Rijksuniversiteit Groningen
Rugbalk
Reacties op DEZE pagina Abonneren op email bij wijziging 23 Jan 2003

De Kaartenbak

 

Medewerkers en studenten van de Rijksuniversiteit Groningen kunnen beschikken over een rijk arsenaal aan ICT-voorzieningen; de universitaire bestuurders doen er alles aan om het iedereen zo goed mogelijk naar de zin te maken. In vorige afleveringen vertelden verschillende RUG-medewerkers of al deze prachtige voorzieningen ook echt optimaal gebruikt worden.

In deze aflevering nemen we een kijkje bij de ‘buren’, de Hanzehogeschool en laten we een student aan het woord over de ICT-infrastructuur van deze instelling. Frans Satink studeert Bedrijfskundige Informatica en vertelt hoe het is gesteld met de ICT-voorzieningen voor Hanzehogeschool-studenten.

Frans Satink

"Net als de universiteit heeft de Hanzehogeschool een aantal computerzalen met pc’s waar studenten op kunnen inloggen. Er zijn in totaal zo’n acht zalen met ongeveer dertig pc’s per zaal. Net als op de universiteit is er een Novell-omgeving en ook een elektronische leeromgeving met Blackboard 5, hetzelfde pakket dat de RUG ook gebruikt voor Nestor. Wat op de Hanzehogeschool net zo’n probleem is als op de universiteit, is het vinden van een computer die vrij is.

Sommige faculteiten van de Hanzehogeschool hebben niet zoveel practicum-pc’s. Daar loopt via Norrod-computers een notebook-project waarbij studenten een notebook met een redelijke korting aan kunnen schaffen. Op die faculteiten zijn een groot aantal inplug-punten waar de laptop kan worden aangesloten op het netwerk. Daar heb je één practicumzaal met twintig pc’s en de rest van de studenten heeft een laptop. Vooral op de faculteit Economie vind je bijna nergens meer een practicum-pc, maar overal inplug-punten.

Buiten practicumuren zit ik niet veel in de computerzalen, soms in een tussenuurtje. Internet gebruik ik vooral thuis, niet op de faculteit. De regel daar is dat practicum boven recreatief gebruik gaat. Spelletjes en dergelijke zijn verboden. Op het moment dat je in een volle computerzaal een pc recreatief gebruikt, kan iemand anders je verzoeken om plaats te maken. Dus als je je hotmail aan het lezen bent kan iemand de pc opeisen om een verslag te typen, dan moet je in principe opstaan. De meeste mensen halen overigens hun schouders op en typen gewoon verder. Dan wordt hotmail ineens gebruikt om een opdracht te versturen.

Voor sommige practica zit ik lang in de computerzalen, maar dat is ook een gevolg van de studie Informatica. Je leert programmeren, dat kan moeilijk vanuit een boek. Het hangt ook af van het vak. Ik denk dat ik toch wel de helft van de studieweek in de practicumzaal zit, dat is zo’n tien tot vijftien uur. Tijdens de practica werk je voornamelijk in projectgroepen van vier tot zes mensen en dan heb je toch zo’n drie pc’s nodig. De computerzalen zijn voor die colleges ook gereserveerd, dus als je binnenloopt ben je zeker van een pc. Thuis werken doe ik alleen als ik voor mezelf bezig ben of wanneer je in de groep afspreekt wie wat uitwerkt.

Vergeleken met studenten van bijvoorbeeld de faculteit Bouwkunde doe ik heel andere dingen met de pc. Als ik voor een opdracht moet programmeren, kan dat gewoon in een van de practicumzalen. Daarvoor zijn wel een aantal speciale programma’s geïnstalleerd, om te compileren bijvoorbeeld. Maar er is ook gewoon Word; uiteindelijk moet er toch een verslag komen.

Ik maak steeds meer gebruik van de elektronische leeromgeving. Dat komt ook doordat steeds meer docenten het gebruiken. Voor stages is bijvoorbeeld een stagehandleiding beschikbaar via Blackboard, en de weekplanningen van mijn stagebegeleider gaan ook via Blackboard. Sommige docenten willen Blackboard niet gebruiken, andere docenten hebben een cursus gevolgd en gebruiken het voor uitwerkingen van opgaven en sheets. Maar ook bij Bedrijfskundige Informatica zijn nog steeds docenten die je niet hoort over internet of Blackboard.

Thuis heb ik een permanente internet-verbinding via ADSL van KPN. Ik heb eerst op een Flits-flat in Selwerd gewoond, waar je via de universiteit een hele snelle internet-verbinding hebt voor een tientje per maand. Later ben ik met een aantal flatgenoten verhuisd naar een studentenhuis en daar hebben we gekozen voor een permanente verbinding via ASDL. Het is niet goedkoop, maar we hadden ook geen zin om telefoontikken te betalen.

Ik heb thuis een snelle pc. Omdat ik bij Norrod werk, zit ik dicht bij het vuur. ‘Gevaar’ is dat je dan ook steeds meer wilt en je moet het geld er wel voor hebben. Als ik thuis werk is het meestal om verslagen te typen, voor andere dingen heb ik programmeersoftware nodig. Dus op het moment dat ik thuis zit gebruik ik Word, misschien een keer Excel. De rest is ontspanning, spelletjes, internetten, spelletjes via internet. Schietspellen waarbij je met een aantal mensen op een centrale server inlogt en dan elkaar overhoop schiet. Leuk om af te reageren als je thuiskomt. Ik ben nu bezig met het spel ‘Return to Castle Wolvenstein’, dat speelt in de Tweede Wereldoorlog. Je moet een aantal missies volbrengen en op het moment dat je het spel hebt beëindigd, kun je een niveau omhoog. Ik ben nu voor de tweede keer begonnen, het laagste niveau heb ik gehad.

Als ik de hele dag hoorcollege heb, kan ik soms de hele avond nog wel achter de pc zitten. Op dit moment loop ik stage dus zit ik de hele dag al achter de pc. Als ik thuis kom lees ik m’n mail en dat is het dan wel. Als je acht uur per dag tegen zo’n monitor aan moet staren, dan heb je het ook wel gehad op een gegeven moment."

 

Begin pagina


index Pictogram  1