Skip to ContentSkip to Navigation
OnderwijsStudievoorlichtingMeer keuzeactiviteitenScholierenacademie
Header image Blog: Dit is wetenschap

Koffie, leugendetectie en voedselreclames

Datum:07 maart 2017
Word je blij van koffie drinken?
Word je blij van koffie drinken?

Beïnvloedt koffie de manier waarop wij de werkelijkheid waarnemen? Kun je onbewust aan iemands gezicht aflezen dat hij liegt? En hoe kun je het beste voedselproducten aanprijzen op zo’n manier dat mensen het kopen? Allemaal vragen waar experimenteel psycholoog Jacob Jolij zich mee bezig houdt. Met behulp van EEG en andere hulpmiddelen onderzoekt hij het gedrag van mensen en hoe dit beïnvloed kan worden.

Zo vond hij dat cafeïne niet alleen je humeur verbetert, maar dat er ook een interactie is tussen cafeïne en waarneming. Proefpersonen moesten een moeilijke gezichtsherkenningstaak doen terwijl ze luisterden naar vrolijke, verdrietige of geen muziek. Dit proces herhaalde zich twee keer: één keer als de proefpersonen koffie zonder cafeïne hadden gedronken, en één keer als de proefpersonen wel hun dagelijks portie cafeïne binnen hadden gekregen. Wat blijkt? Cafeïne vergroot niet alleen het effect van vrolijke muziek, maar vermindert ook het negatieve effect van treurige muziek op een goed humeur en heeft zo invloed op de manier waarop wij de wereld waarnemen.

In een andere studie onderzocht Jolij op basis waarvan mensen eigenlijk kiezen wat ze gaan eten. In de marketing wordt niet alleen gebruik gemaakt van eigenschappen van een product die je kunt waarnemen met je zintuigen, zoals de smaak en de textuur, maar ook van andere eigenschappen zoals ‘weinig calorieën’ of ‘minder suiker’. Het blijkt dat zintuigelijke eigenschappen, ondanks het feit dat ze op het moment van de keuze niet aanwezig zijn, een sterker verband hebben met eten dan eigenschappen die niet waarneembaar zijn met de zintuigen. Om je voedselproducten zo goed mogelijk aan te prijzen kun je dus beter gebruik maken van woorden zoals ‘knapperig’ en ‘vol van smaak’ dan van ‘geschikt als ontbijt’ en ‘30% minder vet’.

En kun je nu aan onbewuste korte veranderingen in het gezicht van iemand die liegt aflezen of er wordt gelogen? Het blijkt dat hoe harder je je best doet om een leugen te ontdekken bij een ander, hoe slechter het gaat. Daarom testte Jacob of impliciete leugendetectie op basis van je ‘ingebouwde leugendetector’ mogelijk is. Kun je onbewust toegang krijgen tot je eigen leugendetector? Uit zijn onderzoek blijkt dat dit wel mogelijk is, maar dat de ingebouwde leugendetector gebruik maakt van subtiele veranderingen in het gezicht van de leugenaar. Bijvoorbeeld een rimpeltje dat er eerst wel was, maar dan opeens niet meer. Deze veranderingen kunnen echter veel beter worden berekend door een computer. Voor een objectieve leugendetector kun je dus toch beter een computer gebruiken!

Tags: Gamma, Biologie

Reacties

Reacties laden...