Skip to ContentSkip to Navigation
Onderdeel van Rijksuniversiteit Groningen
Science LinXScience LinX nieuws

De aarde is voor de zachtaardigen – zolang het druk is

01 maart 2016

Niet alleen mensen hebben een persoonlijkheid. Ook bij tal van diersoorten bestaan er samenhangede individuele gedragspatronen die erfelijk zijn. Maar waarom is er zoveel diversiteit in gedrag, als we mogen verwachten dat natuurlijke selectie de meest optimale persoonlijkheid zal bevoordelen? Ecologen van de RUG gebruikten een natuurlijk experiment met koolmezen om dit te onderzoeken. De resultaten zijn op 29 februari gepubliceerd in het tijdschrift Ecology Letters

In veel diersoorten zijn persoonlijkheidsverschillen tussen individuen gevonden. Die kunnen verlegen zijn, onderzoekend of agressief. Wat opvalt is dat er altijd diversiteit is, ondanks de evolutionaire selectie die er moet zijn. ‘We dachten dat er dus een algemeen evolutionair principe moest zijn dat die diversiteit kon verklaren’, zegt Marion Nicolaus, postdoc bij het Groningen Institute for Evolutionary Life Sciences (GELIFES).

Onderzoek naar persoonlijkheid van koolmeesjes | Foto Max Planck Insitute for Ornithology
Onderzoek naar persoonlijkheid van koolmeesjes | Foto Max Planck Insitute for Ornithology

Veel persoonlijkheidseigenschappen hebben te maken met sociale interactie. Zou het kunnen zijn dat veranderingen in de sociale omgeving voor diversiteit zorgen? Nicolaus en haar collega´s van GELIFES en het Duitse Max Planck Instituut gebruikten een natuurlijk experiment om dit idee te testen. De onderzoekers bestudeerden al tientallen jaren koolmezen in het Lauwersmeergebied. ´We kenden de jaarlijkse variatie in de dichtheid van vogels, en we hadden de ´levensgeschiedenis´ van een groot aantal individuele vogels vastgelegd.´

Gedurende vijf jaar bepaalden zij het succes van een de vogels in het onderzoeksgebied, waarbij succes werd gemeten als ´overleven´. In de wintermaanden werden de vogels gevangen om hun persoonlijkheid vast te stellen. ´We hielden ze na het vangen een nacht lang vast en zetten ze vervolgens in een kunstmatige omgeving, een kamer met wat takken. Daar observeerden we hun gedrag gedurende twee minuten, we keken vooral of ze op onderzoek uitgingen in deze vreemde omgeving.´ Het was bekend dat dit een goede manier is om het persoonlijkheidstype vast te stellen: het gedrag in de kooi hangt samen met de mate van agressiviteit in het wild. ‘En we weten dat die persoonlijkheid ook erfelijk is.’

Marion Nicolaus | Foto Sue Anne Zollinger
Marion Nicolaus | Foto Sue Anne Zollinger

Toen alle gegevens eenmaal binnen waren bleek dat in jaren waarin de vogeldichtheid groot was de verlegen vogels meer succes hadden dan de assertieve, onderzoekende dieren. ‘Een mogelijke verklaring is dat die onderzoekende types dan in zoveel sociale conflicten terechtkomen dat dit een negatieve invloed op hen heeft’, zegt Nicolaus. ‘Misschien krijgen ze door de hoge concentratie stresshormonen een soort burn-out.’ De onderzoekende dieren waren juist succesvoller in de jaren dat er minder vogels waren, zodat er minder concurrentie was voor de beschikbare territoria in het onderzoekgebied.

Het was mogelijk om uit te sluiten dat de koolmezen hun persoonlijkheid aanpasten en in jaren met hoge vogeldichtheid gewoon minder assertief waren: ‘We kenden immers de geschiedenis van individuele vogels, inclusief de jaarlijkse test van hun persoonlijkheidstype.’

De resultaten verklaren waarom bij koolmezen de diversiteit aan persoonlijkheden blijft bestaan: door veranderingen in hun sociale omgeving. Dit lijkt een universeel evolutionair mechanisme te zijn dat diversiteit in persoonlijkheden kan verklaren bij tal van diersoorten, mogelijk zelfs bij de mens, zegt Nicolaus. In de conclusie van het artikel over dit onderzoek schrijven de auteurs dat psychologen aanwijzingen hebben dat in groeiende gemeenschappen met een competitieve omgeving juist verlegen, niet-agressieve personen in het voordeel zijn.

Dus betekent dit, in een wereld met een alsmaar groeiende bevolking, dat de mensheid meer vredelievend wordt? Die extrapolatie gaat wat ver, denkt Nicolaus: ‘Wat we wel kunnen zeggen is dat je succes afhangt van je sociale omgeving.’

Referentie: Density fluctuations represent a key process maintaining personality variation in a wild passerine bird. Marion Nicolaus, Joost M. Tinbergen, Richard Ubels, Christiaan Both and Niels J. Dingemanse

Laatst gewijzigd:01 maart 2016 13:57
printOok beschikbaar in het: English

Meer nieuws