Skip to ContentSkip to Navigation
Over onsNieuws en agendaKioskNieuwsbrievenWorldwide Newsletter

Duister toerisme kan bijdragen aan vrede

RBF

Wel eens naar herinneringscentrum Kamp Westerbork geweest, Ground Zero in New York bezocht of rondgewandeld op de Westelijke Jordaanoever? Dorina Buda zou u op zo’n moment onder de noemer ‘dark tourist’ scharen. Als assistant professor aan de Faculteit Ruimtelijke Wetenschappen doet zij onderzoek naar toeristische plekken die geassocieerd worden met de dood of levensgevaar.

‘In vergelijking met veel andere landen staat het wetenschappelijk onderzoek naar toerisme in Nederland nog in de kinderschoenen. Het beperkt zich hier veelal tot toegepaste wetenschap en daarbij ligt de focus globaal op de amusementswaarde van vakantie en vrije tijd. Maar er zijn zoveel meer dimensies, én mogelijkheden.

Met mijn onderzoek probeer ik een impuls te geven aan een bredere wetenschappelijke kijk op toerisme,’ zegt Dorina Buda, wier benadering van toerisme in ons land nog vrij onbekend is. Buda is geboren en getogen Roemeense en studeerde en werkte onder andere in China, de Verenigde Staten, Nieuw-Zeeland en Jordanië. In 2012 promoveerde zij in Nieuw-Zeeland op haar proefschrift Danger-zone Tourism: Emotional Performances in Jordan and Palestine. In 2013 kwam ze naar Groningen, waar zij een jaar later werd benoemd tot Rosalind Franklin Fellow. Vorig jaar ontving zij een Veni-beurs voor vervolgonderzoek naar ‘duister toerisme’.

Gevaar

Met haar vorig jaar verschenen boek Affective Tourism: Dark Routes in Conflict is Buda de diepte in gegaan. Het spitst zich toe op Jordanië, waar ze de psyche van de toerist onder de loep nam en onderzocht hoe men van duister toerisme een bestendige (‘sustainable’) sector kan maken. De paraplu van het duistere toerisme is overigens ruim: ‘Onder deze noemer vallen gedenkplaatsen en historische slagvelden, maar ook gebieden waar een deel van de lokale bevolking zelf liever níét zou willen zijn. Denk aan Noord-Korea, Fukushima of de sloppen van Zuid-Afrika. Gemeenschappelijk kenmerk van deze locaties is de associatie met gevaar – veroorzaakt door bijvoorbeeld armoede, een conflict of een natuurramp – en de dood.’ Buda legt uit dat de aantrekkingskracht van deze plekken voor een deel juist in die facetten schuilt, een verschijnsel dat in de psychoanalyse ‘doodsdrift’ wordt genoemd. ‘Dat betekent overigens niet dat deze toeristen een doodswens hebben, maar – bewust of onbewust – zijn ze wel op zoek naar een confrontatie met de dood of levensgevaar.’ Voor wie denkt dat dit een uitzonderlijk verschijnsel is: ‘Bijna iedereen die regelmatig reist – zo’n 10% van de wereldbevolking – heeft wel eens een dark place bezocht.’

Westerbork

Voor haar Veni-onderzoek zoomt Buda in op het toerisme in Palestina, maar natuurlijk is ze ook benieuwd naar de paar duistere plaatsen die Nederland rijk is. Ze laat mij foto’s zien van haar bezoek aan voormalig doorgangskamp Westerbork: ‘Kijk, dit bejaarde stel loopt hier hoogstwaarschijnlijk met een heel andere beleving, heel andere emoties, dan deze twintiger die hier op het gras zit. Op de vraag waarom iemand Westerbork bezoekt, zijn dan ook eindeloos veel antwoorden mogelijk “omdat ik geïnteresseerd ben in geschiedenis” of “omdat ik een nabestaande van een slachtoffer ben”. Of gewoon: “ik was in de buurt en wou iets ondernemen”.’ Ook voor een bezoek aan de Westelijke Jordaanoever bestaan uiteenlopende, geaccepteerde redenen: ‘Religieuze of historische fascinatie, interesse in de huidige politieke en maatschappelijke situatie…. Weinig mensen zullen zeggen dat het lezen van grafsteeninscripties helpt om te reflecteren op het leven of dat het spannend is om gewapende militairen op straat te zien. Omdat ze zich daarvoor schamen. Of, waarschijnlijker, omdat ze zich er niet eens van bewust zijn. Buda gebruikt daar het begrip ‘affect’ voor: ‘De term werd al gebruikt door Spinoza en beschrijft een onbewuste sensatie, onderliggend aan emoties. Voor veel mensen geldt dat ze onbewust op zoek gaan naar het oncomfortabele, het schurende, omdat ze daar iets goeds uithalen voor zichzelf.’

Fotodagboek

Om erachter te komen wat dat goede behelst, gaat Buda etnografisch te werk. In de genoemde landen in het Midden-Oosten dompelde zij zich onder in het toeristenleven. Ze reisde met toeristen en sprak met locals die werkzaam waren in het toerisme. ‘Ik vroeg tourguides bijvoorbeeld een fotodagboek bij te houden, waarin ze vastlegden wat in hun ogen belangrijk was. Toeristen interviewde ik over hun ervaringen, veranderingen in perspectief, gedachten en emoties.’ Buda ontdekte dat vrijwel alle toeristen die zij sprak, hun reis als indrukwekkend en ingrijpend hadden ervaren. Behalve dat het politieke conflict nu een gezicht had gekregen, waarmee ze zich verbonden waren gaan voelen, was er vaak ook sprake van reflectie op het eigen leven. Buda: ‘Zo relativeerde het problemen thuis, liet hen inzien wie en wat écht belangrijk was in het leven. En voor sommigen leverde het heel concrete inzichten op, zoals de toerist die tot het besef was gekomen dat hij in het geval van oorlog nog liever zichzelf zou doden dan een ander. Inzichten die zij in een andere, meer comfortabele context, niet zouden hebben gekregen.’

Stap richting vrede

De term duister toerisme heeft een negatieve connotatie, maar Buda ziet vooral de positieve mogelijkheden ervan: ‘Toerisme is een sterk politiek, economisch en sociaal middel om mensen en plekken samen te brengen, of te verdelen. Dit geldt zeker ook voor het duister toerisme.’ Door in te springen op de affecten en emoties die leven bij toeristen kan een stabiele toeristische sector ontstaan.

Buda kan zich voorstellen dat in de toekomst ondernemers op de Westelijke Jordaanoever adverteren met de boodschap: ‘Boek een trip naar Jeruzalem en leer jezelf beter kennen.’ Zover is het nu nog niet, maar er wordt wel degelijk rekening gehouden met die drang naar reflectie en inzichten. Buda vertelt over het bedrijf Green Olive Tours: ‘Deze Israëlische onderneming zoekt bewust de samenwerking met zowel Israëlische als Palestijnse gidsen. Bij toeristen die op pad gaan met dit bedrijf, ontstaat sympathie en begrip voor beide werelden.’

Een Nederlands voorbeeld zag Buda in Westerbork: ‘Op dit moment wordt op het terrein de link gelegd met de huidige vluchtelingensituatie. Hier zien we dat duister toerisme een educatieve of bewustmakende functie kan hebben. Die ons uiteindelijk een stap dichter bij vrede kan brengen…’

Tekst: Kirsten Otten
Foto: Reyer Boxem
Bron: Broerstraat 5, het alumni magazine van de Rijksuniversiteit Groningen

Laatst gewijzigd:15 september 2017 15:15
printOok beschikbaar in het: English