Page content
Section menu
Main menu
Associative links
Page content:
Nederlands

Artikelen


Het voelt wat vreemd aan om in de zomer over oudejaarsrellen na te denken. Willen we de komende jaarwisseling echter een kans maken om de grootschalige ordeverstoringen enigszins in te dammen, dan is het zaak ruim van te voren na te denken over een effectieve aanpak. Het instrument dat de laatste twee jaren is ingezet – het supersnelrecht – heeft onvoldoende effect. Dit moeten we concluderen uit de tot nu bekende cijfers.
Twee jaar geleden werd in NRC Handelsblad gepleit om bij de handhaving van de openbare orde gebruik te gaan maken van de dwangsom. De last onder dwangsom wordt ingezet ter handhaving van bestuursrechtelijke regelgeving en vergunningsvoorschriften, in de sfeer van het openbare-orderecht is het echter een betrekkelijke zeldzaam toegepast instrument.
Werd met dit idee aanvankelijk weinig of niets gedaan, in februari van dit jaar organiseerde het Ministerie van Binnenlandse Zaken een expertmeeting en daaruit vloeide een brief voort aan de Tweede Kamer waarin gemeentebesturen de suggestie wordt gedaan om te gaan experimenteren met de inzet van de dwangsom. In dit artikel analyseren we de hobbels die genomen moeten worden en spreken we onze verwachting uit over de effectiviteit ervan.

Door: prof. mr. J.G. Brouwer en mr. L.D. Ruigrok

Op 29 juni a.s. stemt de Eerste Kamer over de Wet maatregelen bestrijding voetbalvandalisme en ernstige overlast, beter bekend als de Voetbalwet. Die naam doet echter niet helemaal recht aan de volledige inhoud: niet alles draait om voetbal. De wet bevat ook niet-voetbalgerelateerde onderwerpen. Daartegen bestaat veel weerstand. Dit geldt met name de bevoegdheid van de burgemeester om een avondklok in te stellen voor overlastgevende 12-minners.
Hiermee is niet gezegd, dat de senatoren voetstoots akkoord zullen gaan met de voetbalonderdelen: de lengte van het stadionverbod en de strafbaarstelling van voorbereidingshandelingen van hooligans. Maar naar verwachting leveren dit geen ‘breekpunten’ op. Helaas niet, moeten we misschien wel stellen. De wet pretendeert veel, maar maakt dit geenszins waar. Burgemeesters krijgen geen extra mogelijkheden om hooligans effectief aan te pakken.
Wat mankeert er dan aan?

Door: prof. mr. J.G. Brouwer en prof. mr. A.E Schilder

Nederland wordt steeds asocialer met als gevolg dat het politieke en juridische discours steeds vaker in het teken staat van het bestrijden van overlast. Van politiek links tot extreem rechts is men het er over eens dat het zich steeds nadrukkelijker aandienende overlastprobleem moet worden aangepakt. Grote woorden en grove middelen worden daarbij soms niet geschuwd. Het Tweede Kamerlid Wilders wil ‘Marokkaanse straatterroristen in knieën schieten’ en pleit voor de inzet van het leger. Voor het merendeel doen onze parlementariërs echter verstandige voorstellen om de problemen het hoofd te bieden. Kuiken stelt voor om meer dwangsommen, bestuurlijke boetes en psychiatrische hulp in te zetten bij overlastbestrijding. Heerts kondigde na opstootjes in de Goudse wijk Oosterwei aan met een wetsvoorstel tot de invoering van de buurtrechter te komen. Burgemeesters hebben evenzeer ideeën. Cohen pleit voor de invoering van buurtrechtbanken in Amsterdam Zuidoost. Deze speciale rechtbanken zouden door snel te straffen een afschrikwekkend effect hebben op criminele buurtbewoners. Rechters spelen in andere Europese landen al veel langer een rol bij de aanpak van overlastgevend gedrag. Tony Blair bijvoorbeeld ruimde twaalf jaar geleden een prominente plaats in voor lokale rechters in Engeland en Wales in zijn aanval op anti-social behaviour.

Door: prof. mr. J.G. Brouwer en mr. M. Vols

De Algemene wet bestuursrecht heeft de afgelopen vijftien jaar zonder enige twijfel in belangrijke mate het verkeer tussen de burger en de overheid genormeerd. Met name bij bestuurlijke maatregelen die ingrijpen in de vrijheidssfeer van burgers kan de betekenis van een (algemene) wettelijke regeling die garanties biedt voor een zorgvuldige uitoefening van publiekrechtelijke bevoegdheden nauwelijks worden onderschat.

Door: prof. mr. J.G. Brouwer en prof. mr. A.E Schilder

B en W van Venlo verklaren onder toepassing van art. 35b eerste lid APV gemeente Venlo 1984, de woning Vennestraat 73 met onmiddellijke ingang gesloten wegens ernstige overlast voor de onmiddellijke woonomgeving als gevolg van de handel in (hard)drugs vanuit die woning.
De rechtbank vernietigt het bestreden besluit wegens strijdigheid van de verordening met art. 10 eerste lid Grondwet. Deze bepaling eist een formeel wettelijke grondslag voor de beperking van het recht op eerbiediging van de persoonlijke levenssfeer. De aanzienlijke schaal waarop drugshandel plaatsvindt doet weliswaar aanmerkelijk afbreuk aan het besloten karakter van die woning, maar dit betekent niet dat de woning in kwestie helemaal aan de persoonlijke levenssfeer van de bewoners is onttrokken.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelt dat een woning die als zodanig in gebruik is naar haar aard behoort tot de persoonlijke levenssfeer van haar bewoners. Hieraan kan niet afdoen de omstandigheid dat die woning daarnaast nog een andere functie vervult. Een geslotenverklaring van een woning als bedoeld in art. 35b eerste lid van de verordening vormt een beperking van het recht, bedoeld in art. 10 eerste lid Grondwet. Een dergelijke beperking is volgens art. 10 eerste lid voornoemd slechts toegestaan op basis van een wet in formele zin. Nu die grondslag ontbreekt dient de aangevallen uitspraak te worden bevestigd.

Door: prof. mr. J.G. Brouwer en prof. mr. A.E Schilder

Over conflicterende rechten, positieve verplichtingen en grondwettelijke beperkingen bij de bescherming van het woon- en leefklimaat

Door: prof. mr. J.G. Brouwer en prof. mr. A.E Schilder

De Nederlandse overheid heeft tegen de dreiging van terrorisme in de afgelopen jaren vele maatregelen genomen. Binnen het Wetboek van strafrecht zijn tal van wijzigingen doorgevoerd om het strafbare moment naar voren te halen en om de waarborgen voor verdachten van terroristische daden tot een minimum te beperken. In de sfeer van het privaatrecht is een belangrijk voorschrift toegevoegd aan het Burgerlijk Wetboek. Die bepaling verklaart rechtspersonen die op VN- dan wel EU-lijsten van terroristische organisaties staan, zijn niet alleen van rechtswege nietig, maar ontneemt de bestuurders ervan ook de mogelijkheid nog langer over hun financiële vermogen te beschikken.

Door: prof. mr. J.G. Brouwer en mr. Wierenga, A.J.

Uit: Tijdschrift Sport & Recht, december 2009, p.89

Na een jarenlange lobby en eindeloze druk vanuit diverse belangenorganisaties ligt er op dit moment dan toch eindelijk een ‘Voetbalwet’ voor aan de Eerste Kamer die het mogelijk moet maken om efficiënt te kunnen optreden tegen hooligans. De praktijk is verdeeld, sommigen verwachten er niets van, anderen heel veel. Aan de hand van een vergelijking met bestaande bevoegdheden, alsmede het instrumentarium in de Engelse voetbalwet proberen we een oordeel te vellen over het nut en de slagingskans van deze wet. Eerst kijken we terug op een turbulente geschiedenis.

Door: prof. mr. J.G. Brouwer en prof. mr. A.E Schilder

Nederland wordt steeds asocialer. Dit is niet alleen een bekende spreuk, maar blijkt ook werkelijk het geval. Woonoverlast wordt als een steeds groter probleem ervaren. Van politiek links tot extreem rechts zoekt men op dit moment naar middelen om dit overlastprobleem aan te pakken. Veelal wordt door de politiek ingezet op het toekennen van meer bevoegdheden aan burgemeesters. Deze trend stuit echter langzamerhand op rechtsstatelijke bezwaren. Er is bovendien al een bestaande en veel eenvoudiger manier om woonoverlast te bestrijden: de gemeente faciliteert of vertegenwoordigt burgers in een civiele procedure. Het privaatrecht biedt gemeenten meer en genuanceerdere mogelijkheden dan het bestuursrecht.

Door: mr. M. Vols en prof. mr. J.G. Brouwer 

Uit Sociaal Bestek, november 2009, p. 6

Op grote schaal komen vertegenwoordigers van de lokale overheden, zorg- en welzijninstelling en woningbouwcorporaties aan huis om bewoners te ondersteunen bij de aanpak van hun problemen. Dit gebeurt lang niet altijd vrijblijvend.

Door: prof. mr. A.E. Schilder

Openbare-ordeproblemen nemen hand over hand toe. Nochtans heeft de burgemeester als eerstverantwoordelijke gezagsdrager voor de handhaving van de openbare orde er de laatste jaren talloze bevoegdheden bij gekregen. Moeten we op de ingeslagen weg voortgaan of kan het anders? In dit artikel wordt het idee van een buurtrechter geintroduceerd.

Door: prof. mr. J.G. Brouwer en mr. M. Vols

Bij de handhaving van de openbare orde maken burgemeesters in toenemende mate gebruik van maatregelen die de bewegingsvrijheid van burgers beperken. Dit gebeurt op basis van de APV, als ook op grond van de lichte bevelsbevoegdheid in de Gemeentewet. Hierbij wordt zowel in de bestuurspraktijk als in de rechtspraak onvoldoende onderscheid gemaakt tussen de aard van deze verschillende bevoegdheden. Vergeten wordt dat de maatregelen ter onmiddellijke handhaving van de openbare orde vanwege hun geringe democratische legitimatie slechts onder zeer specifieke condities kunnen worden ingezet. Bewegingsbeperkende maatregelen op basis van de APV roepen weer andere rechtstatelijke problemen op. Niet-naleving van een gemeentelijke verordening is een overtreding, het negeren van een burgemeesterlijke gebiedsontzegging levert een misdrijf op. In de praktijk is het verleidelijk nog slechts op misdrijfniveau te vervolgen. De auteurs bespreken deze ontwikkelingen en beogen bij te dragen aan een meer systematische beoefening van het openbare-orderecht.

Door: prof. mr. J.G. Brouwer en prof. mr. A.E Schilder

Uit: NRC 29 december 2008, p. 7

Bij potentiële relschoppers helpt wel huisbezoek vooraf met aankondiging van dwangsom .

In plaats van supersnelrecht kunnen raddraaiers tijdens nieuwjaarsnacht beter vooraf met een dwangsom gewaarschuwd worden, stellen J.G. Brouwer en A.E. Schilder.

Door: prof. mr. J.G. Brouwer en prof. mr. A.E. Schilder


Associative links:
 
Current section:

Artikelen

Section menu: