Skip to ContentSkip to Navigation
OnderwijsOpleidingenMasteropleidingenSociologie
Header image Sociologie

Sociologie

Contact

Wil je meer weten over de opleiding Sociologie, neem dan contact op:

Bezoek ons!

EvenementOmschrijving
Masterweek

Ontmoet de docenten en studenten van de Groningse masteropleidingen. En proef de sfeer in de facultaire gebouwen, collegezalen, laboratoria en natuurlijk van de stad Groningen.

  • 20 november 2017 - 24 november 2017
  • Broerstraat 5

Meer informatie

Masterweek

Ontmoet de docenten en studenten van de Groningse masteropleidingen. En proef de sfeer in de facultaire gebouwen, collegezalen, laboratoria en natuurlijk van de stad Groningen.

  • 19 maart 2018 - 23 maart 2018
  • Broerstraat 5

Meer informatie

EvenementOmschrijving
Masterweek

Ontmoet de docenten en studenten van de Groningse masteropleidingen. En proef de sfeer in de facultaire gebouwen, collegezalen, laboratoria en natuurlijk van de stad Groningen.

  • 20 november 2017 - 24 november 2017
  • Broerstraat 5

Meer informatie

Masterweek

Ontmoet de docenten en studenten van de Groningse masteropleidingen. En proef de sfeer in de facultaire gebouwen, collegezalen, laboratoria en natuurlijk van de stad Groningen.

  • 19 maart 2018 - 23 maart 2018
  • Broerstraat 5

Meer informatie

EvenementOmschrijving

Studieverenigingen

  • Sociëtas

    Sociëtas is de studievereniging van de opleiding Sociologie aan de Rijksuniversiteit Groningen en heeft ruim 300 leden.

    Sociëtas organiseert regelmatig activiteiten voor alle sociologiestudenten. Zoals lezingen, excursies, een buitenlandse reis, het introductieweekend, een liftwedstrijd, deelname aan de Batavierenrace, borrels en de Nacht van de Sociologie. Ook organiseert de vereniging een boekenverkoop aan sociologiestudenten.

twitter.com/rug_gmw

  • Testimonial van Erik Geerlink

    Onderzoeker bij het marktonderzoeksbureau InSites Consulting in Rotterdam

    Voordat ik aan master Sociologie begon heb ik de HBO bachelor Management Economie en Recht gedaan. Ik wilde daarna verder studeren en sociologie sprak me aan omdat het echt op de mens gericht was en niet alleen op cijfers en economie. Ik moest eerst de pre-master doen, wat vrij zwaar was met veel statistiek, maar ook erg interessant.

    Tijdens mijn master wilde ik graag al werken, en op een dag ben ik het Centrum voor Arbeid en Beleid (CAB) in Groningen binnengelopen om te vragen of ik daar stage kon lopen. Dat kon en tijdens de gehele master heb ik dat twee dagen per week gedaan. Het CAB is een onderzoeks- en adviesbureau dat vooral voor lagere overheden onderzoek doet naar sociaal welzijn en sociale zekerheid, bijvoorbeeld naar mensen in de bijstand.

    Ik mocht vanaf het begin al meehelpen met onderzoek doen. Ik las bijvoorbeeld beleidsteksten van gemeentes en nam interviews af. Dat was heel leuk en leerzaam omdat ik hetgeen ik leerde tijdens mijn studie direct kon toepassen in de praktijk.

    Na mijn afstuderen mocht ik bij het CAB blijven werken. Na een tijdje ben ik geswitcht van baan omdat ik ook graag eens op een ander gebied onderzoek wilde doen. Nu werk ik als onderzoeker bij het marktonderzoeksbureau InSites Consulting in Rotterdam.

    Dit bureau doet marktonderzoek voor grote, internationale bedrijven. Wij onderzoeken voor bedrijven wat consumenten vinden, voelen, denken en doen; hoe consumenten tegen hun bedrijf aankijken. We geven de bedrijven advies hoe ze dit beeld kunnen verbeteren. Het is heel leuk als je dit advies dan na een tijdje terugziet in bijvoorbeeld een reclamecampagne of een nieuw product.

    Het onderwerp dat ik onderzoek is veranderd, maar de onderzoekstechnieken zijn eigenlijk hetzelfde: Interviews afnemen, resultaten analyseren, rapporten schrijven. Bedrijven willen snel resultaat hebben, dat maakt het werk uitdagend. Ik vind mijn baan heel erg leuk, we zijn eigenlijk de schakel tussen de consument en het bedrijf. Het is leuk om hen dichter bij elkaar te brengen.

    De vaardigheden die ik tijdens mijn studie heb geleerd pas ik nog steeds dagelijks toe. Vooral natuurlijk de onderzoeksvaardigheden, maar ook het kritisch nadenken. Ik kan iedere student adviseren om tijdens je studie stage te gaan lopen. Je leert er heel veel van en het vergemakkelijkt je entree op de arbeidsmarkt enorm.

    Sluiten
    – Erik Geerlink
  • Testimonial van Hinke van der Werf

    Bij mij waren de statistiekvakken juist favoriet!

    Ik heb eerst de opleiding hbo-v gevolgd en daarna gekozen voor het schakelprogramma en de master Sociologie van Gezondheid, Zorg & Welzijn. Ik wilde me graag in deze richting specialiseren, omdat dit het beste bij mijn verpleegkundige achtergrond aansloot.

    In tegenstelling tot vele anderen, waren de statistiekvakken bij mij juist favoriet, omdat ik het erg nuttig vind om kwantitatieve resultaten op de juiste manier te kunnen weergeven. Daarnaast vond ik de mastervakken erg interessant, met name de vakken over beleid en de keuzevakken in de richting van Gezondheid, Zorg & Welzijn.

    Eerst vond ik het moeilijk een goed gestructureerde tekst te schrijven. Hieraan wordt gelukkig binnen de opleiding Sociologie veel aandacht besteed. Dat was erg nuttig bij het schrijven van mijn scriptie, voor mij de grootste uitdaging: je moet daarin bewijzen dat je onderzoek kan doen en op de juiste manier verwoorden hoe je dit onderzoek hebt gedaan. De stage vond ik het allerleukste aan mijn studie. Ik werd namelijk gevraagd door de Technische Universiteit in Delft om in Delhi (India) onderzoek te doen naar sociaaleconomische voorwaarden voor het ontwerpen van een water-gerelateerde gezondheidsinterventie. Ik mocht hiervoor drie maanden onderzoek doen in arbeiderswijken in Delhi.

    Naast mijn studie heb ik als verpleegkundige gewerkt. Ook sportte ik een aantal keer per week en had ik tijd over om mijn sociale contacten te onderhouden.

    Het liefst zou ik een baan willen hebben waarbij ik praktijk en onderzoek kan combineren, bijvoorbeeld als docent of onderzoeker waarbij veldwerk mogelijk is. Graag zou ik daarin een brug willen slaan tussen praktijk en wetenschap. Naar mijn idee kan er meer samengewerkt worden, vooral op medisch gebied.

    Mijn tip voor aankomende studenten: verdiep je in het toekomstige werkveld. Wat lijkt je leuk, waar zou je stage willen lopen? Ga tijdig op zoek naar een leuke stageplaats en schroom daarbij niet om buiten het 'Sociologieboekje' te gaan zoeken.

    Sluiten
    – Hinke van der Werf
  • Testimonial van Klazien Offringa

    Leerzaam om deze operatie van dichtbij mee te maken

    Gevolgde opleiding: Masterroute Gezondheid, zorg en welzijn.

    Al in de bachelor vond ik medische sociologie erg interessant. Neem een verschijnsel als medicalisering. Hoe kan het dat ADHD tegenwoordig zo veel voorkomt? Wanneer noemen we iets 'een ziekte'? En hoe gaan mensen zich gedragen als ze officieel 'ziek' zijn?

    Tijdens de masterroute Gezondheid, zorg en welzijn heb ik stage gelopen bij Verslavingszorg Noord-Nederland. Voor mijn afstudeerscriptie heb ik door middel van een experiment onderzocht hoe 'no show' (cliënten die niet op komen dagen) kan worden teruggedrongen.

    Na mijn afstuderen in de masterroute Gezondheid, zorg en welzijn heb ik in eerste instantie gezocht naar een onderzoeksfunctie. Maar al vrij snel kwam ik bij BMC uit. BMC is een adviesbureau dat overheden en organisaties in de publieke sector ondersteunt bij het ontwikkelen, implementeren en uitvoeren van beleid.

    Als trainee maatschappelijke ontwikkeling heb ik een contract voor veertig uur per week. Daarvan word ik voor 36 uur gedetacheerd bij een opdrachtgever, in mijn geval op dit moment bij een gemeente. Daarnaast krijg ik vier uur per week trainingen. Over vaardigheden zoals schriftelijke en professionele communicatie bijvoorbeeld, maar ook over inhoudelijke kwesties zoals de decentralisaties die op dit moment in volle gang zijn. Ik ben dus én aan het werk én in opleiding. Doordat je in een groep start met andere pas-afgestudeerden voel je je snel thuis in de organisatie.

    Ik hou mij bezig met ontwikkelingen in het sociaal domein. Door drie omvangrijke decentralisaties hebben gemeenten sinds 1 januari 2015 veel verantwoordelijkheid op het gebied van zorg en maatschappelijke ondersteuning. Als projectondersteuner help ik bij het vormgeven van nieuw beleid. Ik ben bij vergaderingen, help met verslaglegging en schrijf nota's en collegevoorstellen. Er moet veel besloten en geregeld worden. Gaat de gemeente met een sociaal wijkteam werken? En hoe moeten we mantelzorgers gaan waarderen?

    Het is spannend en leerzaam om deze operatie van dichtbij mee te maken. Je wordt echt in het diepe gegooid. In principe ben ik voor een bepaalde periode gedetacheerd. Daarna begin je aan een nieuwe klus. Die afwisseling spreekt me erg aan. Het lijkt me ook leerzaam; geen gemeente is hetzelfde.

    Ik heb tijdens mijn opleiding onderzoek gedaan naar de leefbaarheid en sociale cohesie in wijken. Hele actuele onderwerpen, nu gemeenten de zelfredzaamheid van burgers wil vergroten door meer van hun netwerk te vragen. Daarnaast leer je tijdens de opleiding dat problemen meestal niet op zichzelf staan. Dit is precies waar gemeenten momenteel op anticiperen. In plaats van allerlei hulpverleners die allemaal een ander probleem proberen op te lossen, is er een verschuiving gaande naar het idee van 'één gezin, één plan, één regisseur'.

    In mijn werk heb ik er ook profijt van dat er tijdens de opleiding sociologie veel aandacht wordt besteed aan schrijf- en presentatievaardigheden. Wel had ik achteraf wat meer beleidsvakken willen volgen, iets wat masterstudenten nu gelukkig verplicht doen. Want ik zie: beleid is bijna overal.'

    Wil je Klazien iets vragen over de masterroute Gezondheid, zorg en welzijn of over haar werk als trainee-beleidsadviseur? Neem dan contact met haar op.

    Sluiten
    – Klazien Offringa
  • Testimonial van Loes van Rijsewijk

    'Opeens werd ik als collega beschouwd'

    Gevolgde opleiding: Research Master.

    'Ik ging sociologie studeren om leraar te worden. Tijdens het schrijven van mijn bachelorscriptie leerde ik echter wat onderzoek doen écht inhoudt. Ik ging aan de slag met een persoonlijke begeleider en een eigen onderwerp: de invloed van schoolprestaties op probleemgedrag. Zo ervoer ik hoe interessant wetenschappelijk onderzoek is als je een onderwerp hebt waar je alles over wilt weten.

    Daarop besloot ik de research master te gaan volgen. In deze master werk je in een select groepje van slimme en gemotiveerde studenten uit verschillende disciplines. Dat heeft mijn horizon enorm verbreed. Er is in het programma ook veel ruimte om nieuwe dingen te leren. Pas tijdens de research master kreeg ik het idee: nu weet ik wat ik kan met statistiek.

    Nog belangrijker was dat ik leerde hoe ik mijn eigen onderzoek en dat van anderen moest interpreteren en kritisch kon beschouwen. In de onderzoeksgroep waar ik als student deel van uitmaakte werd ik door ervaren onderzoekers opeens als een collega beschouwd die waardevolle input leverde.

    In de research master leer je bovendien te zoeken naar een wetenschappelijke niche: iets waar nog niet veel over bekend is. Zo kwam ik erachter dat we veel weten over probleemgedrag onder jongeren, maar weinig over hun positieve gedrag. Van mijn afstudeerscriptie over hulpgedrag onder jongeren heb ik een onderzoeksvoorstel gemaakt. Daarvoor heb ik een landelijke onderzoekstalent-beurs gekregen. Daardoor kan ik nu vier jaar onderzoek doen.

    Aan de hand van netwerkgegevens van jongeren op een grote middelbare school onderzoek ik wie door wie wordt geholpen. Wie helpt je met je huiswerk, wie met het plakken van je band, wie als je het even niet meer ziet zitten? Uit mijn eerste resultaten blijkt dat gelijkgezinden elkaar helpen. Jongeren met veel emotionele problemen helpen bijvoorbeeld andere jongeren met emotionele problemen. Misschien begrijpen ze elkaar goed. Maar het kan ook een risico zijn als ze elkaar de put in praten.

    Het werk als onderzoeker is vrij en afwisselend. Ik bestudeer artikelen, ontwikkel vragenlijsten, verzamel gegevens en analyseer data. Over mijn bevindingen schrijf ik wetenschappelijke artikelen die ik op conferenties presenteer aan vakgenoten uit het buitenland. Zo hoop ik bij te dragen aan de kennis over jongeren. Het gaat traag, maar het gaat wel vooruit. Inmiddels begeleid ik ook eerstejaars studenten in een project. Zo geef ik toch nog les.'

    Wil je Loes iets vragen over de research master of over haar werk als wetenschappelijk onderzoeker? Neem dan
    contact met haar op.

    Sluiten
    – Loes van Rijsewijk
  • Testimonial van Ralph Mennes

    'Wij gaan op zoek naar de verborgen populatie'

    'Tijdens mijn master raakte ik geïnteresseerd in de relatie tussen antisociaal gedrag van jongeren en populariteit. Toen ik voor mijn afstudeerscriptie een sociale netwerkanalyse maakte van leerlingen op een middelbare school, merkte ik dat ik onderzoek doen boeiend vond. Als student-assistent zette ik mijn onderzoek daarom nog een paar maanden voort.

    Na mijn afstuderen heb ik meerdere onderzoeksbureaus aangeschreven, maar het was door de economische crisis een lastige tijd om werk te vinden. Via een werkervaringsplek ben ik uiteindelijk bij Intraval terechtgekomen en dat bleek een schot in de roos.

    Intraval doet beleidsonderzoek voor diverse opdrachtgevers. Vooral ministeries en gemeenten, maar ook organisaties in de zorg- en veiligheidssector. Het onderzoek en advies concentreert zich voornamelijk rond vier thema's: leefbaarheid, welzijn, jeugd en verslaving. We vormen een schakel tussen wetenschap en beleid door onze conclusies te baseren op gedegen onderzoek. Daarbij proberen we kwalitatieve en kwantitatieve onderzoeksmethoden te combineren. In een onderzoek kunnen dus zowel diepte-interviews als statistische analyses worden gebruikt.

    Een belangrijke expertise is ons vermogen om de zogeheten hidden population, de “verborgen doelgroep”, te bereiken. Deze doelgroep bevindt zich meestal aan de randen van de samenleving. Daarbij kun je denken aan daklozen, verslaafden en prostituees. Om na te gaan hoe het zit gaan we naar de doelgroep toe. Zo ondervragen we bijvoorbeeld coffeeshopbezoekers in de coffeeshop. Ik zit dus niet alleen op kantoor en dat maakt mijn werk afwisselend.

    Vaak werk ik aan meerdere projecten tegelijk. Soms twee, soms vijf. Het eerste onderzoek waarbij ik betrokken ben geweest was een studie naar de onveiligheidsbeleving in Tilburg. De lokale overheid maakte al jaren beleid, maar het lukte niet om de onveiligheidsgevoelens terug te dringen. Wij hebben op basis van enquêtes en interviews onderzocht hoe dat kwam. Heerlijk dat ik me mocht uitleven op zo'n grote dataverzameling.

    In ons rapport concluderen we dat de onveiligheidsgevoelens worden gevoed door een diepgeworteld wantrouwen tegenover instanties, zoals de politie en de gemeente. Daardoor ontstaat ook wantrouwen naar andere buurtbewoners. We doen in het rapport een aantal aanbevelingen waardoor de gemeente het vertrouwen weer terug kan winnen. De onveiligheidsbeleving blijkt  hier een complex sociaal verschijnsel, dat niet zomaar is op te lossen door het plaatsen van een enkele lantaarnpaal waardoor de straat beter verlicht is.  Als onderzoeker ontrafel je dagelijks zulke sociologische vraagstukken.'

    Wil je Ralph iets vragen over de master route Criminaliteit en Veiligheid of over zijn werk als onderzoeker? Neem dan contact met hem op.

    Sluiten
    – Ralph Mennes
  • Testimonial van Tom Drukker

    'Ik wil mijn leerlingen leren een beargumenteerd standpunt in te nemen'

    Gevolgde opleiding: Educatieve master.

    'Ik heb lang getwijfeld toen ik een master moest kiezen. Uiteindelijk heeft het onderwijs als sector de doorslag gegeven, vooral vanwege de ideële overtuiging dat goed onderwijs ertoe doet.

    Onderwijs zie ik als een essentiële schakel tussen persoonlijke en maatschappelijke ontwikkeling. Voor de klas staan trok me toen nog niet eens zozeer. Maar ik dacht wel: als je iets in het onderwijs wilt doen, moet je voor de klas gestaan hebben, met je voeten in de klei.

    ls docent maatschappijleer wil ik mijn leerlingen leren op basis van argumenten een standpunt in te nemen over een sociaal probleem of een maatschappelijke ontwikkeling. Als ze straks mogen stemmen, hoop ik dat ze een weloverwogen keuze maken. Of dat nu een stem op een linkse of op een rechtse partij is doet er niet toe. Ik hoop alleen niet dat ze zomaar wat roepen.

    De educatieve master heeft twee componenten: de vakinhoud – wat leer je ze? – en vakdidactiek – hoe doe je dat? In maatschappijleer staan de thema's politiek, recht, de verzorgingsstaat en de pluriforme samenleving centraal. Sociologische concepten als sociale cohesie en sociale ongelijkheid komen binnen die onderwerpen wel aan bod, maar van mij zou het nog wel wat sociologischer mogen.

    In het nieuwe examenprogramma voor het verdiepende keuzevak maatschappijwetenschappen zie ik wel meer sociologie. Het gaat over begrippen als binding, verhouding, vorming en verandering. Daar herken ik de hoofdvragen van de sociologie in: sociale cohesie, sociale ongelijkheid, identiteit en rationalisering. Voor een Havo 4-klas is dat wat abstract. Aan de hand van thema's als onderwijs en massamedia probeer ik die concepten concreet te maken.

    Didactiek – hoe leren leerlingen en hoe kun je daar als docent aan bijdragen? – is te leren. Ik maak nog steeds gebruik van de lesopzet die ik tijdens de educatieve master heb ontwikkeld. Maar als docent heb je ook een bepaalde persoonlijkheid nodig. Er zijn permanent 25 paar ogen op je gericht. Als je dat moeilijk vindt, sta je al met 1-0 achter. Het leraarschap is niet voor iedereen weggelegd, denk ik. Tijdens je stage kom je er gauw genoeg achter of het iets voor je is.

    De eerste jaren kostte het lesgeven me veel energie. Maar het gaat me steeds beter af. Ik heb mijn bakens ook wat verzet. Eerst had ik hoge verwachtingen over wat ik leerlingen kon leren, maar nu haal ik vooral voldoening uit persoonlijk contact.

    Naast mijn werk als docent maak ik op school onderdeel uit van de beleidsgroep en de onderzoeksgroep. In de beleidsgroep bespreken we onder andere het nieuwe schoolplan, waarin bijvoorbeeld wordt vastgelegd hoe we als school willen omgaan met sociale media. In de onderzoeksgroep volgen we de implementatie van onderwijsinnovaties, zoals digitaal toetsen. Het aantrekkelijke van het onderwijs is dat je in deeltijd kunt werken. Naast het lesgeven ben ik nu ook begonnen met het opzetten van een bureautje voor sociaalwetenschappelijk onderzoek.'

    Wil je Tom iets vragen over de educatieve master of over zijn werk als docent maatschappijleer? Neem dan contact met hem op.

    Sluiten
    – Tom Drukker
  • Testimonial van Siebren Huitema

    Bij het vak Arbeid en Levensloop bestuderen we de positie van social groepen op de arbeidsmarkt.

    Sociologie gaat precies over wat ik interessant vind. Je houdt je bezig met hoe groepen mensen zich gedragen, waarom mensen eigenlijk doen wat ze doen. Behalve het vakgebied zelf spreekt ook de kleinschaligheid van de faculteit en de opleiding me aan. Als je een beetje je best doet, ken je iedereen, de docenten kennen je bij naam en je stapt makkelijk op ze af.


    Ik heb mijn bachelor ook in Groningen gedaan. Ik hoefde niet zo nodig weg na de bachelor: ik houd van de stad, ik voel me prettig op de faculteit en de mastertracks die aangeboden werden leken me leuk. Ik doe de specialisatie Arbeidsrelaties en Levensloop. Daarbij houd je je bezig met economie, maar dan gefocust op mensen in plaats van cijfertjes. We hebben het bijvoorbeeld over de positie van bepaalde sociale groepen – jongeren, ouderen, vrouwen – op de arbeidsmarkt, hoe die positie de afgelopen jaren is veranderd en hoe beleid er invloed op kan hebben.

    Het leuke van de master is dat je veel verder op de inhoud in kunt gaan dan in de bachelor. Dat merkte ik bijvoorbeeld heel erg bij het vak Arbeid en Levensloop. Iedere week moeten we stof voorbereiden en tijdens de colleges gingen we dan echt de diepte in. Ik heb er veel van geleerd.

    Voor je afstuderen moet je drie maanden stage lopen, en daarna drie maanden een scriptie schrijven. Maar daar zijn ze heel flexibel in: ik mag zes maanden stage lopen, en in die tijd ook mijn scriptie schrijven. Ik ga bij de provincie Groningen een onderzoek doen naar de krimp in de provincie. Een mooie kans om alvast ervaring op te doen voor na mijn studie, want het lijkt me het leukst om iets in de publieke sector te gaan doen.

    Sluiten
    – Siebren Huitema
  • Testimonial van Danique Hoftijzer

    We bestuderen theorieën en mechanismen achter criminaliteit.

    Via m'n middelbare school kreeg ik een voorlichting over de studie Sociologie. Wat ik daar hoorde, sprak me ontzettend aan: dat je menselijk gedrag bestudeert, en leert wat daar allemaal achter zit. Ik heb daarna op verschillende universiteiten voorlichtingsdagen bezocht, en op de RUG een meeloopdag gedaan.

    Die meeloopdag heeft me echt over de streep getrokken. We kregen colleges en rondleidingen door de faculteit en door de stad. Ik vond de universiteit en de mensen zo leuk, dat ik uiteindelijk voor de RUG gekozen heb.

    Al tijdens mijn bachelor merkte ik dat ik het meest geboeid werd door crimineel gedrag. Ik heb er mijn keuzevakken en minor op toegespitst en ik heb gekozen voor de masterspecialisatie Criminaliteit en Veiligheid. Het leek me heel interessant om criminaliteit te bestuderen. Waarom gaan mensen de fout in, waarom de één wel en de ander niet, en hoe kunnen we dat op groepsniveau verklaren?

    Tot nu toe vind ik de master erg leuk, vooral de specialisatievakken. Daarin doen we precies waar ik op hoopte: we bestuderen de theorieën en mechanismen die achter criminaliteit zitten. En uiteraard ook beleid om criminaliteit tegen te gaan.

    De master Sociologie is relatief klein. In totaal zijn we met ongeveer vijftig mensen, bij mijn specialisatie zitten er een stuk of vijftien. We doen vaak groepsopdrachten en hebben dus veel onderling contact, wat ik erg leuk vind. Ook met de docenten is het contact heel goed.

    Een groot voordeel van deze master vind ik dat je veel vrijheid krijgt om je eigen stage en scriptie in te richten. Voor mijn stage ga ik meewerken aan een onderzoek dat hier op de universiteit gedaan wordt voor FC Groningen. Het gaat over sociale veiligheid en sociaal-emotionele ontwikkeling bij de jeugdteams.

    Dat is dus niet zozeer gericht op crimineel gedrag, maar ik heb gekozen voor deze stage omdat ik heel graag iets met jongeren wilde doen. Bovendien verwacht ik dat ik er veel van kan leren. Straks zit ik tussen allemaal ervaren onderzoekers, een ideale manier om te zien hoe onderzoek in z'n werk gaat en of het misschien iets voor mij is!

    Sluiten
    – Danique Hoftijzer
  • Testimonial van Josien Schaafsma

    De vakken zijn interessant en de docenten heel boeiend om naar te luisteren.

    Eerlijk gezegd wist ik niet zo goed wat ik wilde, toen ik m'n master moest kiezen. Veel studenten kiezen na de sociologiebachelor voor de richting Criminaliteit & Veiligheid, maar mij trok dat eigenlijk niet.

    Sluiten
    – Josien Schaafsma
  • Testimonial van Reinder van Zaane

    Het vak 'Sociale determinanten van gezondheid' sprak me heel erg aan.

    Vóór mijn master heb ik Fysiotherapie gedaan aan de Hanzehogeschool. Dat vond ik wel leuk, maar ik kwam er gaandeweg achter dat ik geen behandelaar wilde worden. Ik miste de wetenschap en de verdieping.

    Daarom volg ik nu de master Gezondheid, Welzijn & Zorg, de medische specialisatie van de master Sociologie. Dat past bij mijn interesse in de gezondheidszorg, maar is wel anders dan mijn vooropleiding. Bij Fysiotherapie keken we altijd puur medisch en fysiek naar klachten, terwijl we hier met de sociale en sociologische kant bezig zijn.

    Ik vind de master erg leuk! Tijdens het schakeljaar heb ik veel bijgespijkerd, vooral statistiek, er kwam een heleboel aan bod in korte tijd. Nu in de master merk ik juist dat er verdiepende vakken op de voorgrond staan, dat spreekt me erg aan.

    'Sociale determinanten van gezondheid' is bijvoorbeeld zo'n vak. Dat gaat erover hoe sociale en maatschappelijke factoren invloed hebben op je gezondheid. Het effect daarvan kan net zo sterk zijn als dat van roken. Op zo'n manier had ik nog nooit naar gezondheid gekeken! Naast de colleges die we volgden, gingen we voor dit vak langs bij de gemeente en bij een sociaal wijkteam. We zagen dus echt mensen in de praktijk bezig. Dat maakte indruk.

    Ook met de 'gewone' colleges heb ik hele goeie ervaringen. Een vak dat me bijzonder is bijgebleven is 'Beleidsontwerp'. De docent gebruikte geen sheets in zijn colleges, hij vertelde alleen maar. Aan het begin dacht ik: oei, hoe ga ik dit allemaal onthouden? Maar hij wist ieder college weer in twee uur tijd een prachtig verhaal neer te zetten, waarbij je precies snapte hoe dingen werkten. En je onthoudt het, ook nadat je je tentamen al gehaald hebt.

    Na mijn studie zou ik heel graag beleidswerk willen doen, bij de gemeente of de GGD bijvoorbeeld. Of iets doen bij sociale wijkteams. Het lijkt me in elk geval heel erg leuk om me bezig te houden met manieren om de gezondheidszorg nog beter in te richten.

    Sluiten
    – Reinder van Zaane
  • Testimonial van Marieke Lamers

    In mijn werk bij Zunderdorp Beleidsadvies & Management heb ik veel aan de kennis over beleid en onderzoek en medicalisering en sociale cohesie die ik in mijn master heb opgedaan

    Ik heb de master Sociologie gevolgd, met als specialisatieroute Gezondheid, Welzijn en Zorg. Ik was altijd al erg geïnteresseerd in de gezondheidszorg. Na de bachelor sociologie – waarin ik in een keuzevak kennis maakte met medische sociologie– leek deze masterroute me een goed vervolg.

    Tijdens mijn master heb ik stage gelopen bij ZorgfocuZ, een onderzoeksbureau in de zorg- en welzijnssector. Na mijn stage heb ik daar nog zo’n anderhalf jaar gewerkt.

    Nu werk ik bij Zunderdorp Beleidsadvies & Management. Via een docent van Sociologie kwam ik in contact gekomen met dit bedrijf. Hij wist dat er een vacature was en vond het wel iets voor mij. Dat was geluk, want de baan bleek inderdaad goed bij me te passen!

    Zunderdorp verzorgt strategisch advies en procesbegeleiding voor gemeenten, VNG, gemeentelijke netwerken als de G4 en de G32 en non-profit instellingen. Ik werk regelmatig aan zorg gerelateerde projecten, bijvoorbeeld op het gebied van Jeugdzorg of de Wet maatschappelijke ondersteuning. Maar niet alles wat ik doe heeft direct met gezondheidszorg te maken. Ik houd me ook bezig met thema’s als onderwijs en werk en inkomen. Het werk is dus heel afwisselend, en gelukkig is het absoluut niet zo dat ik door de masterroute die ik heb gekozen beperkt ben in de gebieden waar ik me mee bezig kan houden.

    De master Sociologie heeft me goed voorbereid op het werk dat ik nu doe. Naast de basale vaardigheden die je sowieso moet leren op de universiteit – zelfstandig werken, kritisch nadenken, schrijven – heb ik dankzij mijn opleiding achtergrondkennis opgedaan waar ik nu nog steeds veel aan heb. Ik heb veel profijt van de kennis die ik in mijn master heb opgedaan over beleid en onderzoek, maar ook over bijvoorbeeld medicalisering en sociale cohesie. De kennis die ik heb opgedaan in mijn master vormt dan ook een goede basis voor mijn huidige werkzaamheden.

    Sluiten
    – Marieke Lamers
  • Testimonial van Arie Glebbeek

    Arie Glebbeek - docent Beleidsontwerp & Arbeidssociologie

    Ik geef in de Bachelor het vak arbeidssociologie en in de Master geef ik beleidsontwerp. Mijn expertise ligt voornamelijk bij arbeidssociologie, beleidssociologie en sociale welvaart. Deze thema's houden zich bezig met alle grote maatschappelijke problemen van onze tijd. Heel veel kwesties die ons bezig houden en die ons bestaan kleuren zijn eigenlijk sociaal economische kwesties.

    Arbeidssociologie ligt in de kern daarvan. Je houdt je onder andere bezig met de arbeidsmarkt, de arbeidsverhoudingen, inkomensontwikkeling, de relatie tussen arbeid en vrije tijd en de loopbanen van mensen. Dit is heel boeiend, en te meer ook omdat er zich steeds weer nieuwe dingen voordoen. Dat wil zeggen; soms zijn het hele oude kwesties die optreden. Een voorbeeld hiervan is de economische crisis van het afgelopen decennium. Dit was eigenlijk een hele “klassieke” crisis die dezelfde oorzaken had als de grote crisis van de jaren 30. Er zijn  natuurlijk ook heel veel dingen die we voor het eerst meemaken, zoals de flexibilisering van de arbeidsmarkt of de afstemming tussen werk en privé. Met de moderne informatie technologieën zijn deze werelden enorm in elkaar geschoven.

    Bij beleidsontwerp behandel je in feite alle beleidsterreinen. Hierin komen vraagstukken m.b.t. onderwijs, criminaliteit of gezondheidszorg aan de orde. De scoop is heel breed. In mijn colleges probeer ik altijd zoveel mogelijk gebruik te maken van actuele voorbeelden.

    De opleiding sociologie is gestructureerd langs de vier voornaamste maatschappelijke ordes. Deze zijn; de markt, de overheid, organisaties én de gemeenschap. In de vakken die ik geef leen ik dan ook waar het nodig is van andere wetenschappen; zoals de economie. Er zitten veel economische inzichten geïncorporeerd in de vakken die ik geef. Wat is dan specifiek sociologisch domein? Sociologen hebben bij uitstek oog voor het feit dat mensen sociale behoeften hebben. Alle goederen en diensten die we produceren betekenen welvaart, maar onze welvaart hangt in belangrijke mate ook af van de tijd en ruimte die we voor elkaar hebben. Wat bij uitstek een sociologische opbrengst is van mensen is sociale waardering; de waardering die je van elkaar krijgt. Deze waardering is net zo belangrijk voor mensen als de goederen en diensten die ze hebben. Ik probeer in de vakken die ik geef dan ook nadrukkelijk de sociale welvaart en de bronnen van sociale waardering  te incorporeren.

    Sluiten
    – Arie Glebbeek
  • Testimonial van Jan Kornelis Dijkstra

    Universitair hoofddocent MSc Sociologie, route Criminaliteit en Veiligheid

    Mijn naam is Jan Kornelis Dijkstra en ik ben universitair hoofddocent bij de master Sociologie en daar ben ik betrokken bij de route Criminaliteit en Veiligheid, één van de specialisaties die we bij deze master aanbieden.

    De route Criminaliteit en Veiligheid bouwt deels voort op wat er in de bachelor gedaan wordt, maar is een zelfstandige opleiding. Het is een verdieping van theorieën, toegepast op verschillende specifieke vormen van criminaliteit zoals georganiseerde criminaliteit, zedenmisdrijven en organisatiecriminaliteit. Belangrijk is dat de beleidskern van de opleiding die de studenten van alle routes samen volgen. Dit zijn vakken als Beleidsontwerp en Beleidsevaluatie. Dit is een verdieping op het gebied van beleid en interventies.

    Bij andere universiteiten heb je de opleiding Criminologie. Daar draait dus alles om Criminologie. Bij ons is het een specialisatie binnen de Master Beleid. In die zin denk ik dat we onze studenten breed opleiden. Ze zijn daarom ook breed inzetbaar.

    We werken vaak met essays en opdrachten. Afgelopen jaar moesten studenten bijvoorbeeld kijken naar de inbraakcijfers in Groningen. Wat zijn nou precies de hot spots? Kunnen we dat verklaren met de data die we hebben? In dat project werken we samen met de politie. Dat is heel leuk en erg leerzaam.

    Zelf ben ik verantwoordelijk voor een theorievak en daarnaast begeleid ik scripties en stages. Vaak vallen stage en scriptie samen. Studenten lopen dan ergens stage en gaan vanuit daar verder met een onderzoek. De scripties variëren van beleidsscripties waarbij bijvoorbeeld gekeken wordt naar de politie-inzet tijdens Oud en Nieuw en hoe dat geoptimaliseerd kan worden tot meer criminaliteitsscripties die gaan over de inbraakcijfers tussen verschillende wijken in Leeuwarden. Mijn specialisatie is de jeugdcriminaliteit, maar ik houd me ook veel bezig met georganiseerde criminaliteit.

    De studenten van ons komen eigenlijk altijd wel goed terecht. Het thema criminaliteit en veiligheid is een thema dat blijft spelen. Terrorisme, jeugdcriminaliteit: het is vaak in het nieuws. Het is en blijft actueel.

    Sluiten
    – Jan Kornelis Dijkstra
  • Testimonial van Erik Geerlink

    Onderzoeker bij het marktonderzoeksbureau InSites Consulting in Rotterdam

    Voordat ik aan master Sociologie begon heb ik de HBO bachelor Management Economie en Recht gedaan. Ik wilde daarna verder studeren en sociologie sprak me aan omdat het echt op de mens gericht was en niet alleen op cijfers en economie. Ik moest eerst de pre-master doen, wat vrij zwaar was met veel statistiek, maar ook erg interessant.

    Tijdens mijn master wilde ik graag al werken, en op een dag ben ik het Centrum voor Arbeid en Beleid (CAB) in Groningen binnengelopen om te vragen of ik daar stage kon lopen. Dat kon en tijdens de gehele master heb ik dat twee dagen per week gedaan. Het CAB is een onderzoeks- en adviesbureau dat vooral voor lagere overheden onderzoek doet naar sociaal welzijn en sociale zekerheid, bijvoorbeeld naar mensen in de bijstand.

    Ik mocht vanaf het begin al meehelpen met onderzoek doen. Ik las bijvoorbeeld beleidsteksten van gemeentes en nam interviews af. Dat was heel leuk en leerzaam omdat ik hetgeen ik leerde tijdens mijn studie direct kon toepassen in de praktijk.

    Na mijn afstuderen mocht ik bij het CAB blijven werken. Na een tijdje ben ik geswitcht van baan omdat ik ook graag eens op een ander gebied onderzoek wilde doen. Nu werk ik als onderzoeker bij het marktonderzoeksbureau InSites Consulting in Rotterdam.

    Dit bureau doet marktonderzoek voor grote, internationale bedrijven. Wij onderzoeken voor bedrijven wat consumenten vinden, voelen, denken en doen; hoe consumenten tegen hun bedrijf aankijken. We geven de bedrijven advies hoe ze dit beeld kunnen verbeteren. Het is heel leuk als je dit advies dan na een tijdje terugziet in bijvoorbeeld een reclamecampagne of een nieuw product.

    Het onderwerp dat ik onderzoek is veranderd, maar de onderzoekstechnieken zijn eigenlijk hetzelfde: Interviews afnemen, resultaten analyseren, rapporten schrijven. Bedrijven willen snel resultaat hebben, dat maakt het werk uitdagend. Ik vind mijn baan heel erg leuk, we zijn eigenlijk de schakel tussen de consument en het bedrijf. Het is leuk om hen dichter bij elkaar te brengen.

    De vaardigheden die ik tijdens mijn studie heb geleerd pas ik nog steeds dagelijks toe. Vooral natuurlijk de onderzoeksvaardigheden, maar ook het kritisch nadenken. Ik kan iedere student adviseren om tijdens je studie stage te gaan lopen. Je leert er heel veel van en het vergemakkelijkt je entree op de arbeidsmarkt enorm.

    Sluiten
    – Erik Geerlink
  • Testimonial van Hinke van der Werf

    Bij mij waren de statistiekvakken juist favoriet!

    Ik heb eerst de opleiding hbo-v gevolgd en daarna gekozen voor het schakelprogramma en de master Sociologie van Gezondheid, Zorg & Welzijn. Ik wilde me graag in deze richting specialiseren, omdat dit het beste bij mijn verpleegkundige achtergrond aansloot.

    In tegenstelling tot vele anderen, waren de statistiekvakken bij mij juist favoriet, omdat ik het erg nuttig vind om kwantitatieve resultaten op de juiste manier te kunnen weergeven. Daarnaast vond ik de mastervakken erg interessant, met name de vakken over beleid en de keuzevakken in de richting van Gezondheid, Zorg & Welzijn.

    Eerst vond ik het moeilijk een goed gestructureerde tekst te schrijven. Hieraan wordt gelukkig binnen de opleiding Sociologie veel aandacht besteed. Dat was erg nuttig bij het schrijven van mijn scriptie, voor mij de grootste uitdaging: je moet daarin bewijzen dat je onderzoek kan doen en op de juiste manier verwoorden hoe je dit onderzoek hebt gedaan. De stage vond ik het allerleukste aan mijn studie. Ik werd namelijk gevraagd door de Technische Universiteit in Delft om in Delhi (India) onderzoek te doen naar sociaaleconomische voorwaarden voor het ontwerpen van een water-gerelateerde gezondheidsinterventie. Ik mocht hiervoor drie maanden onderzoek doen in arbeiderswijken in Delhi.

    Naast mijn studie heb ik als verpleegkundige gewerkt. Ook sportte ik een aantal keer per week en had ik tijd over om mijn sociale contacten te onderhouden.

    Het liefst zou ik een baan willen hebben waarbij ik praktijk en onderzoek kan combineren, bijvoorbeeld als docent of onderzoeker waarbij veldwerk mogelijk is. Graag zou ik daarin een brug willen slaan tussen praktijk en wetenschap. Naar mijn idee kan er meer samengewerkt worden, vooral op medisch gebied.

    Mijn tip voor aankomende studenten: verdiep je in het toekomstige werkveld. Wat lijkt je leuk, waar zou je stage willen lopen? Ga tijdig op zoek naar een leuke stageplaats en schroom daarbij niet om buiten het 'Sociologieboekje' te gaan zoeken.

    Sluiten
    – Hinke van der Werf
  • Testimonial van Klazien Offringa

    Leerzaam om deze operatie van dichtbij mee te maken

    Gevolgde opleiding: Masterroute Gezondheid, zorg en welzijn.

    Al in de bachelor vond ik medische sociologie erg interessant. Neem een verschijnsel als medicalisering. Hoe kan het dat ADHD tegenwoordig zo veel voorkomt? Wanneer noemen we iets 'een ziekte'? En hoe gaan mensen zich gedragen als ze officieel 'ziek' zijn?

    Tijdens de masterroute Gezondheid, zorg en welzijn heb ik stage gelopen bij Verslavingszorg Noord-Nederland. Voor mijn afstudeerscriptie heb ik door middel van een experiment onderzocht hoe 'no show' (cliënten die niet op komen dagen) kan worden teruggedrongen.

    Na mijn afstuderen in de masterroute Gezondheid, zorg en welzijn heb ik in eerste instantie gezocht naar een onderzoeksfunctie. Maar al vrij snel kwam ik bij BMC uit. BMC is een adviesbureau dat overheden en organisaties in de publieke sector ondersteunt bij het ontwikkelen, implementeren en uitvoeren van beleid.

    Als trainee maatschappelijke ontwikkeling heb ik een contract voor veertig uur per week. Daarvan word ik voor 36 uur gedetacheerd bij een opdrachtgever, in mijn geval op dit moment bij een gemeente. Daarnaast krijg ik vier uur per week trainingen. Over vaardigheden zoals schriftelijke en professionele communicatie bijvoorbeeld, maar ook over inhoudelijke kwesties zoals de decentralisaties die op dit moment in volle gang zijn. Ik ben dus én aan het werk én in opleiding. Doordat je in een groep start met andere pas-afgestudeerden voel je je snel thuis in de organisatie.

    Ik hou mij bezig met ontwikkelingen in het sociaal domein. Door drie omvangrijke decentralisaties hebben gemeenten sinds 1 januari 2015 veel verantwoordelijkheid op het gebied van zorg en maatschappelijke ondersteuning. Als projectondersteuner help ik bij het vormgeven van nieuw beleid. Ik ben bij vergaderingen, help met verslaglegging en schrijf nota's en collegevoorstellen. Er moet veel besloten en geregeld worden. Gaat de gemeente met een sociaal wijkteam werken? En hoe moeten we mantelzorgers gaan waarderen?

    Het is spannend en leerzaam om deze operatie van dichtbij mee te maken. Je wordt echt in het diepe gegooid. In principe ben ik voor een bepaalde periode gedetacheerd. Daarna begin je aan een nieuwe klus. Die afwisseling spreekt me erg aan. Het lijkt me ook leerzaam; geen gemeente is hetzelfde.

    Ik heb tijdens mijn opleiding onderzoek gedaan naar de leefbaarheid en sociale cohesie in wijken. Hele actuele onderwerpen, nu gemeenten de zelfredzaamheid van burgers wil vergroten door meer van hun netwerk te vragen. Daarnaast leer je tijdens de opleiding dat problemen meestal niet op zichzelf staan. Dit is precies waar gemeenten momenteel op anticiperen. In plaats van allerlei hulpverleners die allemaal een ander probleem proberen op te lossen, is er een verschuiving gaande naar het idee van 'één gezin, één plan, één regisseur'.

    In mijn werk heb ik er ook profijt van dat er tijdens de opleiding sociologie veel aandacht wordt besteed aan schrijf- en presentatievaardigheden. Wel had ik achteraf wat meer beleidsvakken willen volgen, iets wat masterstudenten nu gelukkig verplicht doen. Want ik zie: beleid is bijna overal.'

    Wil je Klazien iets vragen over de masterroute Gezondheid, zorg en welzijn of over haar werk als trainee-beleidsadviseur? Neem dan contact met haar op.

    Sluiten
    – Klazien Offringa
  • Testimonial van Loes van Rijsewijk

    'Opeens werd ik als collega beschouwd'

    Gevolgde opleiding: Research Master.

    'Ik ging sociologie studeren om leraar te worden. Tijdens het schrijven van mijn bachelorscriptie leerde ik echter wat onderzoek doen écht inhoudt. Ik ging aan de slag met een persoonlijke begeleider en een eigen onderwerp: de invloed van schoolprestaties op probleemgedrag. Zo ervoer ik hoe interessant wetenschappelijk onderzoek is als je een onderwerp hebt waar je alles over wilt weten.

    Daarop besloot ik de research master te gaan volgen. In deze master werk je in een select groepje van slimme en gemotiveerde studenten uit verschillende disciplines. Dat heeft mijn horizon enorm verbreed. Er is in het programma ook veel ruimte om nieuwe dingen te leren. Pas tijdens de research master kreeg ik het idee: nu weet ik wat ik kan met statistiek.

    Nog belangrijker was dat ik leerde hoe ik mijn eigen onderzoek en dat van anderen moest interpreteren en kritisch kon beschouwen. In de onderzoeksgroep waar ik als student deel van uitmaakte werd ik door ervaren onderzoekers opeens als een collega beschouwd die waardevolle input leverde.

    In de research master leer je bovendien te zoeken naar een wetenschappelijke niche: iets waar nog niet veel over bekend is. Zo kwam ik erachter dat we veel weten over probleemgedrag onder jongeren, maar weinig over hun positieve gedrag. Van mijn afstudeerscriptie over hulpgedrag onder jongeren heb ik een onderzoeksvoorstel gemaakt. Daarvoor heb ik een landelijke onderzoekstalent-beurs gekregen. Daardoor kan ik nu vier jaar onderzoek doen.

    Aan de hand van netwerkgegevens van jongeren op een grote middelbare school onderzoek ik wie door wie wordt geholpen. Wie helpt je met je huiswerk, wie met het plakken van je band, wie als je het even niet meer ziet zitten? Uit mijn eerste resultaten blijkt dat gelijkgezinden elkaar helpen. Jongeren met veel emotionele problemen helpen bijvoorbeeld andere jongeren met emotionele problemen. Misschien begrijpen ze elkaar goed. Maar het kan ook een risico zijn als ze elkaar de put in praten.

    Het werk als onderzoeker is vrij en afwisselend. Ik bestudeer artikelen, ontwikkel vragenlijsten, verzamel gegevens en analyseer data. Over mijn bevindingen schrijf ik wetenschappelijke artikelen die ik op conferenties presenteer aan vakgenoten uit het buitenland. Zo hoop ik bij te dragen aan de kennis over jongeren. Het gaat traag, maar het gaat wel vooruit. Inmiddels begeleid ik ook eerstejaars studenten in een project. Zo geef ik toch nog les.'

    Wil je Loes iets vragen over de research master of over haar werk als wetenschappelijk onderzoeker? Neem dan
    contact met haar op.

    Sluiten
    – Loes van Rijsewijk
  • Testimonial van Ralph Mennes

    'Wij gaan op zoek naar de verborgen populatie'

    'Tijdens mijn master raakte ik geïnteresseerd in de relatie tussen antisociaal gedrag van jongeren en populariteit. Toen ik voor mijn afstudeerscriptie een sociale netwerkanalyse maakte van leerlingen op een middelbare school, merkte ik dat ik onderzoek doen boeiend vond. Als student-assistent zette ik mijn onderzoek daarom nog een paar maanden voort.

    Na mijn afstuderen heb ik meerdere onderzoeksbureaus aangeschreven, maar het was door de economische crisis een lastige tijd om werk te vinden. Via een werkervaringsplek ben ik uiteindelijk bij Intraval terechtgekomen en dat bleek een schot in de roos.

    Intraval doet beleidsonderzoek voor diverse opdrachtgevers. Vooral ministeries en gemeenten, maar ook organisaties in de zorg- en veiligheidssector. Het onderzoek en advies concentreert zich voornamelijk rond vier thema's: leefbaarheid, welzijn, jeugd en verslaving. We vormen een schakel tussen wetenschap en beleid door onze conclusies te baseren op gedegen onderzoek. Daarbij proberen we kwalitatieve en kwantitatieve onderzoeksmethoden te combineren. In een onderzoek kunnen dus zowel diepte-interviews als statistische analyses worden gebruikt.

    Een belangrijke expertise is ons vermogen om de zogeheten hidden population, de “verborgen doelgroep”, te bereiken. Deze doelgroep bevindt zich meestal aan de randen van de samenleving. Daarbij kun je denken aan daklozen, verslaafden en prostituees. Om na te gaan hoe het zit gaan we naar de doelgroep toe. Zo ondervragen we bijvoorbeeld coffeeshopbezoekers in de coffeeshop. Ik zit dus niet alleen op kantoor en dat maakt mijn werk afwisselend.

    Vaak werk ik aan meerdere projecten tegelijk. Soms twee, soms vijf. Het eerste onderzoek waarbij ik betrokken ben geweest was een studie naar de onveiligheidsbeleving in Tilburg. De lokale overheid maakte al jaren beleid, maar het lukte niet om de onveiligheidsgevoelens terug te dringen. Wij hebben op basis van enquêtes en interviews onderzocht hoe dat kwam. Heerlijk dat ik me mocht uitleven op zo'n grote dataverzameling.

    In ons rapport concluderen we dat de onveiligheidsgevoelens worden gevoed door een diepgeworteld wantrouwen tegenover instanties, zoals de politie en de gemeente. Daardoor ontstaat ook wantrouwen naar andere buurtbewoners. We doen in het rapport een aantal aanbevelingen waardoor de gemeente het vertrouwen weer terug kan winnen. De onveiligheidsbeleving blijkt  hier een complex sociaal verschijnsel, dat niet zomaar is op te lossen door het plaatsen van een enkele lantaarnpaal waardoor de straat beter verlicht is.  Als onderzoeker ontrafel je dagelijks zulke sociologische vraagstukken.'

    Wil je Ralph iets vragen over de master route Criminaliteit en Veiligheid of over zijn werk als onderzoeker? Neem dan contact met hem op.

    Sluiten
    – Ralph Mennes
  • Testimonial van Tom Drukker

    'Ik wil mijn leerlingen leren een beargumenteerd standpunt in te nemen'

    Gevolgde opleiding: Educatieve master.

    'Ik heb lang getwijfeld toen ik een master moest kiezen. Uiteindelijk heeft het onderwijs als sector de doorslag gegeven, vooral vanwege de ideële overtuiging dat goed onderwijs ertoe doet.

    Onderwijs zie ik als een essentiële schakel tussen persoonlijke en maatschappelijke ontwikkeling. Voor de klas staan trok me toen nog niet eens zozeer. Maar ik dacht wel: als je iets in het onderwijs wilt doen, moet je voor de klas gestaan hebben, met je voeten in de klei.

    ls docent maatschappijleer wil ik mijn leerlingen leren op basis van argumenten een standpunt in te nemen over een sociaal probleem of een maatschappelijke ontwikkeling. Als ze straks mogen stemmen, hoop ik dat ze een weloverwogen keuze maken. Of dat nu een stem op een linkse of op een rechtse partij is doet er niet toe. Ik hoop alleen niet dat ze zomaar wat roepen.

    De educatieve master heeft twee componenten: de vakinhoud – wat leer je ze? – en vakdidactiek – hoe doe je dat? In maatschappijleer staan de thema's politiek, recht, de verzorgingsstaat en de pluriforme samenleving centraal. Sociologische concepten als sociale cohesie en sociale ongelijkheid komen binnen die onderwerpen wel aan bod, maar van mij zou het nog wel wat sociologischer mogen.

    In het nieuwe examenprogramma voor het verdiepende keuzevak maatschappijwetenschappen zie ik wel meer sociologie. Het gaat over begrippen als binding, verhouding, vorming en verandering. Daar herken ik de hoofdvragen van de sociologie in: sociale cohesie, sociale ongelijkheid, identiteit en rationalisering. Voor een Havo 4-klas is dat wat abstract. Aan de hand van thema's als onderwijs en massamedia probeer ik die concepten concreet te maken.

    Didactiek – hoe leren leerlingen en hoe kun je daar als docent aan bijdragen? – is te leren. Ik maak nog steeds gebruik van de lesopzet die ik tijdens de educatieve master heb ontwikkeld. Maar als docent heb je ook een bepaalde persoonlijkheid nodig. Er zijn permanent 25 paar ogen op je gericht. Als je dat moeilijk vindt, sta je al met 1-0 achter. Het leraarschap is niet voor iedereen weggelegd, denk ik. Tijdens je stage kom je er gauw genoeg achter of het iets voor je is.

    De eerste jaren kostte het lesgeven me veel energie. Maar het gaat me steeds beter af. Ik heb mijn bakens ook wat verzet. Eerst had ik hoge verwachtingen over wat ik leerlingen kon leren, maar nu haal ik vooral voldoening uit persoonlijk contact.

    Naast mijn werk als docent maak ik op school onderdeel uit van de beleidsgroep en de onderzoeksgroep. In de beleidsgroep bespreken we onder andere het nieuwe schoolplan, waarin bijvoorbeeld wordt vastgelegd hoe we als school willen omgaan met sociale media. In de onderzoeksgroep volgen we de implementatie van onderwijsinnovaties, zoals digitaal toetsen. Het aantrekkelijke van het onderwijs is dat je in deeltijd kunt werken. Naast het lesgeven ben ik nu ook begonnen met het opzetten van een bureautje voor sociaalwetenschappelijk onderzoek.'

    Wil je Tom iets vragen over de educatieve master of over zijn werk als docent maatschappijleer? Neem dan contact met hem op.

    Sluiten
    – Tom Drukker
  • Testimonial van Reinder van Zaane

    Het vak 'Sociale determinanten van gezondheid' sprak me heel erg aan.

    Vóór mijn master heb ik Fysiotherapie gedaan aan de Hanzehogeschool. Dat vond ik wel leuk, maar ik kwam er gaandeweg achter dat ik geen behandelaar wilde worden. Ik miste de wetenschap en de verdieping.

    Daarom volg ik nu de master Gezondheid, Welzijn & Zorg, de medische specialisatie van de master Sociologie. Dat past bij mijn interesse in de gezondheidszorg, maar is wel anders dan mijn vooropleiding. Bij Fysiotherapie keken we altijd puur medisch en fysiek naar klachten, terwijl we hier met de sociale en sociologische kant bezig zijn.

    Ik vind de master erg leuk! Tijdens het schakeljaar heb ik veel bijgespijkerd, vooral statistiek, er kwam een heleboel aan bod in korte tijd. Nu in de master merk ik juist dat er verdiepende vakken op de voorgrond staan, dat spreekt me erg aan.

    'Sociale determinanten van gezondheid' is bijvoorbeeld zo'n vak. Dat gaat erover hoe sociale en maatschappelijke factoren invloed hebben op je gezondheid. Het effect daarvan kan net zo sterk zijn als dat van roken. Op zo'n manier had ik nog nooit naar gezondheid gekeken! Naast de colleges die we volgden, gingen we voor dit vak langs bij de gemeente en bij een sociaal wijkteam. We zagen dus echt mensen in de praktijk bezig. Dat maakte indruk.

    Ook met de 'gewone' colleges heb ik hele goeie ervaringen. Een vak dat me bijzonder is bijgebleven is 'Beleidsontwerp'. De docent gebruikte geen sheets in zijn colleges, hij vertelde alleen maar. Aan het begin dacht ik: oei, hoe ga ik dit allemaal onthouden? Maar hij wist ieder college weer in twee uur tijd een prachtig verhaal neer te zetten, waarbij je precies snapte hoe dingen werkten. En je onthoudt het, ook nadat je je tentamen al gehaald hebt.

    Na mijn studie zou ik heel graag beleidswerk willen doen, bij de gemeente of de GGD bijvoorbeeld. Of iets doen bij sociale wijkteams. Het lijkt me in elk geval heel erg leuk om me bezig te houden met manieren om de gezondheidszorg nog beter in te richten.

    Sluiten
    – Reinder van Zaane
  • Testimonial van Marieke Lamers

    In mijn werk bij Zunderdorp Beleidsadvies & Management heb ik veel aan de kennis over beleid en onderzoek en medicalisering en sociale cohesie die ik in mijn master heb opgedaan

    Ik heb de master Sociologie gevolgd, met als specialisatieroute Gezondheid, Welzijn en Zorg. Ik was altijd al erg geïnteresseerd in de gezondheidszorg. Na de bachelor sociologie – waarin ik in een keuzevak kennis maakte met medische sociologie– leek deze masterroute me een goed vervolg.

    Tijdens mijn master heb ik stage gelopen bij ZorgfocuZ, een onderzoeksbureau in de zorg- en welzijnssector. Na mijn stage heb ik daar nog zo’n anderhalf jaar gewerkt.

    Nu werk ik bij Zunderdorp Beleidsadvies & Management. Via een docent van Sociologie kwam ik in contact gekomen met dit bedrijf. Hij wist dat er een vacature was en vond het wel iets voor mij. Dat was geluk, want de baan bleek inderdaad goed bij me te passen!

    Zunderdorp verzorgt strategisch advies en procesbegeleiding voor gemeenten, VNG, gemeentelijke netwerken als de G4 en de G32 en non-profit instellingen. Ik werk regelmatig aan zorg gerelateerde projecten, bijvoorbeeld op het gebied van Jeugdzorg of de Wet maatschappelijke ondersteuning. Maar niet alles wat ik doe heeft direct met gezondheidszorg te maken. Ik houd me ook bezig met thema’s als onderwijs en werk en inkomen. Het werk is dus heel afwisselend, en gelukkig is het absoluut niet zo dat ik door de masterroute die ik heb gekozen beperkt ben in de gebieden waar ik me mee bezig kan houden.

    De master Sociologie heeft me goed voorbereid op het werk dat ik nu doe. Naast de basale vaardigheden die je sowieso moet leren op de universiteit – zelfstandig werken, kritisch nadenken, schrijven – heb ik dankzij mijn opleiding achtergrondkennis opgedaan waar ik nu nog steeds veel aan heb. Ik heb veel profijt van de kennis die ik in mijn master heb opgedaan over beleid en onderzoek, maar ook over bijvoorbeeld medicalisering en sociale cohesie. De kennis die ik heb opgedaan in mijn master vormt dan ook een goede basis voor mijn huidige werkzaamheden.

    Sluiten
    – Marieke Lamers
  • Testimonial van Arie Glebbeek

    Arie Glebbeek - docent Beleidsontwerp & Arbeidssociologie

    Ik geef in de Bachelor het vak arbeidssociologie en in de Master geef ik beleidsontwerp. Mijn expertise ligt voornamelijk bij arbeidssociologie, beleidssociologie en sociale welvaart. Deze thema's houden zich bezig met alle grote maatschappelijke problemen van onze tijd. Heel veel kwesties die ons bezig houden en die ons bestaan kleuren zijn eigenlijk sociaal economische kwesties.

    Arbeidssociologie ligt in de kern daarvan. Je houdt je onder andere bezig met de arbeidsmarkt, de arbeidsverhoudingen, inkomensontwikkeling, de relatie tussen arbeid en vrije tijd en de loopbanen van mensen. Dit is heel boeiend, en te meer ook omdat er zich steeds weer nieuwe dingen voordoen. Dat wil zeggen; soms zijn het hele oude kwesties die optreden. Een voorbeeld hiervan is de economische crisis van het afgelopen decennium. Dit was eigenlijk een hele “klassieke” crisis die dezelfde oorzaken had als de grote crisis van de jaren 30. Er zijn  natuurlijk ook heel veel dingen die we voor het eerst meemaken, zoals de flexibilisering van de arbeidsmarkt of de afstemming tussen werk en privé. Met de moderne informatie technologieën zijn deze werelden enorm in elkaar geschoven.

    Bij beleidsontwerp behandel je in feite alle beleidsterreinen. Hierin komen vraagstukken m.b.t. onderwijs, criminaliteit of gezondheidszorg aan de orde. De scoop is heel breed. In mijn colleges probeer ik altijd zoveel mogelijk gebruik te maken van actuele voorbeelden.

    De opleiding sociologie is gestructureerd langs de vier voornaamste maatschappelijke ordes. Deze zijn; de markt, de overheid, organisaties én de gemeenschap. In de vakken die ik geef leen ik dan ook waar het nodig is van andere wetenschappen; zoals de economie. Er zitten veel economische inzichten geïncorporeerd in de vakken die ik geef. Wat is dan specifiek sociologisch domein? Sociologen hebben bij uitstek oog voor het feit dat mensen sociale behoeften hebben. Alle goederen en diensten die we produceren betekenen welvaart, maar onze welvaart hangt in belangrijke mate ook af van de tijd en ruimte die we voor elkaar hebben. Wat bij uitstek een sociologische opbrengst is van mensen is sociale waardering; de waardering die je van elkaar krijgt. Deze waardering is net zo belangrijk voor mensen als de goederen en diensten die ze hebben. Ik probeer in de vakken die ik geef dan ook nadrukkelijk de sociale welvaart en de bronnen van sociale waardering  te incorporeren.

    Sluiten
    – Arie Glebbeek
  • Testimonial van Jan Kornelis Dijkstra

    Universitair hoofddocent MSc Sociologie, route Criminaliteit en Veiligheid

    Mijn naam is Jan Kornelis Dijkstra en ik ben universitair hoofddocent bij de master Sociologie en daar ben ik betrokken bij de route Criminaliteit en Veiligheid, één van de specialisaties die we bij deze master aanbieden.

    De route Criminaliteit en Veiligheid bouwt deels voort op wat er in de bachelor gedaan wordt, maar is een zelfstandige opleiding. Het is een verdieping van theorieën, toegepast op verschillende specifieke vormen van criminaliteit zoals georganiseerde criminaliteit, zedenmisdrijven en organisatiecriminaliteit. Belangrijk is dat de beleidskern van de opleiding die de studenten van alle routes samen volgen. Dit zijn vakken als Beleidsontwerp en Beleidsevaluatie. Dit is een verdieping op het gebied van beleid en interventies.

    Bij andere universiteiten heb je de opleiding Criminologie. Daar draait dus alles om Criminologie. Bij ons is het een specialisatie binnen de Master Beleid. In die zin denk ik dat we onze studenten breed opleiden. Ze zijn daarom ook breed inzetbaar.

    We werken vaak met essays en opdrachten. Afgelopen jaar moesten studenten bijvoorbeeld kijken naar de inbraakcijfers in Groningen. Wat zijn nou precies de hot spots? Kunnen we dat verklaren met de data die we hebben? In dat project werken we samen met de politie. Dat is heel leuk en erg leerzaam.

    Zelf ben ik verantwoordelijk voor een theorievak en daarnaast begeleid ik scripties en stages. Vaak vallen stage en scriptie samen. Studenten lopen dan ergens stage en gaan vanuit daar verder met een onderzoek. De scripties variëren van beleidsscripties waarbij bijvoorbeeld gekeken wordt naar de politie-inzet tijdens Oud en Nieuw en hoe dat geoptimaliseerd kan worden tot meer criminaliteitsscripties die gaan over de inbraakcijfers tussen verschillende wijken in Leeuwarden. Mijn specialisatie is de jeugdcriminaliteit, maar ik houd me ook veel bezig met georganiseerde criminaliteit.

    De studenten van ons komen eigenlijk altijd wel goed terecht. Het thema criminaliteit en veiligheid is een thema dat blijft spelen. Terrorisme, jeugdcriminaliteit: het is vaak in het nieuws. Het is en blijft actueel.

    Sluiten
    – Jan Kornelis Dijkstra
  • Testimonial van Erik Geerlink

    Onderzoeker bij het marktonderzoeksbureau InSites Consulting in Rotterdam

    Voordat ik aan master Sociologie begon heb ik de HBO bachelor Management Economie en Recht gedaan. Ik wilde daarna verder studeren en sociologie sprak me aan omdat het echt op de mens gericht was en niet alleen op cijfers en economie. Ik moest eerst de pre-master doen, wat vrij zwaar was met veel statistiek, maar ook erg interessant.

    Tijdens mijn master wilde ik graag al werken, en op een dag ben ik het Centrum voor Arbeid en Beleid (CAB) in Groningen binnengelopen om te vragen of ik daar stage kon lopen. Dat kon en tijdens de gehele master heb ik dat twee dagen per week gedaan. Het CAB is een onderzoeks- en adviesbureau dat vooral voor lagere overheden onderzoek doet naar sociaal welzijn en sociale zekerheid, bijvoorbeeld naar mensen in de bijstand.

    Ik mocht vanaf het begin al meehelpen met onderzoek doen. Ik las bijvoorbeeld beleidsteksten van gemeentes en nam interviews af. Dat was heel leuk en leerzaam omdat ik hetgeen ik leerde tijdens mijn studie direct kon toepassen in de praktijk.

    Na mijn afstuderen mocht ik bij het CAB blijven werken. Na een tijdje ben ik geswitcht van baan omdat ik ook graag eens op een ander gebied onderzoek wilde doen. Nu werk ik als onderzoeker bij het marktonderzoeksbureau InSites Consulting in Rotterdam.

    Dit bureau doet marktonderzoek voor grote, internationale bedrijven. Wij onderzoeken voor bedrijven wat consumenten vinden, voelen, denken en doen; hoe consumenten tegen hun bedrijf aankijken. We geven de bedrijven advies hoe ze dit beeld kunnen verbeteren. Het is heel leuk als je dit advies dan na een tijdje terugziet in bijvoorbeeld een reclamecampagne of een nieuw product.

    Het onderwerp dat ik onderzoek is veranderd, maar de onderzoekstechnieken zijn eigenlijk hetzelfde: Interviews afnemen, resultaten analyseren, rapporten schrijven. Bedrijven willen snel resultaat hebben, dat maakt het werk uitdagend. Ik vind mijn baan heel erg leuk, we zijn eigenlijk de schakel tussen de consument en het bedrijf. Het is leuk om hen dichter bij elkaar te brengen.

    De vaardigheden die ik tijdens mijn studie heb geleerd pas ik nog steeds dagelijks toe. Vooral natuurlijk de onderzoeksvaardigheden, maar ook het kritisch nadenken. Ik kan iedere student adviseren om tijdens je studie stage te gaan lopen. Je leert er heel veel van en het vergemakkelijkt je entree op de arbeidsmarkt enorm.

    Sluiten
    – Erik Geerlink
  • Testimonial van Hinke van der Werf

    Bij mij waren de statistiekvakken juist favoriet!

    Ik heb eerst de opleiding hbo-v gevolgd en daarna gekozen voor het schakelprogramma en de master Sociologie van Gezondheid, Zorg & Welzijn. Ik wilde me graag in deze richting specialiseren, omdat dit het beste bij mijn verpleegkundige achtergrond aansloot.

    In tegenstelling tot vele anderen, waren de statistiekvakken bij mij juist favoriet, omdat ik het erg nuttig vind om kwantitatieve resultaten op de juiste manier te kunnen weergeven. Daarnaast vond ik de mastervakken erg interessant, met name de vakken over beleid en de keuzevakken in de richting van Gezondheid, Zorg & Welzijn.

    Eerst vond ik het moeilijk een goed gestructureerde tekst te schrijven. Hieraan wordt gelukkig binnen de opleiding Sociologie veel aandacht besteed. Dat was erg nuttig bij het schrijven van mijn scriptie, voor mij de grootste uitdaging: je moet daarin bewijzen dat je onderzoek kan doen en op de juiste manier verwoorden hoe je dit onderzoek hebt gedaan. De stage vond ik het allerleukste aan mijn studie. Ik werd namelijk gevraagd door de Technische Universiteit in Delft om in Delhi (India) onderzoek te doen naar sociaaleconomische voorwaarden voor het ontwerpen van een water-gerelateerde gezondheidsinterventie. Ik mocht hiervoor drie maanden onderzoek doen in arbeiderswijken in Delhi.

    Naast mijn studie heb ik als verpleegkundige gewerkt. Ook sportte ik een aantal keer per week en had ik tijd over om mijn sociale contacten te onderhouden.

    Het liefst zou ik een baan willen hebben waarbij ik praktijk en onderzoek kan combineren, bijvoorbeeld als docent of onderzoeker waarbij veldwerk mogelijk is. Graag zou ik daarin een brug willen slaan tussen praktijk en wetenschap. Naar mijn idee kan er meer samengewerkt worden, vooral op medisch gebied.

    Mijn tip voor aankomende studenten: verdiep je in het toekomstige werkveld. Wat lijkt je leuk, waar zou je stage willen lopen? Ga tijdig op zoek naar een leuke stageplaats en schroom daarbij niet om buiten het 'Sociologieboekje' te gaan zoeken.

    Sluiten
    – Hinke van der Werf
  • Testimonial van Klazien Offringa

    Leerzaam om deze operatie van dichtbij mee te maken

    Gevolgde opleiding: Masterroute Gezondheid, zorg en welzijn.

    Al in de bachelor vond ik medische sociologie erg interessant. Neem een verschijnsel als medicalisering. Hoe kan het dat ADHD tegenwoordig zo veel voorkomt? Wanneer noemen we iets 'een ziekte'? En hoe gaan mensen zich gedragen als ze officieel 'ziek' zijn?

    Tijdens de masterroute Gezondheid, zorg en welzijn heb ik stage gelopen bij Verslavingszorg Noord-Nederland. Voor mijn afstudeerscriptie heb ik door middel van een experiment onderzocht hoe 'no show' (cliënten die niet op komen dagen) kan worden teruggedrongen.

    Na mijn afstuderen in de masterroute Gezondheid, zorg en welzijn heb ik in eerste instantie gezocht naar een onderzoeksfunctie. Maar al vrij snel kwam ik bij BMC uit. BMC is een adviesbureau dat overheden en organisaties in de publieke sector ondersteunt bij het ontwikkelen, implementeren en uitvoeren van beleid.

    Als trainee maatschappelijke ontwikkeling heb ik een contract voor veertig uur per week. Daarvan word ik voor 36 uur gedetacheerd bij een opdrachtgever, in mijn geval op dit moment bij een gemeente. Daarnaast krijg ik vier uur per week trainingen. Over vaardigheden zoals schriftelijke en professionele communicatie bijvoorbeeld, maar ook over inhoudelijke kwesties zoals de decentralisaties die op dit moment in volle gang zijn. Ik ben dus én aan het werk én in opleiding. Doordat je in een groep start met andere pas-afgestudeerden voel je je snel thuis in de organisatie.

    Ik hou mij bezig met ontwikkelingen in het sociaal domein. Door drie omvangrijke decentralisaties hebben gemeenten sinds 1 januari 2015 veel verantwoordelijkheid op het gebied van zorg en maatschappelijke ondersteuning. Als projectondersteuner help ik bij het vormgeven van nieuw beleid. Ik ben bij vergaderingen, help met verslaglegging en schrijf nota's en collegevoorstellen. Er moet veel besloten en geregeld worden. Gaat de gemeente met een sociaal wijkteam werken? En hoe moeten we mantelzorgers gaan waarderen?

    Het is spannend en leerzaam om deze operatie van dichtbij mee te maken. Je wordt echt in het diepe gegooid. In principe ben ik voor een bepaalde periode gedetacheerd. Daarna begin je aan een nieuwe klus. Die afwisseling spreekt me erg aan. Het lijkt me ook leerzaam; geen gemeente is hetzelfde.

    Ik heb tijdens mijn opleiding onderzoek gedaan naar de leefbaarheid en sociale cohesie in wijken. Hele actuele onderwerpen, nu gemeenten de zelfredzaamheid van burgers wil vergroten door meer van hun netwerk te vragen. Daarnaast leer je tijdens de opleiding dat problemen meestal niet op zichzelf staan. Dit is precies waar gemeenten momenteel op anticiperen. In plaats van allerlei hulpverleners die allemaal een ander probleem proberen op te lossen, is er een verschuiving gaande naar het idee van 'één gezin, één plan, één regisseur'.

    In mijn werk heb ik er ook profijt van dat er tijdens de opleiding sociologie veel aandacht wordt besteed aan schrijf- en presentatievaardigheden. Wel had ik achteraf wat meer beleidsvakken willen volgen, iets wat masterstudenten nu gelukkig verplicht doen. Want ik zie: beleid is bijna overal.'

    Wil je Klazien iets vragen over de masterroute Gezondheid, zorg en welzijn of over haar werk als trainee-beleidsadviseur? Neem dan contact met haar op.

    Sluiten
    – Klazien Offringa
  • Testimonial van Loes van Rijsewijk

    'Opeens werd ik als collega beschouwd'

    Gevolgde opleiding: Research Master.

    'Ik ging sociologie studeren om leraar te worden. Tijdens het schrijven van mijn bachelorscriptie leerde ik echter wat onderzoek doen écht inhoudt. Ik ging aan de slag met een persoonlijke begeleider en een eigen onderwerp: de invloed van schoolprestaties op probleemgedrag. Zo ervoer ik hoe interessant wetenschappelijk onderzoek is als je een onderwerp hebt waar je alles over wilt weten.

    Daarop besloot ik de research master te gaan volgen. In deze master werk je in een select groepje van slimme en gemotiveerde studenten uit verschillende disciplines. Dat heeft mijn horizon enorm verbreed. Er is in het programma ook veel ruimte om nieuwe dingen te leren. Pas tijdens de research master kreeg ik het idee: nu weet ik wat ik kan met statistiek.

    Nog belangrijker was dat ik leerde hoe ik mijn eigen onderzoek en dat van anderen moest interpreteren en kritisch kon beschouwen. In de onderzoeksgroep waar ik als student deel van uitmaakte werd ik door ervaren onderzoekers opeens als een collega beschouwd die waardevolle input leverde.

    In de research master leer je bovendien te zoeken naar een wetenschappelijke niche: iets waar nog niet veel over bekend is. Zo kwam ik erachter dat we veel weten over probleemgedrag onder jongeren, maar weinig over hun positieve gedrag. Van mijn afstudeerscriptie over hulpgedrag onder jongeren heb ik een onderzoeksvoorstel gemaakt. Daarvoor heb ik een landelijke onderzoekstalent-beurs gekregen. Daardoor kan ik nu vier jaar onderzoek doen.

    Aan de hand van netwerkgegevens van jongeren op een grote middelbare school onderzoek ik wie door wie wordt geholpen. Wie helpt je met je huiswerk, wie met het plakken van je band, wie als je het even niet meer ziet zitten? Uit mijn eerste resultaten blijkt dat gelijkgezinden elkaar helpen. Jongeren met veel emotionele problemen helpen bijvoorbeeld andere jongeren met emotionele problemen. Misschien begrijpen ze elkaar goed. Maar het kan ook een risico zijn als ze elkaar de put in praten.

    Het werk als onderzoeker is vrij en afwisselend. Ik bestudeer artikelen, ontwikkel vragenlijsten, verzamel gegevens en analyseer data. Over mijn bevindingen schrijf ik wetenschappelijke artikelen die ik op conferenties presenteer aan vakgenoten uit het buitenland. Zo hoop ik bij te dragen aan de kennis over jongeren. Het gaat traag, maar het gaat wel vooruit. Inmiddels begeleid ik ook eerstejaars studenten in een project. Zo geef ik toch nog les.'

    Wil je Loes iets vragen over de research master of over haar werk als wetenschappelijk onderzoeker? Neem dan
    contact met haar op.

    Sluiten
    – Loes van Rijsewijk
  • Testimonial van Ralph Mennes

    'Wij gaan op zoek naar de verborgen populatie'

    'Tijdens mijn master raakte ik geïnteresseerd in de relatie tussen antisociaal gedrag van jongeren en populariteit. Toen ik voor mijn afstudeerscriptie een sociale netwerkanalyse maakte van leerlingen op een middelbare school, merkte ik dat ik onderzoek doen boeiend vond. Als student-assistent zette ik mijn onderzoek daarom nog een paar maanden voort.

    Na mijn afstuderen heb ik meerdere onderzoeksbureaus aangeschreven, maar het was door de economische crisis een lastige tijd om werk te vinden. Via een werkervaringsplek ben ik uiteindelijk bij Intraval terechtgekomen en dat bleek een schot in de roos.

    Intraval doet beleidsonderzoek voor diverse opdrachtgevers. Vooral ministeries en gemeenten, maar ook organisaties in de zorg- en veiligheidssector. Het onderzoek en advies concentreert zich voornamelijk rond vier thema's: leefbaarheid, welzijn, jeugd en verslaving. We vormen een schakel tussen wetenschap en beleid door onze conclusies te baseren op gedegen onderzoek. Daarbij proberen we kwalitatieve en kwantitatieve onderzoeksmethoden te combineren. In een onderzoek kunnen dus zowel diepte-interviews als statistische analyses worden gebruikt.

    Een belangrijke expertise is ons vermogen om de zogeheten hidden population, de “verborgen doelgroep”, te bereiken. Deze doelgroep bevindt zich meestal aan de randen van de samenleving. Daarbij kun je denken aan daklozen, verslaafden en prostituees. Om na te gaan hoe het zit gaan we naar de doelgroep toe. Zo ondervragen we bijvoorbeeld coffeeshopbezoekers in de coffeeshop. Ik zit dus niet alleen op kantoor en dat maakt mijn werk afwisselend.

    Vaak werk ik aan meerdere projecten tegelijk. Soms twee, soms vijf. Het eerste onderzoek waarbij ik betrokken ben geweest was een studie naar de onveiligheidsbeleving in Tilburg. De lokale overheid maakte al jaren beleid, maar het lukte niet om de onveiligheidsgevoelens terug te dringen. Wij hebben op basis van enquêtes en interviews onderzocht hoe dat kwam. Heerlijk dat ik me mocht uitleven op zo'n grote dataverzameling.

    In ons rapport concluderen we dat de onveiligheidsgevoelens worden gevoed door een diepgeworteld wantrouwen tegenover instanties, zoals de politie en de gemeente. Daardoor ontstaat ook wantrouwen naar andere buurtbewoners. We doen in het rapport een aantal aanbevelingen waardoor de gemeente het vertrouwen weer terug kan winnen. De onveiligheidsbeleving blijkt  hier een complex sociaal verschijnsel, dat niet zomaar is op te lossen door het plaatsen van een enkele lantaarnpaal waardoor de straat beter verlicht is.  Als onderzoeker ontrafel je dagelijks zulke sociologische vraagstukken.'

    Wil je Ralph iets vragen over de master route Criminaliteit en Veiligheid of over zijn werk als onderzoeker? Neem dan contact met hem op.

    Sluiten
    – Ralph Mennes
  • Testimonial van Tom Drukker

    'Ik wil mijn leerlingen leren een beargumenteerd standpunt in te nemen'

    Gevolgde opleiding: Educatieve master.

    'Ik heb lang getwijfeld toen ik een master moest kiezen. Uiteindelijk heeft het onderwijs als sector de doorslag gegeven, vooral vanwege de ideële overtuiging dat goed onderwijs ertoe doet.

    Onderwijs zie ik als een essentiële schakel tussen persoonlijke en maatschappelijke ontwikkeling. Voor de klas staan trok me toen nog niet eens zozeer. Maar ik dacht wel: als je iets in het onderwijs wilt doen, moet je voor de klas gestaan hebben, met je voeten in de klei.

    ls docent maatschappijleer wil ik mijn leerlingen leren op basis van argumenten een standpunt in te nemen over een sociaal probleem of een maatschappelijke ontwikkeling. Als ze straks mogen stemmen, hoop ik dat ze een weloverwogen keuze maken. Of dat nu een stem op een linkse of op een rechtse partij is doet er niet toe. Ik hoop alleen niet dat ze zomaar wat roepen.

    De educatieve master heeft twee componenten: de vakinhoud – wat leer je ze? – en vakdidactiek – hoe doe je dat? In maatschappijleer staan de thema's politiek, recht, de verzorgingsstaat en de pluriforme samenleving centraal. Sociologische concepten als sociale cohesie en sociale ongelijkheid komen binnen die onderwerpen wel aan bod, maar van mij zou het nog wel wat sociologischer mogen.

    In het nieuwe examenprogramma voor het verdiepende keuzevak maatschappijwetenschappen zie ik wel meer sociologie. Het gaat over begrippen als binding, verhouding, vorming en verandering. Daar herken ik de hoofdvragen van de sociologie in: sociale cohesie, sociale ongelijkheid, identiteit en rationalisering. Voor een Havo 4-klas is dat wat abstract. Aan de hand van thema's als onderwijs en massamedia probeer ik die concepten concreet te maken.

    Didactiek – hoe leren leerlingen en hoe kun je daar als docent aan bijdragen? – is te leren. Ik maak nog steeds gebruik van de lesopzet die ik tijdens de educatieve master heb ontwikkeld. Maar als docent heb je ook een bepaalde persoonlijkheid nodig. Er zijn permanent 25 paar ogen op je gericht. Als je dat moeilijk vindt, sta je al met 1-0 achter. Het leraarschap is niet voor iedereen weggelegd, denk ik. Tijdens je stage kom je er gauw genoeg achter of het iets voor je is.

    De eerste jaren kostte het lesgeven me veel energie. Maar het gaat me steeds beter af. Ik heb mijn bakens ook wat verzet. Eerst had ik hoge verwachtingen over wat ik leerlingen kon leren, maar nu haal ik vooral voldoening uit persoonlijk contact.

    Naast mijn werk als docent maak ik op school onderdeel uit van de beleidsgroep en de onderzoeksgroep. In de beleidsgroep bespreken we onder andere het nieuwe schoolplan, waarin bijvoorbeeld wordt vastgelegd hoe we als school willen omgaan met sociale media. In de onderzoeksgroep volgen we de implementatie van onderwijsinnovaties, zoals digitaal toetsen. Het aantrekkelijke van het onderwijs is dat je in deeltijd kunt werken. Naast het lesgeven ben ik nu ook begonnen met het opzetten van een bureautje voor sociaalwetenschappelijk onderzoek.'

    Wil je Tom iets vragen over de educatieve master of over zijn werk als docent maatschappijleer? Neem dan contact met hem op.

    Sluiten
    – Tom Drukker
  • Testimonial van Reinder van Zaane

    Het vak 'Sociale determinanten van gezondheid' sprak me heel erg aan.

    Vóór mijn master heb ik Fysiotherapie gedaan aan de Hanzehogeschool. Dat vond ik wel leuk, maar ik kwam er gaandeweg achter dat ik geen behandelaar wilde worden. Ik miste de wetenschap en de verdieping.

    Daarom volg ik nu de master Gezondheid, Welzijn & Zorg, de medische specialisatie van de master Sociologie. Dat past bij mijn interesse in de gezondheidszorg, maar is wel anders dan mijn vooropleiding. Bij Fysiotherapie keken we altijd puur medisch en fysiek naar klachten, terwijl we hier met de sociale en sociologische kant bezig zijn.

    Ik vind de master erg leuk! Tijdens het schakeljaar heb ik veel bijgespijkerd, vooral statistiek, er kwam een heleboel aan bod in korte tijd. Nu in de master merk ik juist dat er verdiepende vakken op de voorgrond staan, dat spreekt me erg aan.

    'Sociale determinanten van gezondheid' is bijvoorbeeld zo'n vak. Dat gaat erover hoe sociale en maatschappelijke factoren invloed hebben op je gezondheid. Het effect daarvan kan net zo sterk zijn als dat van roken. Op zo'n manier had ik nog nooit naar gezondheid gekeken! Naast de colleges die we volgden, gingen we voor dit vak langs bij de gemeente en bij een sociaal wijkteam. We zagen dus echt mensen in de praktijk bezig. Dat maakte indruk.

    Ook met de 'gewone' colleges heb ik hele goeie ervaringen. Een vak dat me bijzonder is bijgebleven is 'Beleidsontwerp'. De docent gebruikte geen sheets in zijn colleges, hij vertelde alleen maar. Aan het begin dacht ik: oei, hoe ga ik dit allemaal onthouden? Maar hij wist ieder college weer in twee uur tijd een prachtig verhaal neer te zetten, waarbij je precies snapte hoe dingen werkten. En je onthoudt het, ook nadat je je tentamen al gehaald hebt.

    Na mijn studie zou ik heel graag beleidswerk willen doen, bij de gemeente of de GGD bijvoorbeeld. Of iets doen bij sociale wijkteams. Het lijkt me in elk geval heel erg leuk om me bezig te houden met manieren om de gezondheidszorg nog beter in te richten.

    Sluiten
    – Reinder van Zaane
  • Testimonial van Marieke Lamers

    In mijn werk bij Zunderdorp Beleidsadvies & Management heb ik veel aan de kennis over beleid en onderzoek en medicalisering en sociale cohesie die ik in mijn master heb opgedaan

    Ik heb de master Sociologie gevolgd, met als specialisatieroute Gezondheid, Welzijn en Zorg. Ik was altijd al erg geïnteresseerd in de gezondheidszorg. Na de bachelor sociologie – waarin ik in een keuzevak kennis maakte met medische sociologie– leek deze masterroute me een goed vervolg.

    Tijdens mijn master heb ik stage gelopen bij ZorgfocuZ, een onderzoeksbureau in de zorg- en welzijnssector. Na mijn stage heb ik daar nog zo’n anderhalf jaar gewerkt.

    Nu werk ik bij Zunderdorp Beleidsadvies & Management. Via een docent van Sociologie kwam ik in contact gekomen met dit bedrijf. Hij wist dat er een vacature was en vond het wel iets voor mij. Dat was geluk, want de baan bleek inderdaad goed bij me te passen!

    Zunderdorp verzorgt strategisch advies en procesbegeleiding voor gemeenten, VNG, gemeentelijke netwerken als de G4 en de G32 en non-profit instellingen. Ik werk regelmatig aan zorg gerelateerde projecten, bijvoorbeeld op het gebied van Jeugdzorg of de Wet maatschappelijke ondersteuning. Maar niet alles wat ik doe heeft direct met gezondheidszorg te maken. Ik houd me ook bezig met thema’s als onderwijs en werk en inkomen. Het werk is dus heel afwisselend, en gelukkig is het absoluut niet zo dat ik door de masterroute die ik heb gekozen beperkt ben in de gebieden waar ik me mee bezig kan houden.

    De master Sociologie heeft me goed voorbereid op het werk dat ik nu doe. Naast de basale vaardigheden die je sowieso moet leren op de universiteit – zelfstandig werken, kritisch nadenken, schrijven – heb ik dankzij mijn opleiding achtergrondkennis opgedaan waar ik nu nog steeds veel aan heb. Ik heb veel profijt van de kennis die ik in mijn master heb opgedaan over beleid en onderzoek, maar ook over bijvoorbeeld medicalisering en sociale cohesie. De kennis die ik heb opgedaan in mijn master vormt dan ook een goede basis voor mijn huidige werkzaamheden.

    Sluiten
    – Marieke Lamers
  • Testimonial van Arie Glebbeek

    Arie Glebbeek - docent Beleidsontwerp & Arbeidssociologie

    Ik geef in de Bachelor het vak arbeidssociologie en in de Master geef ik beleidsontwerp. Mijn expertise ligt voornamelijk bij arbeidssociologie, beleidssociologie en sociale welvaart. Deze thema's houden zich bezig met alle grote maatschappelijke problemen van onze tijd. Heel veel kwesties die ons bezig houden en die ons bestaan kleuren zijn eigenlijk sociaal economische kwesties.

    Arbeidssociologie ligt in de kern daarvan. Je houdt je onder andere bezig met de arbeidsmarkt, de arbeidsverhoudingen, inkomensontwikkeling, de relatie tussen arbeid en vrije tijd en de loopbanen van mensen. Dit is heel boeiend, en te meer ook omdat er zich steeds weer nieuwe dingen voordoen. Dat wil zeggen; soms zijn het hele oude kwesties die optreden. Een voorbeeld hiervan is de economische crisis van het afgelopen decennium. Dit was eigenlijk een hele “klassieke” crisis die dezelfde oorzaken had als de grote crisis van de jaren 30. Er zijn  natuurlijk ook heel veel dingen die we voor het eerst meemaken, zoals de flexibilisering van de arbeidsmarkt of de afstemming tussen werk en privé. Met de moderne informatie technologieën zijn deze werelden enorm in elkaar geschoven.

    Bij beleidsontwerp behandel je in feite alle beleidsterreinen. Hierin komen vraagstukken m.b.t. onderwijs, criminaliteit of gezondheidszorg aan de orde. De scoop is heel breed. In mijn colleges probeer ik altijd zoveel mogelijk gebruik te maken van actuele voorbeelden.

    De opleiding sociologie is gestructureerd langs de vier voornaamste maatschappelijke ordes. Deze zijn; de markt, de overheid, organisaties én de gemeenschap. In de vakken die ik geef leen ik dan ook waar het nodig is van andere wetenschappen; zoals de economie. Er zitten veel economische inzichten geïncorporeerd in de vakken die ik geef. Wat is dan specifiek sociologisch domein? Sociologen hebben bij uitstek oog voor het feit dat mensen sociale behoeften hebben. Alle goederen en diensten die we produceren betekenen welvaart, maar onze welvaart hangt in belangrijke mate ook af van de tijd en ruimte die we voor elkaar hebben. Wat bij uitstek een sociologische opbrengst is van mensen is sociale waardering; de waardering die je van elkaar krijgt. Deze waardering is net zo belangrijk voor mensen als de goederen en diensten die ze hebben. Ik probeer in de vakken die ik geef dan ook nadrukkelijk de sociale welvaart en de bronnen van sociale waardering  te incorporeren.

    Sluiten
    – Arie Glebbeek
  • Testimonial van Jan Kornelis Dijkstra

    Universitair hoofddocent MSc Sociologie, route Criminaliteit en Veiligheid

    Mijn naam is Jan Kornelis Dijkstra en ik ben universitair hoofddocent bij de master Sociologie en daar ben ik betrokken bij de route Criminaliteit en Veiligheid, één van de specialisaties die we bij deze master aanbieden.

    De route Criminaliteit en Veiligheid bouwt deels voort op wat er in de bachelor gedaan wordt, maar is een zelfstandige opleiding. Het is een verdieping van theorieën, toegepast op verschillende specifieke vormen van criminaliteit zoals georganiseerde criminaliteit, zedenmisdrijven en organisatiecriminaliteit. Belangrijk is dat de beleidskern van de opleiding die de studenten van alle routes samen volgen. Dit zijn vakken als Beleidsontwerp en Beleidsevaluatie. Dit is een verdieping op het gebied van beleid en interventies.

    Bij andere universiteiten heb je de opleiding Criminologie. Daar draait dus alles om Criminologie. Bij ons is het een specialisatie binnen de Master Beleid. In die zin denk ik dat we onze studenten breed opleiden. Ze zijn daarom ook breed inzetbaar.

    We werken vaak met essays en opdrachten. Afgelopen jaar moesten studenten bijvoorbeeld kijken naar de inbraakcijfers in Groningen. Wat zijn nou precies de hot spots? Kunnen we dat verklaren met de data die we hebben? In dat project werken we samen met de politie. Dat is heel leuk en erg leerzaam.

    Zelf ben ik verantwoordelijk voor een theorievak en daarnaast begeleid ik scripties en stages. Vaak vallen stage en scriptie samen. Studenten lopen dan ergens stage en gaan vanuit daar verder met een onderzoek. De scripties variëren van beleidsscripties waarbij bijvoorbeeld gekeken wordt naar de politie-inzet tijdens Oud en Nieuw en hoe dat geoptimaliseerd kan worden tot meer criminaliteitsscripties die gaan over de inbraakcijfers tussen verschillende wijken in Leeuwarden. Mijn specialisatie is de jeugdcriminaliteit, maar ik houd me ook veel bezig met georganiseerde criminaliteit.

    De studenten van ons komen eigenlijk altijd wel goed terecht. Het thema criminaliteit en veiligheid is een thema dat blijft spelen. Terrorisme, jeugdcriminaliteit: het is vaak in het nieuws. Het is en blijft actueel.

    Sluiten
    – Jan Kornelis Dijkstra
printOok beschikbaar in het: English