Skip to ContentSkip to Navigation
Over onsActueelNieuwsberichten

Slechte jeugd is zo slecht nog niet

21 januari 2014

Een stressvolle jeugd kan de kans op depressie in stressvolle situaties op latere leeftijd verkleinen. Omgekeerd kan een rustige jeugd juist een grotere kans geven op depressie bij stress op latere leeftijd. Bepalend hiervoor is welk type aandachtsstijl iemand heeft. Deze verrassende uitkomst blijkt uit onderzoek van onderzoeker Esther Nederhof van het UMCG. Zij publiceert hierover deze week in het vooraanstaande tijdschrift Psychological Science.

Een algemene aanname is dat stress de kans op depressie vergroot. Uit het onderzoek van Nederhof blijkt dat deze relatie er voor sommige mensen er juist heel anders uitziet. Voor haar onderzoek liet Nederhof ongeveer duizend deelnemers twee testen uitvoeren. De eerste test betrof het uitvoeren van een saaie taak. Deelnemers die langdurig heel weinig veranderingen hadden bij het uitvoeren van deze taak, kunnen heel goed hun aandacht richten. Zij worden ‘sustainers’ genoemd. In een tweede test ging zij na hoeveel trager deelnemers werden als ze er een tweede taak bij kregen. Deelnemers die hier goed op scoren en weinig vertraging hadden, zijn goed in het switchen van hun aandacht. Deze groep wordt ‘shifters’ genoemd.

Nederhof toont aan dat sustainers met weinig stress in de kindertijd een heel grote kans hebben om depressief te worden als zij recent veel stress meemaakten. “Deze groep is niet per se gevoeliger voor stress, maar wel voor de mismatch tussen het stressnivieau tijdens hun kindertijd en hun recente stressniveaus”, zegt Nederhof. “Zij hebben hierdoor een grotere kans op een depressie. Sustainers die vroeg in het leven vaak en veel stressvolle omstandigheden meemaakten, hebben bij recente stress juist een kleinere kans om depressief te worden dan alle andere groepen. Het lijkt er op dat zij van jongs af aan geprogrammeerd zijn om met stress om te kunnen gaan.”

De controlegroep in het onderzoek van Nederhof laat precies zien wat je verwacht: bij hen neemt de kans op een depressie toe naarmate zij meer recente stress hebben, ongeacht de mate van stress in hun jeugd. Bij de groep shifters lijkt er helemaal geen relatie te zijn tussen stress en depressie. “Zij lijken hun schouders ophalen en iets anders te gaan doen, in plaats van bij de pakken neer te zitten na een stressvolle gebeurtenis”, zegt Nederhof.

Volgens Nederhof zijn deze uitkomsten van groot belang bij beroepskeuzes en beroepsuitoefening van mensen. “Het kan bijvoorbeeld verklaren waarom sommige politieagenten na grote onlusten wel psychische problemen krijgen, en anderen niet. Ook bij de selectie van militairen voor een stressvolle missie in het buitenland zijn deze gegevens essentieel.”

Nederhof maakte voor haar onderzoek gebruik van de gegevens van de langdurige TRAILS-studie. TRAILS volgt sinds 2001 een groep Noord Nederlandse jongeren in hun psychische, sociale en lichamelijke ontwikkeling op weg naar de volwassenheid. Bijna 2900 jongeren doen mee, al vanaf hun tiende jaar. Recent is de vijfde meting van deze groep jongeren afgerond.

Laatst gewijzigd:15 september 2017 15:34
printOok beschikbaar in het: English

Meer nieuws