Skip to ContentSkip to Navigation
Rijksuniversiteit Groningen/Campus FryslânOnderzoek

De dynamiek van het Friese klei- en veenlandschap

Verborgen schatten in de grond kunnen veel vertellen over de historie van het land en zijn bewoners. Opgravingen leggen een stukje van deze geschiedenis bloot en zijn dan ook van onschatbare waarde. UCF-promovendus Marco Bakker is momenteel bezig met een opgraving van een terp in de buurt van Sneek die uit het begin van de jaartelling stamt.

Het promotieonderzoek van Marco Bakker richt zich op de dynamiek van het Friese klei- en veenlandschap gedurende de late ijzertijd en Romeinse tijd (250 v. C. – 400 n. C.). Fryslân was in deze tijd speelbal van de zee, de bewoners woonden op terpen om zich te beschermen tegen het water. Het zijn dan ook deze terpen waar bij opgravingen veel gebruiksvoorwerpen worden gevonden. Zo hebben Marco en zijn team onlangs nog een unieke vondst gedaan: een goed geconserveerde zeldzame bronzen armband.

Strijd tegen het water
In het plangebied Harinxmaland bij Sneek waar de opgraving wordt gedaan, liggen meer dan 17 terpen in de grond verborgen. Hedendaags is het onderdeel van het Friese kleigebied, maar tweeduizend jaar geleden lag hier nog veen aan de oppervlakte. Veelal werd er gedacht dat in deze periode het veengebied niet geschikt was om te wonen, maar recent is ontdekt dat er wel degelijk nederzettingen in de veengebieden geweest zijn. Belangrijke onderzoeksvraag is waarom mensen zich in de moeilijk begaanbare, moerassige veengebieden gingen vestigen. Was het puur voor de brandstof in de vorm van turf, of ging men het land ontginnen voor landbouw en/of veeteelt?

Naar nu blijkt woonden en werkten de oude Friezen actief in deze venen die aan de rand lagen van het destijds onbedijkte kleigebied. Het land rondom de opgeworpen terpen werd ontgonnen. Het venige land reageerde op deze bewerking door inklinking en oxidatie met als gevolg bodemdaling. Deze natuurlijke reactie zorgde ervoor dat het land vaker onder water liep. De terpen moesten daarom steeds hoger worden om droge voeten te houden en de sloten steeds dieper. Marco Bakker: “De strijd tegen het water is een strijd die al ruim tweeduizend jaar gevoerd wordt, en niet alleen - zoals vaak gedacht wordt - de laatste eeuwen”.

Waarde van het onderzoek
Door de grondlagen en de vondsten te onderzoeken worden veel antwoorden gevonden maar rijzen er ook nieuwe vragen. Marco: “We weten dat de bewoners op een gegeven moment eind derde eeuw n. C. wegtrokken uit Fryslân. Wij willen graag weten waarom. We hopen door de verzamelde informatie en gerichte nieuwe opgravingen verbanden te kunnen leggen om de reden te achterhalen, zodat de geschiedenis van Fryslân in deze periode kan worden vastgelegd.” De resultaten van de opgraving zullen binnen twee jaar bekend worden. Het uiteindelijke onderzoek zal een goed beeld geven over hoe het landschap van Friesland er oorspronkelijk uit moet hebben gezien en op welke manier het al door zijn vroegste bewoners is gevormd naar eigen inzicht.

Onderzoek
Het onderzoek van Marco Bakker wordt mede mogelijk gemaakt door de provincie Fryslân, de Waddenacademie en de Rijksuniversiteit Groningen. Tijdens de opgraving worden er regelmatig open dagen georganiseerd. De laatste open dag in juni trok ruim 500 mensen.

Laatst gewijzigd:10 mei 2017 10:15