft. Door het handboek antwoord je steeds goed, maar betekent dat ook dat je echt Chinees begrijpt?

Als je een profielwerkstuk wilt schrijven over de vraag of een computer kan denken, is het een leuk idee om Putnam met Searle te vergelijken. Hoe denken ze precies over mens-machine? Kloppen hun uitspraken wel of zijn ze inmiddels achterhaald? Je kunt er ook voor kiezen om één van de denkers kritisch te bespreken.

Onlangs kwam Unifocus met een filmpje over computers en taal. Hier in verschijnt Johan Bos, hoogleraar computationele semantiek. Hij probeert de taal van mensen begrijpelijk te maken voor computers.

Laatst gewijzigd:18 september 2017 10:39