Skip to ContentSkip to Navigation
OnderwijsStudievoorlichtingMeer keuzeactiviteitenScholierenacademieKinderuniversiteit
Header image Wetenschapper in de klas

Goeie vraag!

Datum:05 april 2017
Credits: Wetenschapsknooppunt Radboud Universiteit (WKRU)
Credits: Wetenschapsknooppunt Radboud Universiteit (WKRU)

Elke week kunnen de basisscholieren een vraag stellen aan de wetenschapper van de desbetreffende week van onze online cursus. Wat is een goede vraag, en hoe motiveer je basisscholieren om een goede vraag te stellen? Deze week gaan we in op een specifiek type vraag, namelijk een onderzoeksvraag.

Om basisscholieren te helpen een juiste onderzoeksvraag te stellen, is een handig hulpmiddel ontwikkeld: het zogenaamde ‘vragenmachientje’ (zie afbeelding). Je haalt de vraag van een leerling door de machine. Komt hij er helemaal uit, dan is het een goede onderzoeksvraag. Blijft hij ergens steken, dan moet de vraag aangepast worden of er moet een nieuwe vraag worden bedacht. Wat zo mooi is aan het hulpmiddel, is dat het leerlingen niet alleen leert wat een goede vraag is, maar ook waarom. Hoe gebruik je het vragenmachientje nu in praktijk? Hieronder een voorbeeld:

Deze week mogen de leerlingen vragen stellen aan wetenschapper Diederik Roest. Hier kan de volgende opdracht aan gekoppeld worden:

Stap 1: Laat de leerlingen in groepjes van 3-4 allemaal in stilte een vraag opschrijven die ze aan Diederik willen stellen.

Stap 2: Laat de leerlingen in hun groepjes overleggen en uit de 3-4 vragen die in het groepje zijn bedacht één uit te kiezen die ze de beste vinden.

Stap 3: Vraag alle groepjes om de beurt om hun vraag voor Diederik voor te lezen en uit te leggen waarom ze dit als beste vraag hebben gekozen (dit zorgt ervoor dat de leerlingen gaan nadenken over wat nu precies een goede vraag is). De leerkracht schrijft alle vragen van de groepjes op het bord.

Stap 4: De leerkracht introduceert het vragenmachientje en legt uit dat de klas als geheel gaat kijken of de vragen door het machientje heenkomen en naar Diederik opgestuurd kunnen worden, of dat er nog iets aangepast moet worden.

Stap 5: De leerkracht stopt de vragen van elk groepje stuk voor stuk in het machientje en vraagt bij elke stap aan de klas (of aan een individu) of de vraag een stap verder het machientje in mag. Wanneer een vraag ‘opnieuw’ moet, kan worden gevraagd wat er veranderd moet worden aan een vraag zodat hij wél door het machientje komt. Zo leren de leerlingen niet alleen een goede vraag te stellen maar ook te beargumenteren waarom iets wel of niet een goede vraag is.

 

Reacties

Reacties laden...